Een mens “ontdekken” is het boeiendste wat er is! Dit is ook zo heerlijk aan een nieuwe relatie, zeker op een leeftijd dat wij gekomen zijn, want dan heb je een heel leven uit de doeken te doen. En als je lief dan ook nog eens geboren werd en opgegroeid is aan de andere kant van het land, wordt het helemaal spannend.
Ik heb trouwens al heel veel over mezelf verteld op deze website, maar ik wil hem ook nog heel veel kunnen laten zien.
De plaats waar ik geboren ben, opgegroeid, school gelopen, gespeeld, ja zelfs gevrijd heb, gewerkt,… En ik wil dat hij dat met mij ook doet, want ik wil alles van hem weten!
We houden beiden erg veel van de natuur, en hij moet dus kunnen kennismaken met “mijn biotoop”, de plekjes waar ik als kind het meeste vreugde heb uitgehaald. Gelukkig bestaan ze nog en hebben ze de tijd en de mens overleefd.
En na de natuur, komt de lectuur, de boeken die ons gevormd hebben tot wie we zijn, en de muziek, de kunst, de dingen die ons het meest beroeren.
Tot slot, of beter gezegd te samen met dit alles, zullen we kennismaken met de belangrijkste mensen in ons leven, die van vroeger en die van nu.
Alles willen we weten van elkaar, zodat we nooit uitgepraat zullen geraken, en ik weet zeker, dat we beiden ook nooit uitgeluisterd zullen zijn.
https://www.youtube.com/watch?v=94MHIeeGwys&feature=youtu.be
En we zullen ook samen lachen en samen huilen om wat geweest is, daar ben ik zeker van, en dat noemen we dan intimiteit en thuis komen bij elkaar.
Maar vooral zullen we het heden omarmen en dankbaar zijn, dat we elkaar gevonden hebben en elke dag samen mogen opstaan, en samen mogen slapen gaan, en dat we elke dag de kans krijgen om dat wat we voelen voor elkaar om te zetten in daden die het leven de moeite waard maken.
Categorie archieven: Vandaag de dag
Vandaag de dag 05.07.2018
“Zolang één medemens zelfmoord pleegt, faalt de mensheid.”
Soms vragen mensen, hoe is dat een depressie, en paniekaanvallen hoe krijg je die?
Een paniekaanval kan je vergelijken met fantoompijn. Je been is weg en toch heb je nog pijn alsof het er is en je kan die pijn door niets verhelpen. Bij een paniekaanval is er niets om bang voor te zijn en toch word je overmand door angst die je niet kan beheersen.
Een depressie kan je vergelijken met schijndood, en als je het positiever wilt uitdrukken met een winterslaap, maar dan wel een hele lange.
Mijn eerste depressie heeft drie jaar geduurd, waarvan een gans jaar in bed liggen, alsof het een echte winterslaap was.
De eerste week is helemaal weg, de angst was toen waarschijnlijk te groot om bewust te kunnen meemaken, je valt in een soort coma en kan nog nauwelijks op de benen staan, of je armen bewegen. Alle fysieke kracht is weg.
De huisdokter stuurt je door naar een psychiater, want dit is te erg voor hem, en daar kan je dan na een paar weken terecht. Veel kan die echter in het begin niet doen buiten pillen geven, want eerst moet je fysiek op krachten komen door terug te kunnen slapen en te kunnen eten, want dat lukt dus niet meer.
Gedurende drie maanden werd naar de juiste anti-depressiva gezocht, want niet elk mens, of moet ik zeggen niet elk brein, reageert op dezelfde manier. Slaappillen heb ik nooit gekregen.
Want dat denken mensen vaak, dat je verslaafd geraakt aan de medicatie als je in therapie gaat. En aan antidepressiva geraak je niet verslaafd, daar mag je alleen niet mee stoppen zonder begeleiding van de dokter, en die beginnen ook pas te werken na een kleine maand.
Lichamelijk geraak je er dus relatief vlug terug bovenop, maar dan begint het serieuze werk, er ook geestelijk terug bovenop geraken, en dat heeft zoals ik gezegd heb drie jaar geduurd. Op een gegeven moment heb ik zelfs gevraagd om opgenomen te worden, omdat er maar geen beterschap kwam en ik mijn levenslust maar niet terug vond.
Ik heb dan zoals ik het spottend zeg, drie maanden in het zothuis gezeten, of juister uitgedrukt in het Psychiatrisch Ziekenhuis van Kortenberg. Maar dat was een misstap en verkeerde keuze van mezelf, dat heeft totaal niet geholpen, integendeel, ik was er nog minder mezelf dan thuis.
Ik heb mezelf dan ook ontslagen, en ben dan terug regelmatig naar de psychiater gegaan. Ondertussen ook nog het CAW in Overijse eens geprobeerd, of daar geen goede therapeut zat, maar ook dat was een miskoop.
En hoe stopt het dan? Wanneer wordt het dan beter? Wel dat is voor mij heel wonderlijk gebeurd.
Op een dag zat ik in de zetel en ik hoor mijzelf nog binnensmonds zeggen “en nu is het gedaan!” Ik ben recht gestaan, naar de keuken gelopen, en ben beginnen koken. En vanaf die dag functioneerde ik terug normaal en optimaal.
Maar de therapie moest verder gezet worden, en ik ben ook nog een paar keer hervallen, maar veel minder diep dan die eerste keer.
Het eerste wat de psychiater ooit tegen mij gezegd heeft is: “Gij zijt een hevige hé.” En dat was dus heel goed gezien van hem. Alles gaat altijd veel de fel bij mij, zowel het negatieve als het positieve. Zelfs moed en doorzettingsvermogen. Ik ga er voor zoals ze zeggen, en dan altijd ten volle! Ik put mezelf daardoor uit, en daar moet ik nu nog altijd voor oppassen, om niet te hoog te gaan, en ook om niet te laag te vallen.
Het leven is een evenwichtsoefening, zeggen ze, en dat is inderdaad zo, en net als bij medicijnen moet je je aan de toegelaten dosis houden. En dat probeer ik dus nu te doen, al zal ik mijn temperament wel meenemen naar de eeuwigheid, maar ik herken nu heel duidelijk de signalen als het weer eens mis dreigt te gaan, en dan grijp ik in, want ik weet dat het anders niet meer plezant blijft.
Niets
Je weet niet wat er is. Je bent gestruikeld
In je slaap, een zon heeft je geslagen
Om de hoek en je koopt blind een brood,
Verdwaalt. De straat gaat met je op de loop.
Een vreemde brengt je thuis, het is je vrouw
Die napraat over je begrafenis.
Je lag te roken in je kist, zegt zij,
En pakt een pan en bakt je dode hart.
Je weet niet wat er is. Je zit al dagen
Als een schaduw van je schaduw thuis.
De dokter komt, betokkelt je contouren
En vindt niets. Je bent het met hem eens.
Leonard Nolens – dichter
Vandaag de dag 04.07.2018 (3)
Ze mogen zeggen van die Zuckerberg wat ze willen, maar die mens kent zijne stiel: mensen samen brengen, ook de meest ongelovigen!
Vanaf vandaag heb ik dus officieel een relatie, en dat in de eerste plaats dank zij Facebook. Mijn website zit er ook voor iets tussen, maar alles is begonnen met “een verloren knuffel” op Facebook.
Nochtans ik heb al die tijd een haat liefde verhouding gehad met Zuckerberg, en af en toe was ik zijn “sociale media” kotsbeu, maar vanaf nu zal ik mijn leven beteren en voor mijn part krijgt onze Mark de Nobelprijs voor de liefde.
Samen met Johan, want zo heet mijn lief, gaan wij er voor zorgen dat de reputatie van Mark Zuckerberg gezuiverd wordt van alle smet en roddel, en ons eerste glas champagne drinken we op zijn gezondheid!
De liefde overwint alles, en ondanks de problemen en twijfels, hebben we de sprong gewaagd, en gaan we ervoor, wat er ook nog mag gebeuren. Het wordt een moderne love story met hindernissen, maar ook met passie en verlangen om er iets heel mooi van te maken.
Johan heeft voor vanavond nog maar eens de muziek, en het gedicht gekozen, en ik voel mij weer eens een rotverwend nest!
https://www.youtube.com/watch?v=DXfdez6tdnE&feature=youtu.be
Tussen de lakens
in het donker, tussen de lakens
verdwijnt de tijd
weet hij haar huid, billen en buik
meisjeszacht
in het donker, tussen de lakens
de jaren kwijt
vatten haar lippen zijn staande
oude jongensdroom
in het donker, tussen de lakens
vergeten zij
weten de witte haren, oude leden
van geen belang
in het donker, tussen de lakens
de tijd ten spijt
komen ze samen als vanouds
in tederheid
Tonny Hollanders
https://www.youtube.com/watch?v=8hQrV8kgiWo&feature=youtu.be
Geloof in het leven, geloof in de liefde, en geloof ook dat wie niet (meer) zoekt, toch vindt. En ook al denkt de hele wereld dat het niet kan, blijf overtuigd van het tegendeel.
Ik heb hem gevonden, de man met wie ik de rest van mijn leven wil doorbrengen in goede en in kwade dagen, tot de dood ons scheidt, en dat is pas wanneer ik minstens 107 geworden ben!
Vandaag de dag 04.07.2018 (2)
Vermits wat ik destijds geschreven heb, visionair genoemd wordt, wil ik nog een verhaaltje uit “mijn oude doos” op dit blog zetten. Ik schreef het in 1968.
Het is geen meesterstuk, maar vooral een lief verhaal, een hoopvol verhaal, een soort sprookje.
En wist ik toen veel dat ik ooit een Zonnestraal zou tegen komen die mij zou genezen, en die ik ontzettend graag zou zien.
De Zonnestraal
De deur gaat open, vaag merkt zij dat een gestalte in de deuropening staat, dan wordt alles weer zwart voor haar ogen.
“Ik ben alleen…zo eenzaam…nooit bezoek…”, murmelt zij, terwijl ze haar hoofdje naar rechts en links werpt.
“Bloedarmoede, heeft de dokter gezegd. Dokter…dokter…”
Stil ze ligt nu kalm. Ze schijnt te slapen.
Sneeuwwit gelaat, tussen sneeuwwitte lakens, in een witte kamer, waarin vier bedden staan, het hare in de hoek. Drie bezoekers aan de drie eerste bedden en dat zo haast elke dag.
“Ik lig zo rustig…zonder bloemen…moet niet praten…ben niet vermoeid.”
En zij weent. Haar verdriet brengt haar weer in een tastbare wereld en ze slaat de ogen op, om even daarna plots verheerlijkt te glimlachen.
“Wie ben jij, hoe kom je hier, ik ken je niet?”
“Ik jou ook niet.”
“Het geeft niet…het is goed zo…nu kan ik praten.”
Zijn haar is blond en niet kort gesneden. Zijn ogen zijn blauw en peilen de omgeving met de zelfzekerheid en nauwkeurigheid hem eigen. Zijn handen zijn gaaf en liggen rustig op de stoelleuning. Hij lijkt dapper deze jongeling en hij is gezond.
“Hoelang ben je hier reeds?”, vraagt hij het meisje.
“Drie maanden…lange maanden.”
“Hoe vul jij je tijd?”
“Ik mijmer; mijmer dat buiten de zon schijnt, dat de bomen groen zijn en de mensen genieten. En dan treur ik, omdat ik niet buiten kan zijn, in een weide met wiegende margrieten, of ergens in het bos waar de zon door de struiken dringt en gouden vlekken op de varens werpt. Ik zie mezelf dan mooi en gezond, met een paar blozende wangen, in een zomerjurkje, zodat ik op een wandelende bloem gelijk. Soms begin ik dan te schrijven over de mensen die mogen kuieren in al dat moois en over de kinderen die spelen met de geplukte margrieten. Waarom heb jij me geen bloemen meegebracht? Ik hou er zo van.”
“Volgende keer zal ik er bij hebben.”
“Kom jij dan nog naar mij terug?”
“Jazeker, tot je genezen bent.”
“Tot ik genezen ben? Dat zal nog lang duren…heel lang.”
“Niet wanhopen. Je bent jong en je jeugd zal je helpen weer heel vlug gezond te worden.”
“Wie ben jij, hoe leef jij?”
Even kijkt hij haar aan en glimlacht dan.
“Weet je dat dan niet? Ik zoek naar mensen die ik een beetje van mijn zelfzekerheid kan bezorgen. Mensen die wanhopen en niet meer in zichzelf geloven. Zo kwam ik ook tot bij jou. Ik had in dit ziekenhuis reeds enkele kamers doorzocht, voor zover dit toegelaten was, maar overal vond ik herstellenden, zieken met bezoek en enkele gelukkigen die zich klaar maakten om huiswaarts te keren. Toen zag ik jou liggen, hulpeloos en wanhopig. Ik merkte dat je me nodig had en ging aan je bed zitten.
Reik me je kleine, fijne hand, ik zal proberen enkele druppels van mijn gezondheid op jou over te dragen. Lieve handen heb jij en mooie ogen.”
“Jij bent goed.”
“ik tracht het te zijn.”

Langzaam beginnen de andere bezoekers afscheid te nemen van hun zieken. Het bezoekuurtje is voorbij.
“Morgen kom ik terug, kleine meid, dan breng ik je een grote bos margrieten mee, met witte blaadjes en een geel hartje. Ik zal ze voor jou plukken in de weide waarvan je droomde en ik zal de ruiker kort bij de zon houden voordat ik hem je breng, zodat de zonnestralen er stevig tussen zitten.
“Doe dat!”
“Tot morgen.”
“Tot morgen en dank je wel.”
Rustig is het opeens geworden; de andere patiënten schijnen ingedut te zijn. Ergens wordt er gehoest…
“Nu zal ik vlug genezen, nu word ik gauw krachtig. Een mens heeft zich over mij ontfermd.”
Dan slaapt zij in, gelukkig en tevreden met haar lot.
In haar droom ziet zij duizenden kleine kinderen die hunkeren naar wat zonneschijn en in hun midden loopt een blonde, jonge man die voor hen allen een zonnestraal plukt. Ze hebben hem lief.
…ook een zonnestraal voor u…
Vandaag de dag 04.07.2018
Mensen hebben tegenwoordig een to-do-list met alle dingen die ze nog willen doen in hun leven. Wat ze willen kopen, waar ze naartoe willen reizen, wat ze nog willen zien, wat ze nog willen lezen, wat ze nog willen realiseren…
Ik heb niet zo’n lijst, want ik zou niet weten wat ik daar moet opzetten. Een tijdje geleden had ik nog één levenswens, maar die is ondertussen al in vervulling gegaan, en voor de rest wil ik zo gezond en zo schoon mogelijk blijven leven.
David heeft momenteel ook een to-do-list, maar dan in verband met de naderende trouw, en dat is dus begrijpelijk, want er valt veel te regelen voor zo één dag die de mooiste van je leven moet worden. Nog twee en een halve maand en het is zover!
Zo’n feest brengt heel wat stress mee, en daarom denk ik dat mensen beter een not-do-do-list kunnen maken, en tijdig een paar dingen uit hun leven kunnen schrappen. Het geluksgevoel zal dan ook wel verhogen, daar ben ik zeker van! En het is ook veel gezonder.
Heb ik dan helemaal geen verwachtingen meer? Natuurlijk wel, maar om die op een lijst te zetten en per se te willen afwerken, daar zie ik het nut niet van in. Ik heb het trouwens allemaal voor een groot deel niet zelf in de hand, want ik ben eigenlijk aan een serieus “project” begonnen, waar ik totaal niet met zekerheid van weet hoe het verder gaat verlopen.
Wat ik krijg zal ik met beide handen stevig vastgrijpen, en liefst nooit meer loslaten, maar wat ik niet krijg, zal ik ook moeten aanvaarden, en dat zal mij heel veel moeite kosten.
Maar dat is nu eenmaal het leven, we kunnen het wel allemaal op onze lijst zetten, maar het is zoals met boodschappen doen, soms zijn de rekken leeg, en moeten we het zonder het gewenste doen…
Vandaag de dag 03.07.2018 (3)
Vandaag de dag 03.07.2018 (2)
Weer heel mooie dingen in mijn chatbox gevonden…
https://www.youtube.com/watch?v=-mMd6D1Gw1g&feature=youtu.be
Dat is toch het mooiste dat iemand tegen jou kan zeggen: “Ik hou het meest van jou omdat jij jij bent.”
https://www.youtube.com/watch?v=qit_HikDGxU&feature=youtu.be
En soms kan het niet anders…
Liefde zou nooit verboden mogen worden, en dus besluit ik met Edith’s hulde aan de liefde!
https://www.youtube.com/watch?v=QvHph2zrMrA
En zullen we nu maar slapen gaan, maar eerst nog een gedicht…
De vloer is bed
De vloer is bed wanneer de liefde overmant.
Op hoogpolig tapijt of het hardst parket,
als liefde om naar bed te gaan niet wachten kan,
vormen wij lijf aan lijf het vochtige ballet.
Om uit te rusten van het liefdesspel gaan we naar bed.
Carlos Drummond de Andrade
Carlos Drummond de Andrade (1902-1987) was een Braziliaanse dichter. De bundel erotische gedichten “De liefde, natuurlijk” schreef Drummond op hoge leeftijd. De gedichten in deze bundel, die pas na zijn overlijden werden gepubliceerd, vormen een essentieel bestanddeel van zijn meesterlijke oeuvre.
https://www.poemhunter.com/poem/don-t-kill-yourself/
Vandaag de dag 03.07.2018
Wanneer er iemand nieuw in je leven komt die van grote betekenis is, wil je die zoveel mogelijk over jezelf vertellen, en als je dan beiden ook nog dezelfde interesses hebt, geraak je niet uitgepraat.
Vandaag hebben we voor het eerst elkaars stem gehoord, en dat viel bijzonder goed mee! Een zachte stem, een jonge stem, en vooral een lieve stem…
https://www.youtube.com/watch?v=G9bAr5bUzDs&feature=youtu.be
En zo kwam ik erop om te vertellen over de tijd dat ik een paar voordrachtwedstrijden – destijds georganiseerd door het Willemsfonds – heb gewonnen, en wel met een verhaal dat ik zelf geschreven had toen ik ongeveer zestien was.
In die tijd, geloofde ik nog in God (een jeugdzonde!), en het is een naïef hippieachtig verhaal, maar wel vanuit een overtuiging dat er iets serieus mis was met de wereld, en ik als revolterende puber daar iets ging aan veranderen.
Het verhaal kreeg de titel: De hut van mijn leven.
Ik weet niet hoe jullie de wereld zien en het leven dat er in rond warrelt, maar wanneer je ze met dezelfde ogen bekijkt als ik, koester je dan geen stille wens tot hervorming? Wil je dan het saaie niet liefelijk maken en gewone dingen, mysterieus?
De moderne mens kijkt niet meer uit zijn ogen maar uit zijn verwarde brein, dat slechts het voordeel zoekt in elk ding apart. En dat wil ik niet, ik wil niet blind worden zoals de meesten, ik wil mijn hart niet laten ontvluchten en mijn verstand ervoor in de plaats zetten. Ik wil het gewone ontwijken en leven zoals het in mijn illusies afgeschilderd wordt.
Geluidloos zal ik uit jullie midden verdwijnen en jong in mijn dromen, vermijd ik ’t machinale, om terecht te komen in de wereld zoals God die geschapen heeft, zonder mensen die begeren en grootse dingen trachten te doen, met hun vooruitgang. Ik wil mijn wereld veroveren die onverwoestbaar mooi blijft bloeien, jaar in, jaar uit. Opgeruimd, met de zon in de ogen en in het hart, zoek ik een plaatsje om mij te vestigen en daar bouw ik dan de hut van mijn leven. Ik praat met de dieren, stoei met de vogels en verheerlijk de bloemen in de weiden. Dan zal ik vergeten wat de mensen met de aarde gedaan hebben, want wanneer ik ’s avonds, bij milde schemering de maan zal zien verschijnen, zal die me niet doen denken aan raketten en satellieten, maar betoverend, zijn zilver licht naar mij zenden en me doen inslapen met vrede in mijn ziel.
Ik zal mezelf benijden en jullie beklagen, omdat jullie dit alles moeten missen, en reeds lang dood zijn voordat men je in een kist legt, een begrafenis voor jullie organiseert en je onder de aarde steekt. Maar ik zal leven zoals de schepper het gewenst heeft, volop in de rijkdom die hij ons schonk, maar wij opzij legden voor hetgeen mettertijd in elkaar gezet geweest is. Want schiep hij de realiteit zo verwoestend als de dag van nu? Wilde hij oorlog en bloed? Wilde hij hongersnood, terwijl miljarden dienen om dingen te veroveren die hij voor een ander doel ons ten geschenke gaf? Want ik ben er zeker van dat hij de maan in de hemel plantte om te bewonderen en ons te betoveren. Maar wie wil nog betoverd worden, wie kan zijn ogen van intens genot gesloten houden, wanneer de zon in zijn gelaat schijnt?
God schiep de aarde, en jullie hebben haar schepping misvormd, omdat honderden vuisten hamerden uit razernij die de begeerte hen ingeeft. Verfoei jezelf, want jullie mankeren niet minder dan dat de grond onder jullie voeten openscheurt, je er in ploft en hij zich weer boven je hoofd sluit. Je zou zelfs de duisternis niet voelen, omdat die je toch overal vergezelde.
Kon ik maar één enkele mens meekrijgen naar mijn leven, dan was dit een geslaagd levensdoel, mijn levensdoel. En later zou ik er dan honderden zien volgen. Dan zou ik merken dat er een verhelderde glans op hun gelaat afgebeeld staat, hun ogen wijd opengaan en ze van verrukking juichen, dansen, springen, lachen, heel hard lachen, zoals de wereld nog nooit gelachen heeft, in volle overgave, eindelijk bereid de geschenken van de schepping te aanvaarden!
Dat is mijn droom.
En dat droeg ik dus voor, uit het hoofd, met het nodige temperament en overtuigd van wat ik zelf geschreven had.
Provinciaal werd ik eerste en Nationaal tweede, en ik weet nog dat ik die dag mijn maandstonden had, en vreselijke buikpijn.
Gelukkig heb ik de tekst bewaard, want ik vind hem nog altijd veelzeggend voor wie ik toen was. En veel is er niet veranderd, enkel God is afgevoerd, maar voor de rest denk ik van de wereld nog altijd hetzelfde.
https://www.youtube.com/watch?v=M4OX_aZJ854
Vandaag de dag 02.07.2018 (2)
Ik heb de indruk dat er iets beweegt in de wereld van de liefde, want ik vind het ene interessante artikel na het andere in de krant De Standaard, wat toch heet een katholieke krant zijn, of tenminste christelijke geïnspireerd.
Zou er eindelijk iets gaan veranderen aan de schijnheiligheid en de taboes waarmee er over relaties wordt gedacht en gepraat?
Monogamie is geen wapen tegen ongelijkheid
Katrien De Graeve betwist de deugden van het heteroseksuele monogame koppelmodel: het heeft vrouwen in een afhankelijke en ondergeschikte positie geduwd.
Katrien De Graeve
Postdoctoraal onderzoeker verbonden aan het Onderzoekscentrum voor Cultuur en Gender (UGent).
Hugh Desmond schrijft dat het mono-game huwelijk gebaseerd op mannelijke jaloezie en vrouwelijke seksuele trouw niet toevallig een succes is (DS 28 juni). Hij stelt dat we, als we ideologie achterwege laten, niet anders kunnen dan besluiten dat monogamie het beste relatiemodel is. En daar wringt het schoentje. We kunnen ideologie niet achterwege laten. Wetenschap kan nooit een view from nowhere op de werkelijkheid bieden. Wetenschap wordt altijd beoefend vanuit het geheel van kennis, waarden en vooroordelen van de wetenschapper. Feministische wetenschappers hebben al ettelijke decennia geleden blootgelegd hoe de zogenaamd ‘neutrale’ wetenschap niets anders is dan een partiële kijk op de wereld. Het is een kijk gekleurd door de subjectieve ervaring en het ideologische kader van zijn traditionele beoefenaars: westerse mannen.
We kunnen bovendien ideologie niet achterwege laten wanneer we spreken over een zo sterk van ideologie doordrongen concept als monogamie. Zoals Desmond terecht aangeeft, is er een verschil tussen paringsgedrag en een norm, en monogamie is geen paringsgedrag, maar een norm die voortkomt uit een ideologie. Monogamie is een instituut, een instituut dat al decennialang wordt bekritiseerd door feministische onderzoekers om zijn vrouw-onderdrukkende effecten.
De Amerikaanse wetenschapsfilosofe Angela Willey schetst in haar boek Undoing Monogamy hoe in de 19de eeuw monogamie als ideaal relatiemodel werd verspreid. Wetenschappelijk discours en (koloniale) politiek-economische belangen waren in dat proces onlosmakelijk met elkaar vervlochten. Er werd een evolutionair verklaringsmodel gecreëerd, waarin monogamie niet alleen als een ‘natuurlijke’ en vanuit evolutionair oogpunt ideale paringsstrategie werd voorgesteld. Monogamie werd ook beschouwd als een eindpunt in de evolutie die beschavingen doormaken. Tegelijk werd op die manier verschil maar ook hiërarchie tussen de verschillende seksen en ‘rassen’ gecreëerd en uitvergroot: de vrouw als fundamenteel verschillend van en minderwaardig aan de man; de gekoloniseerde als fundamenteel anders en minderwaardig aan de kolonisator.
Wetenschap om onderdrukking te legitimeren.
Onder voogdij
Feministische filosofen zoals Adrienne Rich hebben uitgebreid beschreven hoe het heteroseksuele monogame koppelmodel vrouwen in een afhankelijke en ondergeschikte positie heeft geduwd, door hen ertoe aan te zetten al hun emoties en arbeid te richten op de exclusieve zorg voor hun man, die zich dan door haar steun en onbetaald werk volledig kon toeleggen op zijn betaalde job. Vrouwen kwamen hierdoor niet alleen in een financiële afhankelijkheidspositie terecht, ze stonden in België zelfs tot 1976 onder wettelijke voogdij van hun echtgenoot. Monogamie als wapen tegen maatschappelijke ongelijkheid naar voren schuiven is in het licht daarvan op zijn minst vreemd.
Monogamie is nog steeds de norm. De laatste decennia is het model van het huwelijk ‘tot de dood ons scheidt’ weliswaar meer en meer onder druk komen te staan, ten dele door de vrouwelijke ontvoogdingsstrijd, maar even goed door de verschuiving naar een neoliberaal economisch model van individualisme en sociale afbraak. En hoewel vrouwen nu meer participeren in betaalde arbeid, ligt de zorg voor de kinderen nog altijd overwegend bij hen. Desalniettemin vullen meer en meer mannen, in tegenstelling tot vroeger, hun rol als vader breder in dan enkel als kostwinner. Ze doen dat binnen heel verschillende relatiemodellen: in tweeoudergezinnen, nieuw samengestelde gezinnen, in uitgebreide families, als alleenstaande vaders, in polyamoureuze gezinnen, in communes.
http://www.standaard.be/cnt/dmf20180627_03586481
Desmond lijkt terug te verlangen naar de goede oude tijd waarin vrouwen zich schikten in de rollen (namelijk monogaam, heteroseksueel en moeder) die hij hen ‘van nature’ toedicht, en mannen zo goed waren om hun promiscue ‘natuur’ een beetje in toom te houden. De verschillen tussen mannen en vrouwen uitvergroten en als onomstotelijke ‘feitelijkheid’ presenteren, eerder dan de grote verscheidenheid in vrouwen en mannen erkennen, is dan een beproefd recept om ongelijkwaardigheid te legitimeren en in stand te houden.
Katrien De Graeve – De Standaard 02.07.2018
Vandaag de dag 02.07.2018
Toen wij pas getrouwd waren, zijn mijn man en ik, samen met mijn ouders, tantes en nonkels, met een autocar naar Lourdes geweest. Niet op bedevaart hoor, al had één van mijn tantes dat wel beloofd als bedankje voor een gunst van hierboven.
Op terugweg naar huis hadden we twee kisten meloenen mee. De ganse car rook ernaar.
Toen ik vanmorgen in de keuken kwam geurde die net zo. Eén rijpe meloen in huis, en je zit in de Provence!
De vakantie is volop begonnen, en meteen ook de solden. Geen van beiden trekken mij echt aan, en zeker niet bij deze temperaturen. Elke dag van de week beloven ze dertig graden! Zit dan maar eens in de file, of in een pashokje.
Ik ben wel zopas naar de oogarts geweest, en de brilglazen moeten lichtjes aangepast worden. Komt misschien door de liefde, want ze zeggen toch dat die blind maakt…
Ik mag ook niet meer zo lange tijd na elkaar achter mijn computerscherm zitten, want je ogen zouden daarvan uitdrogen zegt de oogarts. Maar met druppeltjes moet dat op te lossen zijn.
David heeft ondertussen ook de ventilator teruggevonden, die ik niet vond, zodat ook dat mysterie opgelost is.
Isabelle, de mama van Audrey, heeft gisteren een taart gebakken van de bessen die ik voor haar aan David meegegeven had, en David had er een stuk van bij. Straks eens proeven, maar zal wel verdomde lekker zijn, want zo ziet ze er in elk geval uit!
Geven en nemen, zo zit het leven in mekaar, en van beiden kan je evenveel voldoening hebben.
En de laatste tijd krijg ik zoveel, en kan ik ook zoveel geven! En bovendien zorgt de liefde voor een bron van inspiratie, die alles nog extra waardevol en schoon maakt. En een mens heeft niet eens een nieuwe bril nodig om dat te zien!
https://www.youtube.com/watch?v=aHGe2jx_tzw&feature=youtu.be





