In de tuin staan
witte kolen,
bloemkolen,
rode kolen,
Chinese kolen,
spitskolen,
en deze zomer
vooral hete kolen.
Micheline Baetens – 23.08.2018
Heb mij lief gelijk ik ben
Ik zou tot al mijn vrienden willen gaan
-Ook wel tot hen, die niet mijn vrienden zijn-
En vragen: Heb mij lief, gelijk ik ben
En stel aan mij geen eischen. Zie, ik kan
Niet onderhoudend praten, niet gevat
Of geestig zijn, en niet vertrouwelijk
Vertellen van mij zelf of van mijn ziel…
Wat zouden we ons vermoeien voor elkaar?
Laat mij maar zwijgend naast u zitten, stil
Verdiept in eigen werk, eigen gedachten.
Of- als gij praten wilt -spreek gij tot mij.
Ik zal wel luistren, als gij vriendelijk
Met lichten kout mij onderhouden wilt,
Wel lachen om de grappen, die ge zegt,
Wel ernstig kijken, als ge hoog, of diep,
Of ijdel praat van al te diepe dingen…
Maar, als ik dan zoo zwijgend zit, en luister
Naar uw gesprek- of naar het klokgetik-
Of ‘k laat de stilte ruischen om ons heen,
-Die ruischt zoo prettig, als de menschen zwijgen-
Als ‘k mij dan blij in uw nabijheid voel,
Dan zou ik willen vragen, en de stilte
-Of ons gesprek -verbreken met mijn vraag:
“Zeg, zijt ge ook blij, dat ik naast u zit?”
Spraakt gij dan “Ja,” dan zei ik zacht: “Ik ook”…
En dat was alles, wat ik weten wou
En al, wat gij van mij behoeft te weten.
Jacqueline van der Waals
In: Nieuwe Verzen, 1909
Nijkerk: Callenbach
De twee laatste zinnen beamen het: als dat eens voldoende kon zijn, en het enige wat mensen van elkaar verlangen, gewoon naast elkaar zitten en blij zijn met elkaar.
Deze man doet mij nadenken, spreekt een taal die ik versta, en onderstaand krantenartikel bewijst dat hij ook weet waarover hij praat.
Zijn we onze verworven onafhankelijkheid van denken en voelen weer af aan het geven, dit keer niet aan een god, maar aan o.a. zoekmachines als Google en Amazon? Verliezen we onze intuïtie over wat goed voor ons is, aan de technologie, of gebruiken we die enkel voor wat nuttig is, er over wakend dat we er niet afhankelijk van worden?
Zelfkennis is en blijft de beste kennis!
Toeristen in Zuid-Frankrijk zijn ‘luide gezang’ van krekels beu
DE STANDAARD – 22.08.2018
Houdt u van het geluid van een krekel in de ochtend, als wekker op uw Franse vakantieoord? Prijs u gelukkig, want er zijn andere mensen.
In de gemeente Le Beausset, een dorp in het zuidoosten van Frankrijk, klagen toeristen over het kabaal dat ‘les cigales’, of de krekels, er ’s morgens maken.
Ze maakten hun grieven over aan de burgemeester, met de vraag om in te grijpen. Burgemeester Georges Ferrero vond de klachten zo absurd dat hij met zijn verhaal naar de lokale pers stapte.
Volgens hem beweerden de toeristen in Le Beausset dat ze elkaar niet meer konden horen door de te luide krekels. Het ‘zingen van de cigales’, zoals de inwoners het noemen, zou deze zomer luider dan anders zijn.
Naar eigen zeggen kreeg de burgemeester zelfs de vraag om insecticiden ter beschikking te stellen. Maar zijn antwoord was duidelijk: ‘Als jullie naar het zuiden komen, weten jullie dat er krekels zijn. En daar zijn we trots op!’

Een tijdje geleden ontdekte ik dat ik in het Belgisch Staatsblad stond van 22 februari 1959, 11 dagen na mijn 10de verjaardag. Justitie had namelijk mijn naamsverandering goedgekeurd: Micheline Caron werd Micheline Baetens.

Eigenlijk achteraf gezien wel jammer, want ik heb mij altijd meer een Caronneke gevoeld, dan een Baetens. Ik heb meer van moeders kant dan van die van mijn vader.
Hoe het kwam dat ik de naam van mijn moeder kreeg in plaats van die van mijn vader, heb ik al een paar maal verteld.
Mijn moeder was nog niet gehuwd met mijn vader toen ik geboren werd, want ze was nog aan het scheiden van haar eerste man. Eerst kreeg ik die man zijn achternaam, maar vermits hij mij niet erkende als zijn kind, kreeg ik de naam van mijn moeder. Een bastaardkindje! Wat een etiket!
En dit ging zo gebleven zijn indien men na verloop van tijd de wet niet aangepast had die het mogelijk maakte dat ik toch de naam van mijn natuurlijke vader kreeg. Toen de wet veranderde kon die mij adopteren, en het is eigenlijk mijn grootvader langs moeders kant die daar heel erg op aangedrongen had. Hij heeft het jammer genoeg niet meer zelf meegemaakt.
Mijn moeder was niet blij met haar zwangerschap, en zestien maanden later evenmin met een tweede kind. Maar vrouwen hadden destijds niet veel te kiezen, en veel minder dan nu hun lot in eigen handen. Ik denk trouwens dat ze het mijn vader altijd heeft kwalijk genomen dat ze direct zwanger was en dat ze zich in de val gelokt voelde…
Moeder had nooit mogen hertrouwen en ook nooit kinderen mogen krijgen, want dan denk ik dat ze veel gelukkiger zou geweest zijn, en als vrouw veel beter tot haar recht zou zijn gekomen. Maar ja, de lessen van het leven komen vaak veel te laat…
Tegen wil en dank
Mijn moeder
heeft geen mooi leven gehad.
Ze had niet mogen trouwen
en kinderen krijgen
tegen wil en dank.
Ze had nu moeten geboren worden,
dan was ze een openhartige vrouw geweest,
en niet levenslang
gebonden aan handen en voeten
tegen wil en dank.
Micheline Baetens – 21.08.2018
“Je hebt mensen die Harari gelezen hebben en mensen die hem niet gelezen hebben. Je hoort beter bij de eersten”
De Morgen – 17-08-18 – Marnix Verplancke
Eind augustus komt zijn nieuwe al uit, maar hebt u Sapiens en Homo Deus al gelezen? Of verhuisde u onlangs naar een andere planeet? De boeken van Yuval Noah Harari (42) over verleden en toekomst van de mens rollen al maanden over de tongen. “Je hebt mensen die Harari gelezen hebben en mensen die hem niet gelezen hebben. Je hoort beter bij de eersten.”
Barack Obama, Mark Zuckerberg en Bill Gates kunnen er maar niet over zwijgen, over hoe goed ze Sapiens en Homo Deus wel vinden. Twaalf miljoen keer gingen deze kleppers al over de toonbank, waarvan een kwart miljoen keer in het Nederlands. In iedere boekenkast prijkt stilaan wel een exemplaar. Hebben we hier te maken met een literair mirakel of is de Israëlische historicus Yuval Noah Harari (42) de zoveelste hype? We houden ons oordeel nog even in beraad.
Feit is dat Sapiens en Homo Deus niet tot de usual suspects onder de bestsellers behoren. Dit zijn geen romans, maar wel non-fictiewerken over verleden en toekomst van de mens. In het eerste boek gaat Harari na waarom de mens in goed 70.000 jaar tijd van een dier onder de dieren uitgegroeid is tot het dominante wezen dat zelfs een geologische periode naar zich genoemd kreeg, het antropoceen.
Essentieel is volgens Harari de cognitieve revolutie die de mens onderging. Deze droeg verbeelding in zich, vertelde verhalen die hem met andere mensen verbonden en deden samenwerken, en liet hem daardoor met rasse schreden dwars door de biologische evolutie stappen. De mens heeft goden, naties, geld en mensenrechten bedacht, hij heeft wetenschappelijke ontdekkingen gedaan die zijn macht steeds groter maakten en hij is flink op weg om zo zijn eigen graf te delven.
Want daar gaat Harari’s Homo Deus over, over de toekomst, waarin informatie het overneemt van de mens. We willen steeds beter en grootser worden, vertrouwen daarbij meer en meer op nanotechnologie en artificiële intelligentie, en beseffen niet dat we daardoor onszelf verliezen. Er zal een tweedeling ontstaan binnen de mensheid, met een kleine godgelijke elite en een massa overbodig voetvolk. “De mens zoals we die vandaag kennen, zal verdwijnen en in de plaats komt een godmens”, vat filosoof Jean Paul Van Bendegem Harari’s toekomstvisie samen. “Hij wil via de wetenschap de mens overwinnen en tot god maken. Ik kan me voorstellen dat deze heilsboodschap velen aanspreekt.”
Hoogstaand een kopje kleiner
Sapiens en Homo Deus zijn gegroeid uit Harari’s colleges aan de Hebreeuwse Universiteit in Jeruzalem. Daar kreeg hij de opdracht de cursus ‘Geschiedenis van de mensheid’ te doceren, waar hij met enige tegenzin aan begon. In feite konden alleen de vragen van zijn studenten hem boeien. Daar ging hij dan ook uitgebreid op in, waardoor hij uitstapjes maakte naar de biologie, psychologie, economie, kunstgeschiedenis, computerwetenschappen en ga zo maar door.
Al die strengen zitten in zijn boeken verweven, waardoor ze een complex beeld geven van de realiteit. Volgens Arend Hosman, Harari’s Nederlandse uitgever, ligt daar dan ook de reden voor zijn succes. “Onlangs had ik het er nog over met een boekverkoopster”, vertelt hij, “De wereld waarin wij leven is zo complex geworden, zei ze, en mensen willen die wereld beter begrijpen. Harari stelt de juiste vragen en hij durft een positie te kiezen. Dat maakt hem misschien wel de uitgelezen gids voor onze tijd.”
Maar is hij ook een goede gids? Om dat te weten te komen, gaan we te rade bij wetenschapscommunicator Lieven Scheire. “Harari heeft een fantastische helikopterblik”, steekt hij enthousiast van wal. “Geschiedenis is niet mijn corebusiness, maar ik heb enorm veel opgestoken van dit boek. Harari weet je steeds weer te verrassen.
“Zo schrijft hij bijvoorbeeld dat middeleeuwse ridders een christelijke moraal hadden, maar tezelfdertijd andere mensen zonder enig probleem de kop konden inslaan. Vanuit een hedendaags perspectief is dat raar, maar voor die ridders toen niet. Hetzelfde geldt voor ons vandaag. Wij zijn sinds een eeuw of drie humanisten en ook wij zien soms de contradicties niet in dit systeem. We kunnen zeggen dat we voor vrijheid en gelijkheid zijn, maar om gelijkheid te bevorderen moet je vaak net wat vrijheid afgeven.”
Ook Harari’s inzichten over ideologie zijn voor Scheire belangrijk. “Hij toont dat onze ideeën niet de enige waarheid zijn, maar altijd tijd- en cultuurgebonden”, zegt hij. “Humanisme, mensenrechten en politieke correctheid zijn vandaag sterk gewortelde ideologieën die ik zelf ook aanhang. Mensen die vandaag moreel over de schreef gaan, kunnen maatschappelijk kaltgestellt worden. Die moraal heeft bijna de macht die religie vroeger had. Als atheïst kon je het in de middeleeuwen wel vergeten. Als je vandaag aantoonbaar racistisch of seksistisch bent, loop je ook dat risico. Persoonlijk vind ik dat we er zo moreel op vooruitgegaan zijn, maar het is geweldig boeiend om dat als een nieuwe ideologie te beschouwen in plaats van als de eindelijk ontdekte ultieme waarheid.”
Gefronste wenkbrauwen
Laten we deze uitdagende stelling eens voorleggen aan een aantal politici, dachten we, want ook bij hen is Harari waanzinnig populair. Alexander De Croo (Open Vld), Jan Jambon (N-VA), Hilde Crevits (CD&V), Kris Peeters (CD&V) en Hugo Coveliers (op rust) namen dit jaar een of beide boeken mee op vakantie en Open Vld-voorzitter Gwendolyn Rutten, die Sapiens drie jaar geleden al las, is inmiddels al aan haar tweede exemplaar toe omdat het eerste door het vele bladeren en Post-its plakken uit elkaar begon te vallen. “Harari stelt inderdaad dat mensenrechten nooit verworven zijn, maar op elk moment opnieuw in vraag gesteld kunnen worden”, zegt ze.
“Het is daarom belangrijk om verhalen te vertellen, opnieuw uit te vinden en te delen, anders zijn we ze sneller kwijt dan we beseffen. Ik vind bijvoorbeeld niet dat het verhaal van de individuele zelfbeschikking moet vervangen worden door een ander verhaal. Integendeel. Ik vind individuele zelfbeschikking ook in deze 21ste eeuw het juiste uitgangspunt, de basis en de pijler van de liberale democratie die toch nog steeds de best mogelijke samenlevingsvorm is.”
Ruttens partijgenoot Alexander De Croo gaat nog een stapje verder in zijn kritiek op Harari. “Soms gaat hij toch wel heel erg kort door de bocht”, zegt hij. “Hij geeft heel veel voorbeelden waarbij ‘Si non è vero, è ben trovato’ zijn devies lijkt te zijn: als het niet waar is, is het wel goed gevonden.” De Croo geeft meteen enkele voorbeelden waarbij ook hij mikt op Harari’s cultuurrelativisme wat mensenrechten betreft: “Hij probeert zich wat in te dekken door te bekennen dat dit een heikel punt is, maar hij houdt wel vol dat mensenrechten niet universeel zijn. Vrouwelijke genitale mutilatie? Moet kunnen, want dat is cultuur. Wie beweert zoiets? De grootste fascisten ter wereld, met wie ik me toch liever niet zou associëren.
“En zo zitten er nog wel een paar redeneringen in waarvan ik als liberaal niets moet weten, dat we als mensen achtervolgd worden door ons DNA bijvoorbeeld. Een groot deel van ons gedrag voert hij terug op ons verleden als jager-verzamelaar. Dat houdt geen steek. Het is een idee dat te pas en te onpas gebruikt wordt om te verklaren waarom wij vrouwen in een bepaald rolpatroon duwen, verslaafd zijn aan suiker, enzovoort. Wanneer hij het liberaal humanisme als een religie beschrijft, frons ik ook even de wenkbrauwen. Net zoals wanneer hij beweert dat dit humanisme in strijd is met wetenschappelijke ontwikkelingen. Bij mijn weten staat het liberaal humanisme juist heel erg open voor wetenschappelijke nieuwsgierigheid.
“En dan zijn er nog de vaak ongefundeerde veronderstellingen die hij maakt. De jager-verzamelaar was wellicht stukken gelukkiger dan wij, schrijft hij. Ik kan dat moeilijk geloven. Voor Ontwikkelingssamenwerking kom ik vaak in streken waar men niet zo ver van die jager-verzamelaar af staat. Als je ziet in welke miserie die mensen leven, kan ik me niet voorstellen dat zij zoveel gelukkiger zijn dan wij. Als zo veel kinderen sterven nog voor ze de leeftijd van vijf jaar hebben bereikt en als je constant blootgesteld wordt aan geweld, kun je toch niet gelukkig zijn?”
Statussymbool
Historica Heleen Debruyne wil deze kritiek toch wat relativeren. “Zulke veralgemeningen mag je verwachten wanneer je als historicus 70.000 jaar wil overspannen in een boek”, zegt ze, “maar misschien heeft hij zijn succes ook wel te danken aan die brede scope. Wie waagt zich daar vandaag nog aan? De tijd van Spengler (Duits cultuurhistoricus Oswald Spengler, met als voornaamste werk ‘De ondergang van het Avondland’, red.) ligt al een eind achter ons, terwijl mensen wel op zoek zijn naar zo’n langetermijnperspectief.”
Maar er zit meer achter het succes van Harari’s monsterverkoop, vermoedt ze. Sapiens en Homo Deus gelezen hebben, is stilaan een statussymbool geworden. Je kunt je er mee onderscheiden en je tot de bewuste mensen rekenen die nadenken over waar het naartoe moet met de planeet. “Vandaar dat het boek ook zo ostentatief gelezen wordt”, voegt ze nog toe, “op de trein bijvoorbeeld, of aan de rand van het zwembad, waar je zeker gezien wordt.”
Ook Kris Peeters, op vakantie in Griekenland toen we hem belden, merkt dat op. “Je hebt tegenwoordig mensen die Harari gelezen hebben en mensen die hem niet gelezen hebben en je hoort maar beter bij de eersten”, zegt hij wat meewarig. “Veel mensen voelen zich daardoor verplicht die boeken te lezen. Dat gebeurt om de zoveel tijd, en ik vind dat een beetje overdreven. Vijf jaar geleden zag je hetzelfde met Piketty’s Kapitaal in de 21ste eeuw waar sommigen zich door worstelden om erbij te horen.”
Peeters kreeg Sapiens en Homo Deus van zijn kabinetsmedewerkers, als verjaardagscadeau. Best wel lezenswaardig en interessant vindt hij ze, “maar het is nu ook weer niet zo dat die boeken je hele leven door elkaar schudden. Met Sapiens ga je de begroting niet in evenwicht krijgen, of een arbeidsdeal afsluiten. Alhoewel. (grinnikt) Harari beschrijft hoe we onszelf de das omgedaan hebben door van jagen en verzamelen over te schakelen op landbouw. Opeens moesten we dag en nacht werken waar we voordien zeeën van tijd hadden, om het maar wat karikaturaal te stellen.”
“Mooi”, besluit hij een beetje meesmuilend als hij hoort hoeveel van zijn collega’s Harari deze zomer hebben gelezen, “Misschien kunnen we die boeken bij een volgend begrotingsoverleg op Hertoginnedal met zijn allen eens bespreken.”
‘De lege mens Verhofstadt’
“Harari zet mij wel degelijk aan het denken over mijn beleidsdomein,” spreekt Hilde Crevits haar partijgenoot een beetje tegen. Wat onderwijs betreft legt hij de nadruk op kritisch denken, communicatie, samenwerking en creativiteit. Hij wil dat scholen geen vakidioten voortbrengen, maar teruggrijpen naar het klassieke ideaal van bildung. “Ik denk dat hij daar gelijk heeft”, reageert Crevits, “zeker als we ons eigen voortbestaan willen veiligstellen. De AI die we creëren zou ons weleens kunnen uitroeien. Daar moeten we dus kritisch bij stilstaan.
“Maar tezelfdertijd moeten we ook mensen opleiden die technisch in staat zijn de innovatie uit te denken en in de praktijk te brengen natuurlijk. Maar ik zie in Harari toch vooral een provocateur die je wakker wil schudden. Ik heb ooit les gekregen van Jaap Kruithof. Ik kwam uit een katholieke school en opeens kreeg ik de opdracht alles in vraag te stellen en alle conventies van een andere kant te bekijken. Er ging toen een heel nieuwe wereld voor me open en hetzelfde gevoel had ik bij het lezen van Harari.”
Ook Hugo Coveliers, ooit Volksunie en Open Vld, benadrukt dat. “Harari noemt het nationalisme een ideologie uit het verleden”, zegt hij, “en hij heeft het volste recht om het zo te zien, maar tegelijk kun je uit zijn ideeën ook afleiden dat de mens vooral moet samenwerken met de mensen uit zijn naaste omgeving. En dan kom je natuurlijk uit bij het idee van federalisme, waarbij mensen zich in verschillende kringen bewegen. De eerste is het gezin en de volgende het volk.”
“Ik denk dat hier geen tegenspraak is met wat Harari beweert. Alleen vrees ik dat zijn universele mens uiteindelijk ook een lege, van iedere identiteit ontdane mens wordt, een beetje zoals Guy Verhofstadt zich de Europese burger voorstelt, wat niet hoeft te verbazen natuurlijk aangezien Verhofstadt zelf ook een volstrekt lege mens is.”
Moeten we Harari nu lezen of niet? Na alle kritiek zou je gaan twijfelen, toch vindt iedereen die we spraken Sapiens en Homo Deus, ondanks al hun zwaktes, rijke, boeiende en grappige boeken. Misschien laten we dus beter het laatste woord aan een filosoof, Jean Paul Van Bendegem, die zegt dat je bij het lezen van Harari steeds in het achterhoofd moet houden dat je hier één scenario van vele mogelijke scenario’s te lezen krijgt: “In feite zou er een sticker op dit boek moeten kleven”, zegt hij, ‘“Pas op, dit is niet de ultieme waarheid!’”
Op 30 augustus verschijnt 21 lessen voor de 21ste eeuw, het nieuwe boek van Yuval Harari.
Dit bericht vond ik vandaag terug op Facebook, het dateert van dag op dag drie jaar geleden.
Micheline Baetens
21 augustus 2015 om 10:58 ·
Wat ik het meest mis, is samen van dezelfde dingen genieten met dezelfde gevoelens. Zelden kom je zo iemand tegen.
Deze zomer is het mij bijna gelukt, maar helaas…
Hij vrijt mij op
Hij vrijt mij op
met zijn muziek,
zijn poëzie,
zijn dromen,
zijn humor,
zijn geile praat
en zijn lieve onzin.
Hij vrijt mij op
met zijn wijsheid,
zijn mededogen,
zijn begrip
en zijn respect.
Hij vrijt mij op
met zijn kwetsbaarheid,
zijn hunker
naar schoonheid,
en met zijn verlangen
naar goedheid
en naar liefde.
Micheline Baetens – 09.07.2018
Vandaag stuurde mijn zoon mij dit uittreksel door, omdat hij vindt dat ik net als hij daar veel zal aan hebben.
En inderdaad want toevallig kwam dit ook ter sprake in de televisiedocumentaire van Adriaan van Dis, en vond ik wat er verteld werd over de dharma of dhamma heel interessant omdat het mij heel erg doet denken aan zelfzorg.
https://nl.wikipedia.org/wiki/Dhamma
BOEK: Sapiens. Een kleine geschiedenis van de mens
Auteur: Yuval Noah Harari