Micheline Baetens

…welkom op mijn persoonlijke blog

Micheline Baetens

Helemaal mee eens!

Ik ben het helemaal eens met dit artikel, maar soms moet je 75 geworden zijn om zover te komen…

We bedriegen onszelf over wie we zijn, zegt filosoof Joep Dohmen

Kimberly van den Hengel
Een van de grootste risico’s van onze tijd is dat we een leugenachtig bestaan leiden, waarin we onszelf bedriegen over wie we zijn, volgens filosoof Joep Dohmen. We zijn niet meer gewend om na te denken over onszelf en dat maakt ons kwetsbaar voor onwenselijke beïnvloeding van buitenaf. In zijn boek ‘Iemand zijn’ betoogt hij dat het van levensbelang is om jezelf vorm te geven, en het leven je elke dag opnieuw toe te eigenen. In deze tijd is dat geen kattenpis. “Onze cultuur produceert vooral halfslachtige mensen met weinig zelfbeheersing, een beperkte oriëntatie en een vliesdun laagje moraal.”

Hoe is je leven verlopen en wie ben je geworden? Ben je vooral toeschouwer geweest bij de gebeurtenissen, of heb je gaandeweg zelf het heft in handen genomen? Dit zijn de meest prangende vragen die we ons kunnen stellen als we de vrijheid willen hebben om ons eigen leven te leiden, schrijft filosoof Joep Dohmen in zijn magnum opus Iemand zijn. Filosofie van de persoonlijke vorming.  En we willen niets liever, maar het is ons door de sturing en verleiding van technologie, media en markt nog nooit zo moeilijk gemaakt. Het boek is de kroon op zijn levenslange toewijding aan de levenskunst, het eeuwenoude filosofische idee dat een mens niet vanzelf een goed leven leidt, maar dat daar aandacht, een ontwikkelde kijk op het leven, oefening en vooral zelfkennis voor nodig zijn.

Zelf de regie over je leven nemen, en daarin zowel autonoom als verantwoordelijk zijn. Daar draait het om. En dat betekent dat je je eigen, weloverwogen keuzes maakt en tegelijk ook voortdurend betrokken blijft bij mens en aarde. Pas als we zelf onze opvattingen over het leven en ons handelen ontwikkelen, kunnen we volgens de door Dohmen geciteerde filosoof Isaiah Berlin ‘iemand’ zijn, en niet ‘niemand’, dus “geen ding, geen slaaf, geen slachtoffer.” Want, schrijft Berlin: “Ik wil dat mijn leven en mijn beslissingen van mijzelf afhangen, niet van om het even van welke krachten vanbuiten.”

“Ik wil iemand zijn, niet niemand.” – Isaiah Berlin

Het zijn de enorme krachten die vandaag op ons inwerken en de noodzaak daar weerstand aan te bieden, waar Dohmen zich zorgen over maakt. We staan onder druk van een krachtenveld van technologie, maatschappij en media, die de plek van de oude kaders van traditie, moraal en religie in de samenleving hebben ingenomen. “Die krachten zijn niet gericht op een zinvol mens-zijn, maar op productie en consumptie. Deze machinerie creëert een eindeloze stroom verlangens en doet ons geloven dat we losers zijn als we niet de nieuwste smartphone bezitten of de laatste Nikes dragen. Het is de vraag of wij onder deze enorme systeemdwang nog wel vorm kunnen geven aan onszelf.”

Waarom is die aangewakkerde koopdrift niet te verenigen met de wil om onszelf vorm te geven?

“De Franse pedagoog Philippe Meirieu zegt dat de gril, oftewel dat wat willekeurig in je opkomt, het organiserende principe is geworden van onze samenleving. Zoals je weet zijn kleine kinderen grillig en van nature op zichzelf gericht. Ze moeten onmiddellijk eten en drinken en eisen alle aandacht op. Opvoeding moet kinderen in eerste instantie leren praten en lopen, en vervolgens hun grillen leren bedwingen. Maar onze samenleving organiseert zich rondom het principe: ‘doe waar je zin in hebt’ en ‘vrijheid, blijheid’. Terwijl het schijnt dat we vrij zijn, worden we in feite aangestuurd. We moeten onze grillen vervangen door intrinsieke motivatie.”

Juist nu is zelfkennis van levensbelang, schrijft u.

“De filosofie is van oorsprong een vormingsleer: het is de liefde voor en het verlangen naar praktische wijsheid. Socrates vroeg de Grieken al door welke verlangens zij zich lieten leiden. Het cruciale verschil is dat traditionele kaders van moraal en religie in onze tijd zijn weggevallen en we onze eigen kijk op het leven moeten ontwikkelen. Het is niet zo dat vroeger alles beter was: toen hadden we weer andere problemen. Vandaag leven we in een tijd van overvloed, maar met een armoede aan diepgang. Onze intrinsieke motivitatie staat onder druk. Zelfkennis betekent dat je weet wat je wil en inziet wat jou te doen staat.”

© Anthonie Meijers

Joep Dohmen (1949) is emeritus hoogleraar ethiek aan de Universiteit voor Humanistiek en Lector Bildung aan de Hogeschool voor Toegepaste Filosofie. Hij promoveerde cum laude op Nietzsche en schreef talloze boeken, waaronder Tegen de onverschilligheid (2007), De prijs van vrijheid (2011) en Over levenskunst (2020). In 2022 verscheen zijn magnum opus Iemand zijn. Filosofie van de persoonlijke vorming.

U schrijft dat we een leugenachtig bestaan leiden en onszelf bedriegen over wie we zijn. Wat bedoelt u daarmee?

“De grote valkuil van onze cultuur is dat we o zo graag iemand willen zijn, dat we het liefst de erkenning door anderen zouden willen manipuleren. We denken dat als je door de buitenwereld erkend wordt, door roem, rijkdom en status te verwerven, dat je dan iemand bent. De grote leugenachtigheid is de bewuste keuze om iemand te zijn door iemand te schijnen.”

“Wij zijn niet gewend om na te denken over onszelf, op de elementaire zin van zelfhulpboekjes of lifecoaches na. De bestaande zelfhulpliteratuur biedt geen integrale vormingsleer en heeft te weinig oog voor de maatschappelijke context. Om te beginnen moeten we ons meer bewust worden waar we vandaan komen: hoe ben je zelf opgevoed? Heb je genoeg zelfvertrouwen opgedaan? Welke morele houding heb je meegekregen? Vervolgens, wat heeft het onderwijs jou gebracht, wat heb je opgestoken? Ten slotte moet je nagaan welke speelruimte je nu hebt. Je moet weten waar je staat en hoe je verder kunt.”

“We leiden een leugenachtig bestaan als we ervoor kiezen om iemand te zijn door iemand te schijnen.”

Stellen we deze vragen dan niet?

“We leven in een individualistische cultuur, waar het ‘ik’ vooropstaat, maar het ontbreekt aan een cultuur van het zelf. Die komt tot stand door opvoeding en onderwijs, waarin je tot persoon gevormd wordt. In de leefwereld van nu is de relatie met ouders geen gezagsrelatie meer, maar een onderhandelingshuishouding. De betrekkingen zijn vooral informeel en de meeste ouders zitten met hun handen in het haar hoe ze hun gezag moeten uitoefenen. Jongeren zijn een groot deel van de dag online. De technologische overmacht ondermijnt samen met het gebrek aan ouderlijk gezag de actuele pedagogische missie.”

“Echt doordringen tot jezelf zorgt dat je steviger en weerbaarder in de wereld komt te staan, zodat je niet door onwenselijke krachten wordt beïnvloed.”

Welke consequenties heeft dat?

“Dat jongeren niet toekomen aan de poging zichzelf toe te eigenen, waarmee ik bedoel dat ze kunnen ontdekken wat er in hen zelf leeft en de rust vinden om zichzelf te ontwikkelen. Echt doordringen tot jezelf zorgt dat je steviger en weerbaarder in de wereld komt te staan. Een eigen leven kunnen leiden betekent dat je je niet laat onteigenen door markt of technologie, en dus niet door onwenselijke krachten wordt beïnvloed. Maar de smartphone is inmiddels nauwelijks nog uit het klaslokaal te weren, en dat terwijl de afleiding zó sterk is, dat de aandachtspanne verslapt en het onderlinge gesprek onmogelijk wordt. Zowel de overheid als de schoolleiding, onderwijzers en ouders zijn onverantwoord bezig.”

Er ligt dus ook een belangrijke taak voor het onderwijs?

“Het is noodzakelijk dat er meer visie op persoonsvorming in het onderwijs komt, om jongeren tot autonome en geëngageerde mensen te ontwikkelen. Ik geef les en zie dat jonge mensen tegenwoordig bovenmatig geïnteresseerd zijn in hun smartphones, maar nauwelijks in de kwaliteit van hun eigen leven, van de samenleving, democratie of milieu. Daar moet een enorme brug worden geslagen. Door met hen te spreken over vragen als wie je bent en wat je belangrijk vindt in het leven, kunnen ingangen worden gevonden om over hun plek in de wereld te spreken. Daarom vind ik dat persoonsvorming aan burgerschapsvorming vooraf moet gaan.”

Een ‘zelf’ hebben gaat niet vanzelf?

“Erasmus zei al: ‘Mensen worden niet geboren maar gevormd.’ Als je geboren bent, ben je dus quasi nog niks. Dat kun je aan een baby zien. Een baby huilt en er moet van alles mee gebeuren: hij moet gevoed worden, leren lopen en zelfvertrouwen krijgen. Als puber ontdek je dat de meeste ideeën van jouw ouders afkomstig zijn. Daar ga je over nadenken en dan probeer je langzaam mondig te worden. Dat zie ik als een integraal proces, omdat verschillende aspecten van een persoon met elkaar vervlochten zijn: het denken, het voelen, het willen en het kunnen, evenals het door anderen beïnvloed worden. We zijn als persoon een soort hybride wezen, dat zowel denkt en handelt, alsook zijn eigen houding steeds opnieuw kan evalueren.”

Als je zoveel bezig bent met je eigen vorming, loop je dan het risico te veel met jezelf bezig te zijn?

“Identiteitsvorming gaat zowel om introspectie als om dialoog, om relationele autonomie. Die vindt plaats in het leven van alledag. Op je werk, in het overwegen van wat je eigenlijk aan het doen bent, in je vriendschappen, in de manier waarop je met elkaar of met dieren omgaat, of hoe je je probeert in te zetten voor het klimaat. Daarin voltrekt zich je eigen vorming, en dus niet op het droge.”

U schrijft dat je om ‘iemand te zijn’ respect moet hebben, empathisch en open moet zijn, alsook vastberaden, moedig, bescheiden, geduldig en gelaten. Is dat niet te veeleisend?

“Je wijst hier op het belang van deugdvorming. Inderdaad vraagt het veel om vandaag een geslaagd leven te willen leiden. Maar je moet die poging niet zien als een stapeling van eisen. Persoonsvorming gaat over de innerlijke afstemming van je zelfbeeld, van wat je echt wilt en het oefenen in deugden die daarbij passen. Als ik het heb over ‘halfslachtige mensen’, dan bedoel ik dat onze neoliberale cultuur absoluut niet geïnteresseerd is in de kwaliteit van ons persoonlijke leven.”

“De waarde en de beloning van innerlijke vorming zit erin dat je je rol als mens veel beter kunt spelen.”

Welke kwaliteit geeft persoonsvorming wél aan dat persoonlijke leven?

“De waarde en de beloning van innerlijke vorming zit erin dat je je rol als mens veel beter kunt spelen. Dat zit in de gesprekken die je met andere mensen voert en de vriendschappen die je doorleeft, de manier waarop je kunt genieten van films of natuur, maar ook in de manier waarop je je beroep kunt uitoefenen. We spelen voortdurend allerlei rollen, als ouder, als collega, of als vriend, maar ook ten opzichte van jezelf. En in tal van die rollen falen, maakt mensen ongelukkig. Ik weet zeker dat veel mensen hun rol beter willen spelen, maar niet weten hoe ze dat moeten doen.”

Gaat het bij iemand proberen te zijn uiteindelijk ook over geluk?

“Bij Aristoteles is geluk dat je leven langzaam lukt, in de zin dat je je deugden beter ontwikkelt. Bij hem is geluk flourishing, oftewel bloeien. Deugdvorming betekent dat als je in een situatie komt waarin je moed gevraagd wordt, je dan ook echt moedig kunt zijn. Of dat je erin slaagt om geduldig te zijn, als iets niet meteen lukt. Gelukkig zijn betekende voor hem dat je leven gaat lukken. Maar wat zou geluk vandaag kunnen of zelfs moeten zijn? Vandaag hebben wij niet langer zo’n natuurlijk mensbeeld als Aristoteles. Wij kunnen pas gelukkig worden en iemand zijn als het ons lukt om te leven in overeenstemming met wat we echt waardevol vinden. Wij voelen heel goed dat we beter kunnen dan we doen.”

Opvoeden

Is opvoeden moeilijker dan vroeger? “Een huisvrouw in de jaren 80 was minder met de kinderen bezig dan werkende moeders nu”

Opvoeden brengt veel meer druk met zich mee dan pakweg 40 jaar geleden. Dat zegt pedagoog Philippe Noens. Een koppel dat in de jaren 80 kinderen had en een jong gezin nu vergelijken hun ervaringen. “Ouders van nu voelen zich veel te snel schuldig als ze niet aan de verwachtingen van hun kroost voldoen.”

“Opvoeden is op zich niet moeilijker dan in de jaren 60, 70 en 80, maar de omstandigheden waaronder we kinderen grootbrengen zijn complexer geworden”, vertelt pedagoog Philippe Noens van de Odisee Hogeschool in De Ochtend eerder deze week. “Denk maar aan de openbare weg die drukker is geworden, en de kwaliteit van de Vlaamse fietspaden die te wensen overlaat.”

Vroeger konden kinderen volop buitenspelen, maar nu is de straat een gevaarlijke omgeving geworden

Arlette (75) voedde 3 kinderen op in de jaren 80

Herkenbaar voor Arlette (75) en Etienne (77) uit Lede, die samen 3 kinderen hebben grootgebracht tijdens de jaren 80. “Vroeger konden kinderen volop buitenspelen, maar nu is de straat een gevaarlijke omgeving geworden door de vele auto’s en e-steps”, zegt Arlette. “En als onze kinderen een hobby wilden uitoefenen, moesten ze er zelf zien te geraken. Constant taxichauffeur spelen, dat deden wij niet.”

Ook de digitalisering speelt volgens de pedagoog een belangrijke rol. “Schermgebruik en de rol van sociale media staan volgens de recentste gezinsenquête van de Vlaamse overheid in de top 3 van zorgen van ouders”, legt hij uit.

Met een app kan je tot op de minuut weten wanneer de pamper van je kind vervangen wordt in de opvang. Ik krijg daar vooral stress van

Jonge moeder Shamisa (35)

Bovendien zorgen al die apps ervoor dat het tempo waaraan we leven, werken en dus ook opvoeden nu een pak hoger ligt. “De ouders van nu zijn mensen die zelf nog deels zijn opgegroeid zonder gsm of met een Nokiaatje zonder 4G, maar ze moeten wel constant bereikbaar zijn.”

Daar kan Shamisa (35), mama van Onai (10 maanden) van meespreken. “Door de bitcare-app van de kinderopvang, kan je tot op de minuut weten wanneer de pamper van je kind vervangen wordt”, vertelt ze. “Ik krijg daar vooral stress van. Ik hoor wel hoe het geweest is wanneer ik mijn zoontje ga ophalen. Sommige ouders zijn daar wél heel intensief mee bezig, merk ik.”

Anders gaan opvoeden

Niet alleen de omstandigheden zijn veranderd. We zijn volgens pedagoog Noens ook anders gaan nadenken over opvoeden. “Voor onze (groot)ouders hoorde opvoeden er gewoon bij, net als koken”, vergelijkt de docent. “Geloof het of niet, maar een huisvrouw in de jaren 80 was minder met de kinderen bezig dan werkende moeders nu.”

Voor onze (groot)ouders hoorde opvoeden er gewoon bij, net als koken
Philippe Noens, pedagoog aan de Odisee Hogeschool

“Een thuisblijvende moeder deed de was en de plas, maar ging daarnaast niet spontaan zitten spelen met haar kroost en huiswerkjes verbeteren”, legt Noens uit. “Ook al was de gelijkheid tussen man en vrouw veel verder zoek, haar leven verliep wel minder hectisch dan nu.”

Het voorbeeld van Noens is herkenbaar voor Arlette. “We besteedden inderdaad minder tijd aan onze kinderen”, vertelt ze. “En we stelden ons veel minder vragen bij hun opvoeding. Op school kregen we wel eens een infosessie van het PMS (nu CLB, red.) maar daar bleef het dan ook bij. Wij kregen vooral tips van onze eigen ouders. Zij leefden ook allemaal in de buurt en waren sterk betrokken bij de opvoeding van hun kleinkinderen.”

We zaten niet met schuldgevoelens omdat we niet aan bepaalde vragen of verwachtingen van onze kinderen konden voldoen

Etienne (77) voedde 3 kinderen op in de jaren 80

“Wij hadden het destijds ook veel meer voor het zeggen thuis”, vult haar man Etienne aan. “‘Waarom?’ was ‘daarom’. We zaten niet met schuldgevoelens omdat we niet aan bepaalde vragen of verwachtingen van onze kinderen konden voldoen. Ik heb de indruk dat dat bij ouders vandaag toch moeilijker ligt.”

Façadevaders in plaats van de nieuwe man

De tijd die we actief voor onze kinderen reserveren was volgens een Nederlands gezinsrapport in 2011 al verdubbeld sinds 1980. En de cijfers van tijdsbesteding met onze kinderen blijven jaar na jaar stijgen. Al is het ook anno 2024 nog steeds de moeder die de meeste balletjes in de lucht houdt.

Vandaag zijn moeders ongeveer 14 uur per week actief met hun kinderen in de weer, bij vaders is dat maar 6 uur. “De moderne vader blijft wel wat een façadevader”, aldus Noens. “Hij helpt veel in het huishouden en heeft goede bedoelingen, maar de meeste taken en het denkwerk over vers brood of cadeautjes voor een verjaardag belanden toch nog steeds bij de vrouw. Niet voor niets is ruwweg 75 procent van de deeltijdse werkers een vrouw.”

De kinderopvangbegeleidster belt toch liever met mij dan met mijn vriend

Jonge moeder Shamisa (35)

“Mijn vriend Jeroom (32) doet zijn best, maar het geheugen en gewicht van een gezin liggen toch vooral bij mij”, stelt ook Shamisa vast. “En als je daarnaast ook nog moet werken, sporten, gezond eten, je relatie en vriendenkring moet onderhouden… dan zit de week al snel overvol.”

Al speelt ook haar omgeving hier een rol in. “De kinderopvangbegeleidster belt toch liever met mij dan met hem.”

Toch creëren sommige moeders en ouders in het algemeen ook deels zelf die stress. “Nu is er veel meer kennis over de ontwikkeling van kinderen, wat op zich een goede zaak is. Goed ouderschap betekent vandaag de dag steeds meer op de hoogte zijn van die ontwikkeling en het reilen en zeilen van je kinderen”, aldus de gezinswetenschapper.

“Zo laten ouders hun kinderen niet alleen zwemles volgen, ze willen ook nog eens alles goed kunnen volgen vanuit de cafetaria. Sommige ouders hebben al een slecht geweten als ze eens een keertje niet weten waar hun kind juist uithangt. Door de lat zo hoog te leggen, gaat de essentie van opvoeden verloren.”

Een huisbezoek van Kind en Gezin voelt soms meer als een test dan een ondersteunend moment

Jonge moeder Shamisa (35)

“De druk voor nieuwe ouders is inderdaad enorm”, stemt Shamisa in. “Een huisbezoek van Kind en Gezin voelt soms meer als een test dan een ondersteunend moment in een onzekere periode. Je wordt beoordeeld op hoe het bedje van je kind erbij ligt, of je borstvoeding geeft, welke flesjes je gebruikt… Ook vrienden en zelfs onbekenden op de bus spreken je over je opvoedingsmethodes aan: Is je kindje wel gezond? Heeft het de juiste melk op? Is alles suikervrij? Je kan de lijst gewoon niet bijhouden.”

Opvoeden is ‘big business’

Dat velen aan dat ideaalbeeld van de perfecte ouder proberen te voldoen, weten ook de vele zelfverklaarde opvoedingscoaches. “Opvoeden van jonge kinderen is tegenwoordig ‘big business’ met allerhande webinars, boeken en online cursussen”, benadrukt Noens.

We moeten ‘gewoon opvoeden’ niet gaan bekijken vanuit een bril van extreme omstandigheden
Philippe Noens, pedagoog aan de Odisee Hogeschool

Wat de docent ook stoort, is hoe woorden als ’trauma’ en ’toxische stress’ steeds meer de gewone opvoedingstaal binnendringen. “We moeten er niet flauw over doen, bepaalde extreme omstandigheden kunnen wel degelijk sporen nalaten in het leven van de kinderen.” Veel stress, door bijvoorbeeld huiselijk geweld of financiële problemen, kan zowel de foetus als het opgroeiende kind schaden.

Maar je kind achterlaten op de crèche is niet traumatiserend, stelt de pedagoog. “Je kleintje moet alleen nog wat wennen aan de nieuwe omgeving, en dat is perfect normaal. We moeten opvoeden niet gaan bekijken vanuit de bril van extreme omstandigheden. Die zijn er helaas, maar ze zijn niet de norm.”

We doen het beter dan we zelf denken

Misschien is dat deels ook doordat we met zijn allen te negatief zijn gaan praten en schrijven over het ouderschap. “Er gaat te veel aandacht naar alles wat kan mislopen. Terwijl de meeste mensen het best goed doen. Uit de gezinsenquête blijkt dat het overgrote deel van de ouders graag met de kinderen bezig is en opvoeden verrijkend vindt. We zouden ook kunnen focussen op hoe tof het wel niet is om samen met jong en oud een huishouden te delen.”

Opvoeden draait volgens de onderzoeker dan ook om zoveel meer dan het stimuleren van de cognitieve en emotionele vaardigheden van je kinderen. “Het gaat om het doorgeven van jouw leefwereld.” En dat proces verloopt eigenlijk vanzelf.

Met gratis schoolmaaltijden en verplichte kinderopvang vertrek je vanuit wantrouwen tegenover de ouder
Philippe Noens, pedagoog aan de Odisee Hogeschool

Ook daarin moet je keuzes maken. “Zo heb ik mijn zoon ingeschreven in de jeugdbeweging, omdat ik hem dat stukje van de wereld wil laten ervaren. Maar dan kan hij op datzelfde moment niet naar de voetbaltraining. En geef ik hem wel of geen gsm? Laat ik hem wel of niet met de fiets naar school gaan op die drukke weg?”

Daarnaast kan ook de overheid een positievere rol gaan spelen in het gezinsleven. “Zaken als gratis schoolmaaltijden aanbieden of een verplicht aantal dagen kinderopvang doorvoeren, zijn nobele ideeën vanuit een gelijkekansendiscours.”

Toch vertrek je daarmee wel vanuit wantrouwen tegenover de ouders volgens de onderzoeker. “Als je hen vanuit het beleid wil ondersteunen, zorg dan voor de juiste basisinfrastructuur: toegankelijke gezondheidszorg, kwalitatieve kinderopvang, toffe buurtscholen zonder wachtlijsten…”

Samen staan we sterker in de opvoeding van onze kinderen

Philippe Noens, pedagoog aan de Odisee Hogeschool

Tot slot moeten we ook meer inzetten op voldoende ontmoetingsmomenten tussen de ouders. “Papa’s en mama’s hebben nood aan ervaringen uitwisselen met andere ouders. Dat blijkt uit verschillende studies. Het ontmoetingsmoment na een info-avond over opvoeden is veel belangrijker dan de info zelf.”

Het lokaal beleid kan daarbij helpen door plekken te voorzien waar kinderen samen kunnen spelen. “Dan denk ik bijvoorbeeld aan een extra speelkamer in de spelotheek. Daar kunnen ook de ouders elkaar ontmoeten en een netwerk van gelijkgezinden uitbouwen. Samen staan we sterker in de opvoeding van onze kinderen.”

Artikel: VRT NIEUWS – TREES VANDAMME

Verkiezingen

Voor welke partij stemmen?
Ik stem voor de partij die iets gedaan heeft voor alleenstaanden, iets gedaan heeft aan de hoge prijzen van de huizen, gezorgd heeft voor goed openbaar vervoer, die ervoor gezorgd heeft dat de winkelkar betaalbaar blijft, gezorgd heeft voor betaalbare en meer crèches en rusthuizen, die er voor gezorgd heeft dat er minder files zijn, die er voor zorgde dat er minder burn-outs en depressies zijn, die er voor zorgde……..
Blijkbaar moet ik dus niet gaan stemmen…

 

Europa

Dit is dus Europa: zwijgen en slikken. Je mag dus zelfs niet meer tegen oorlog en onrechtvaardigheid zijn.
En de show, die must go on!
GEDICHT VOOR JOOST KLEIN die tijdens het Eurovisiesongfestival het gedurfd heeft spontaan een vraag te stellen en nu uitgesloten wordt van deelname.
Verzet begint niet met grote woorden
Verzet begint niet met grote woorden
maar met kleine daden
zoals storm met zacht geritsel in de tuin
of de kat die de kolder in zijn kop krijgt
zoals brede rivieren
met een kleine bron
verscholen in het woud
zoals een vuurzee
met dezelfde lucifer
die een sigaret aansteekt
zoals liefde met een blik
een aanraking iets wat je opvalt in een stem
jezelf een vraag stellen
daarmee begint verzet
en dan die vraag aan een ander stellen.
——————————————–
uit het werk van Remco Campert (1929)
Songcontest
Veel bloot meisjesvlees,
Een paar valse heksen,
Een neutrale tiener,
Een lullige marginaal,
SF-mannen,
En een Piet Hein,
Die zijn naam
Was Klein,
Maar zijn daden
Waren groot.
Micheline Baetens – 11.05.2024

Meiklokjes

Weten jullie waarom het meiklokje het bloemetje van 1 mei is?
Wel ik wel. Omdat vroeger een werkman geen geld had om bloemen te kopen voor zijn vrouw op 1 mei.
Maar meiklokjes groeiden en bloeiden in die tijd nog volop in de bossen, en dus kon het werkvolk de bloemetjes gratis plukken als ze van hun werk kwamen, om zo toch de liefde van hun leven mee te verwennen op hun feestdag. En bovendien geurden en geuren ze heerlijk. Ze zijn wel giftig, zelfs het water waarin ze staan…
En nog iets; 1 mei is niet de feestdag van de socialisten. Neen, want het is immers de feestdag van elke werkende mens.

Ouder worden

Omdat ik de rest van mijn leven wil wijden aan de schone kunsten 😜 (dus mijn goesting wil doen😋) heb ik een zorgtraiteur ingeschakeld, en na een week ben ik hiervan heel tevreden. Een aanrader dus.
Peter de tuinman, ruitenwasser Glenn, was en strijk naar de wasserij, boodschappen online… en natuurlijk David, mijn steun en toeverlaat, maken het mogelijk dat ik als oud besje bij mijn katten kan blijven wonen.
Ik word ouder, daar is niet aan te ontkomen, en misschien moet ik binnenkort met de rollator leren lopen om vallen te voorkomen, en zeker word ik grijzer en stijver.
Maar je aanpassen is nu eenmaal een constante in ieders leven, en dat doen we dus omdat we het belangrijkste willen bewaren: onze vrijheid en zelfredzaamheid en dat zolang we leven.

Het jachtpaviljoen

Mijn tante, de oudste zuster van mijn moeder, heeft daar nog in gewoond: Louis en Nathalie Wille-Caron. Zij waren de laatste bewoners van het jachtpaviljoen.
Ze kregen een dochter, die als baby overleed, en twee zonen Marcel (concierge bij Treco) en Jonas Wille (oud-directeur BKO) .
Mijn oom en tante zijn tot hun pensioen conciërge gebleven bij Brouwerij Lootvoet (Leffe) .
Kind zijnde, en tot mijn 6 jaar opgegroeid in de Leegheid bij mijn grootouders, heb ik er nog in gespeeld toen het al vervallen was. We vonden het een spookhuis…
Ik ging ook naar Het Kasteel naar school. Heerlijk was dat!
De situatie van dat paviljoen heb ik nooit in aanvaardbaar bewoonbare toestand gekend, omdat ik er zelf nooit heb gewoond (mijn broer Marcel wél, nadien zijn mijn ouders -als laatste bewoners van het paviljoen- in de Lootvoetbrouwerij gaan wonen, waar ik in het oorlogsjaar 1944 -op de Dag v/d Onschuldige Kinderen- ben geboren. (🤗)
Later -in 1950- heb ik dat paviljoen heropgemerkt als leerling van het 1e studiejaar van de toenmalige Rijksschool.
Van toen al had (de ambitieuze en visionaire) directeur Stessels het idee om dat gebouw te laten opknappen als dienstdoende bibliotheek en leraarslokaal. 
Magnifiek initiatief dat hij nooit heeft kunnen laten realiseren. Gedurende mijn 9 jarig verblijf in die (echt volwaardige en aantrekkelijke) school werd de systematische aftakeling van het oorspronkelijke paviljoen zichtbaar. Zelfs een beschermende toegang van het gebouw werd niet uitgevoerd, gevolg: complete verloedering tem. ruïne en overbegroeiing🫣 (Email Jonas Wille)

Tuin

Peter, de tuinman is vanmorgen zijn werk komen afmaken, en nu is de tuin dan ook volledige opgekuist en klaar voor een nieuwe groei en bloei.
Meteen heb ik dan ook voor de rest van mijn leven en lang daarna, de tuin in pacht gegeven aan mijn zoon en kleinzoon.
Voortaan mogen zij samen er voor zorgen dat mens en dier er veel plezier en voldoening kunnen aan beleven.

Tegelwippen

Wanneer ik na een maand nog eens buiten kom en mij van Hoeilaart naar Overijse laat rijden (5km! ), zie ik telkens weer nieuwe bouwwerven uit de grond verrijzen. Blijkbaar is die betonstop en bouwstop nog altijd niet in voege…
Jammer, dan maar tegelwippen, hé dames en heren. En dan ook nog eens heel serieus verkondigen dat dit de wateroverlast en het waterschadeprobleem zal oplossen.
En wat zijn ze blij de wippers met hun minituintje, en dat mag, zolang ze er de bijhorende onzin maar niet geloven en er zorg voor dragen dat voetgangers en rolstoelgebruikers nog comfortabel gebruik kunnen maken van hun opgefleurd voetpad…