Vandaag de dag 06.05.2018

Mijn man heeft zich heel vaak aan mijn volharding geërgerd, en dan zei hij altijd “zaag zo niet”. Herkenbaar? Want dat is nu eenmaal wat mannen en vooral echtgenoten zeggen als ze hun gelijk niet kunnen halen. En hijzelf was ook nogal een koppige steenezel. Een Ram nietwaar!
De laatste jaren van zijn leven moest er elke dag een verpleegster over de vloer komen om zijn diabetesvoeten te verzorgen, en na een tijdje wist ook ik hoe dat moest. En uiteindelijk had mijn man meer vertrouwen in mij, en wat ik van het genezingsproces vond, dan de opinie van de verpleegster, of zelfs de dokter.
Ik heb dat altijd een beetje als een eer geschouwd, en ondanks het feit dat ik altijd “zaagde” merkte ik wel dat hij mij waardeerde en misschien zelfs een klein beetje bewonderde.
Toen dan uiteindelijk zijn been geamputeerd werd en hij tijdens de revalidatie hier nog tweemaal in huis gevallen is, en de hechting terug open was, en hij met spoed terug opgenomen werd, zei ooit één van de mensen van de MUG, “amai wie heeft dat verbonden, dat lijkt wel een professionele”.
Toen waren dat dramatisch omstandigheden, maar nu ben ik blij dat ik die herinneringen heb, want het geeft me het gevoel, dat ik het toch goed gedaan heb voor en bij hem.
Diabetes is een sluipmoordenaar, vooral als je zoals mijn man er mee geboren wordt, en je alvleesklier dus helemaal niet werkt. Maar ik bewonder nog altijd de manier waarop hij er reeds als kind is mee omgegaan. Het was een dappere, een doorzetter, positief en vooral , hij wou zo normaal mogelijk kunnen doen. Vandaar dat ook bijna niemand wist dat hij die tegenslag had, tot hij het helaas niet meer kon verstoppen.
Hij heeft na die amputatie toch nog zes jaar geleefd en ook als “een professionele” zijn plan getrokken met de beenprothese.
Koppig zijn en je eigen wil doen heeft zo zijn voordelen, en bij hem was dat heel duidelijk zo. Je niet laten kisten door je beperkingen maar er een uitdaging van maken, en vooral altijd weer met verlies kunnen omgaan, leek bij hem een aangeboren talent.
Heb dus nooit medelijden met iemand, die dat niet vraagt, want je weet echt niet tot hoeveel meer dan jij, dat die persoon in staat is.

Vandaag de dag 05.05.2018

Ik moet als kleuter toch al een voorgevoel gehad hebben, dat plastiek slecht is voor ons, want ik haatte het, en vooral plastiek bloemen!
Ik herinner mij dat ik een tante had, tante Mathilde, en die woonde in Brussel, in Oudergem, en die kocht altijd plastiek bloemen voor mijn grootmoeder. Op een dag had ze er ook een heel speciale, moderne vaas bij gedaan, in blauw en geel, en in keramiek. Die vaas zag ik doodgraag en mijn grootmoeder beloofde mij dat als ze stierf ik die vaas mocht hebben.
Mijn grootmoeder is gestorven en begraven toen ik als tiener met vakantie in Duitsland was, en toen ik terug thuis kwam was haar schaarse inboedel al verdeeld, en natuurlijk was ook de vaas weg.
Naast mijn grootmoeder woonde een neef van mij, en daar zag ik op een dag de vaas met de plastieken bloemen staan. Ik heb de bloemen eruit gezwierd en de vaas van de tafel geritst voor iemand mij kon tegen houden. Mijn grootmoeder had mij die beloofd, en dus was die van mij!
Het was trouwens het enige souvenir dat ik had. Op een dag is ze van de kleerkast in David zijn kamer gevallen, en was de vaas verloren.
Maar plastiek haat ik nog altijd, en vermits ondertussen gebleken is dat het één van de grootste vervuilers van ons milieu is, is dat gevoel reeds als kind terecht geweest.
Een eigenzinnig klein kind kan wel eens veel meer wijsheid in zich hebben, dan alle volwassenen bij elkaar!

Vandaag de dag 04.05.2018 (2)

Een goeie psychiater moet zijn mond houden. De mijne wist dat. “Ik moet tegen dat meiske niet zeggen wat ze moet doen, want dan doet ze net het tegenovergestelde”., zal hij geweten hebben. Dus hij zweeg en luisterde, en ik mocht het zelf allemaal uitvingeren. De psychiater is enkel je spiegel.
En op één of andere manier is mij dat dus ook gelukt, waarschijnlijk omdat de oplossing al in mezelf weggemoffeld stak, maar ik was ze uit het oog verloren, door mijn uiterste best te willen doen om te zijn wat en wie anderen van mij verwachten.
Ik ben langer naar een psychiater geweest, dan naar school, maar ik had er echt geen universiteit in de plaats voor willen doen. Het was de moeite waard zeker als ik weet, waar ik nu sta.
Het was een serieuze brok studeren, met vallen en opstaan, en ik verzeker je dat ik er een paar keer de brui aan heb willen geven. Zeker tijdens het verblijf in het psychiatrisch ziekenhuis van Kortenberg. Dat was een zottekot, waar de grootste zotten de “normalen” zijn, en waar men je wil kneden tot je weer past in het maatschappelijk plaatje. Ik ben het er afgestapt, en men gaf mij de bedreiging mee dat ik het nooit zou redden, en dat ik vertrok op eigen risico.
Awel ja, op eigen risico, net wat ik nodig had, mij nu eens zelf wagen aan een sprong buiten de afgebakende en veilige grenzen die door anderen aangelegd waren. Uit die ivoren toren komen en tonen dat ik helemaal niet zo braaf en volgzaam was.
Ik heb geen spectaculaire dingen gedaan hoor, maar alleen al durven zeggen wat je denkt, durven breken met wie en wat je ziek maakt is ook al niet zo evident, als je komt van waar ik kwam. Het lukte steeds beter, vooral omdat ik mij steeds sterker bevestigd voelde in wat ik deed, en met af en toe nog de hulp van de psychiater werd ik uiteindelijk terug mezelf, maar dan wel écht mezelf.
Ik had en heb mijn vergeten en verloren waarheid teruggevonden, en elke dag  is weer een ander stukje van de puzzel, want zoiets is natuurlijk nooit af.

Een aantal gedichten die ik schreef tijdens de jarenlange bezoekjes aan de psychiater staan in de bundel De verwerking. Ik heb ze onlangs teruggevonden. Dit is er eentje van.

Thuis

Geen gedeelde zorgen
en geen gedeeld plezier,
en bij ons thuis
werd niet gepraat.

Niets was belangrijker
dan brave, propere kinderen
die zo onzichtbaar mogelijk
werden gemaakt.

Micheline Baetens – 26.11.1991

 

Vandaag de dag 04.05.2018

Van slechte herinneringen heb ik nog enkel last in mijn dromen, maar ze zijn wel hardnekkig en ze beïnvloeden de sfeer overdag.
Ik ga er echter niet over uitweiden, want dan bevestig ik ze nog meer in hun bestaan, en ik ga mij vandaag concentreren op wat er overdag moet gebeuren. Die vervelende triggers die mij aan vroeger doen denken moet ik maar zoveel als mogelijk mijden. Straks spring ik de tuin in, en dan hoop ik dat daar wat positievers valt te ontdekken.
https://nl.wikipedia.org/wiki/Trigger
Triggers zijn een heel vervelend iets, en waarschijnlijk is er gisteren iets gebeurd of werd ik met iets geconfronteerd dat zo’n trigger in werking heeft gezet. Vaak weet je zelf niet wat het is, maar je krijgt weer gevoelens zoals je die ooit gekend hebt bij dergelijk gebeuren, en die werpen je terug in het verleden.
Zo kan het bijvoorbeeld zijn dat je vandaag gemanipuleerd wordt, of dat je onrecht wordt aangedaan, of angst of verdriet, en dat dan ook meteen de sterke gevoelens uit het verleden weer mee boven komen en de zaken nog wat erger gaan maken.
Raar dingen hoor triggers, maar gelukkig zijn er ook positieve, zoals de geur van een bloem, een lief woord, of een mooi gebaar…En gelukkig ook zijn dromen maar dromen, en moet je overdag de confrontatie niet langer daadwerkelijk aangaan met de personen die jou die slechte herinneringen bezorgd hebben.
Het kwaad is lang geleden geschied, maar ik heb het overleefd, en grotendeels verwerkt. Lang houdt het mij niet meer in zijn ban, en het is niet langer zelfvernietigend. Het was er, het verleden, en daarmee basta!

Vandaag de dag 03.05.2018

Tuinvogels, ik ken ze niet allemaal bij naam, maar er zitten er wel een groot aantal van verschillende pluimage in mijn tuin.

Gisteren zat er een vuurgoudhaantje voor het raam van de eetkamer, de eerste keer dat ik zo’n wonderlijk klein vogeltje zag.
Naar het schijnt zijn vuurgoudhaantjes zeer zeldzaam, en ik mag mij blijkbaar gelukkig voelen om dit beestje in de tuin te zien. Wie weet maakt het hier ook een nest…
In de winter zijn de vogels niet massaal komen eten zoals andere jaren, maar nu lijken ze de nootjes en het zaad dus wel aantrekkelijk te vinden. Waarschijnlijk hebben veel van hen nu jongen en die moeten natuurlijk ook gevoederd worden.
Wat ik niet meer zie zijn lijsters, spreeuwen en zwartkoppen, en in het begin dat we hier zijn komen wonen, hoorde ik ’s morgens ook altijd de roep van de koekoek in de verte.
Waar ik dan weer wel elke winter heel blij mee ben, zijn de goudvinken, en ook deze winter heb ik er paar gehad die kwamen eten. Dat zijn heel mooie mannetjes, met hun vuurrode borst, echt bloedrood en niet zoals het roodborstje eerder oranje.

Frau und Herr Gimpel im Vogelbeerbaum (piqs.de ID: a106e1b87f0fcd241ea941c2532c43a5)

Als er dan sneeuw ligt op de bomen en je ziet zo een paar neerstrijken, dan ben je verrukt en word je heel stil om ze vooral niet weg te jagen. Een uniek winters tafereel!
Ooit heb ik als kind in Overijse op een vijver in de Dreef een ijsvogel gezien, en ook dat beeld zal ik nooit vergeten. Het heeft op mij een grote indruk gemaakt, zo’n prachtige turquoise vogel, die daar in de winter op een tak boven het bevroren water zat. Ik kon mijn ogen niet geloven, en als schoolkind dacht ik dat hij uit een sprookje kwam.
Ik kan na al die jaren nog precies aantonen waar hij zat, want de villa en de vijver zijn er nog altijd.
Mijn vader was een vogelvanger, en ik ben dikwijls heel boos op hem geweest. Hij had een grote volière en hij zorgde wel heel goed voor zijn vogels, maar als hij dan één van mijn lievelingsvogels verkocht huilde ik van woede.
Gelukkig is er nu geen vogelvangst meer toegelaten en kan je ze nog enkel gaan spotten in de vrije natuur, want zeg nu zelf een diertje krijgt toch zeker geen vleugels om in een kooi opgesloten te worden! Vogels moeten vliegen, en vrij zijn om hun nest te maken waar ze willen, en dat mag zeker en vast ook in mijn tuin, want ondanks dat ik vier katten heb, heb ik haast nooit een dood vogeltje meegemaakt. Brave katten, maar vooral goed doorvoed!

Vandaag de dag 02.05.2018

Leuk toch, dat je oude schoolkameraden, die je nu toevallig tegenkomt op Facebook, nog weten dat jij gedichten schreef. En dat doe ik inderdaad nog altijd. Bovendien staan die oude gedichten van tijdens mijn schooltijd ook op deze website en wel in de bundel “Pogen”.
Op initiatief van mijn leraar Frans, Louis Dewilder werd er ooit een papieren bundel samengesteld en verdeeld onder de belangstellenden. Ikzelf had de bundel niet meer, maar Louis heeft mij een paar jaar voor zijn dood er terug eentje laten bezorgen. Wij zijn trouwens ook altijd contact blijven houden.
Louis Dewilder was trouwens een heel geliefd figuur in Overijse en algemeen gekend als schepen en medeorganisator van de jaarlijkse Druivenfeesten.
Onlangs ben ik eindelijk ook een foto van hem tegen gekomen op Facebook, want ik had enkel de foto van zijn doodsprentje.Links, met de bril is Louis, tijdens een wielerkoers in Overijse, waar Roger De Vlaminck blijkbaar won.
Als schepen van Sport en Cultuur was hij alom aanwezig. Hij heeft mij ook ooit eens vijftig druiventrosjes in kant laten klossen om uit te delen aan de serristen tijdens één van de Druivenfeesten. Ben er bijna een half jaar mee bezig geweest!
Hij was eigenlijk zijn leven lang mijn leraar, want waar hij kon bleef hij mij steunen. Zo heeft hij mij ook aan werk geholpen als hulpboekhouder bij Mariën in Hoeilaart, want winkeljuffrouw vond hij te min voor mij. Het was ook Louis die mij de bijnaam bezorgde “de bezige bij”.
Bedankt Louis, ik denk nog vaak aan jou, aan je vrolijke karakter en je grappige zinspelingen. Waarschijnlijk mede hierdoor dat ik nu nog altijd “poog” te schrijven…

Pogen
‘Pogen’ verscheen op 20 april 1967. Er werden 75 genummerde en getekende exemplaren in omloop gebracht. De publicatie van deze dichtbundel ontstond met de medewerking van de heer J. Bergiers.
Samenstelling: L. Dewilder
Bandontwerp: Jonas Wille

Pogen

Mensen gaan in stoet,
Een lange tocht te voet.
Hoe lang moeten ze nog gaan,
Om in het licht te staan?

Micheline Baetens

Vandaag de dag 01.05.2018 (2)

Ik heb naar een niet zo boeiende film gekeken, The Humanity Bureau, en ondanks dat hij niet echt boeiend was, heeft hij mij toch doen nadenken.

Gaat er echt een tijd komen dat wij nog enkel gaan kunnen vissen in de geschilderde vijver van Monet, dat er nog enkel bloemen op de jurk van jonge meisjes gaan groeien, en dat frisse lucht nog enkel van een hemelse poster kan komen?
We zijn de natuur inderdaad grondig aan het verknoeien, en we willen maar niets aan ons destructief gedrag veranderen.
Het is 1 mei, en ondanks dat dat een feestdag en zelfs de Dag van de Arbeid is, moesten er perse winkels openblijven en moet er kunnen geshopt worden.
Mensen kruipen hun auto in en als ontspanning gaan ze hun geld verpatsen aan dingen die ze niet echt dringend nodig hebben. Rust en stilte, vergeet het, die zijn niet ontspannend genoeg, daar genieten we niet meer van.
En dat allemaal ten koste van de natuur, want die brengt niets op, of het zouden aangelegde pretparken en vakantiedorpen moeten zijn.
Een gewoon bos is niet boeiend genoeg meer, ook daar moeten activiteiten aan verbonden zijn, en naar de zoo gaan we om dieren te bewonderen; terwijl we niet eens meer de vogels in onze eigen tuin en omgeving kennen.
Bijna alles wat we doen, doen we tegen de natuur, zelfs tuinieren, want je moet eens gaan kijken in een tuincentrum wat er niet allemaal verkocht wordt aan verdelgingsmiddelen, voor gewas en gedierte. Terwijl een goed tuinierder niet vecht met de natuur, maar er juist mee samenwerkt, want dat geeft tenslotte de mooiste en gezondste resultaten.
Je past je aan aan de omstandigheden, en niet omkeert want dat heeft geen zin, de natuur overwint altijd, of het moet zijn dat je zo vernietigend bent dat er niets meer van overblijft, en dan kan je net als in de film nog enkel gaan vissen in de geschilderde vijver van Monet.
Deze week heb ik trouwens weer eens gemerkt dat de natuur ook geschenken uitdeelt, want in mijn tuin bloeit er sinds dit jaar een goudenregen, en ik heb die daar niet geplant…De goudenregen

De goudenregen
Valt in trossen
Naar beneden
De honinggeur
Verliezend,
Overdadig zoet,
Maar, o zo giftig,
Om vooralsnog
Zijn schoonheid
Te kunnen beschermen
Tegen de hebzucht
Van de goudzoekers.

Micheline Baetens