De IJsebroeken

“De IJsebroeken”, het natuurgebied langsheen de Dreef naar Huldenberg in Overijse dat beheerd wordt door Natuurpunt, heeft nu ook een pagina op Facebook, en ze hebben er één van mijn gedichten opgezet.Ik groeide op aan de IJsebroeken. Het was als kind mijn biotoop en inspiratiebron voor mijn eerste gedichten. Vroeger noemde ik ze trouwens de vijvers van de graaf, omdat ik dacht dat ze van de graaf van Huldenberg waren, samen met de omliggende bossen. Ik ben blij dat het nu beschermd natuurgebied is!Haast elke avond, en na schooltijd, maakte ik een wandeling, om telkens wat nieuws te ontdekken, en mijn verbeelding aan het werk te zetten. De troost van de verbeelding

Wanneer de wereld
Te schamper is om aan te kunnen,
Maak je dan terug een veilig nest
In het hoogste gras,
Tussen pinksterblauw en botergeel,
Bij het vluchtwegbruggetje
Van het verdronken riet.

En beeld je dan terug in,
Dat je nog onbestaand,
Nooit een voet
Op deze aarde hebt gezet.

En wees dan terug blij,
Dat je de troost van de verbeelding,
Nooit bent kwijt geraakt.

Micheline Baetens – 23 augustus 2017

Het is de schoonste plek op aarde, en hopelijk blijft het zo!

Een nieuwe thuis!

https://www.youtube.com/watch?v=a9_X2MFilaQ

Kuieren, dat moesten we meer doen dan al die belachelijke sporten en stunten. Tegenwoordig tellen ze zelfs hun stappen en ze maken er een wedstrijd van. Ze zouden beter een voorbeeld nemen aan mijn kippen, want die kunnen dat goed, kuieren,  als ze mogen los lopen in de tuin.

http://www.standaard.be/cnt/dmf20190216_04181429

Vandaag hebben ze een nieuwe woonst gekregen, want het oude kippenhok was na een zestal jaren compleet versleten en niet meer veilig. David heeft het in een wip en een gauw in elkaar gestoken, en nu zitten ze weer proper en een stuk comfortabeler.

Drie kippen en een haan, en ze hebben mooie namen!

Kip de goede hoop, 50 tinten grijs en Peace.

Nelson en 50 tinten grijs

Vanaf dit jaar neemt mijn zoon ook de moestuin van mij over en door het kippenhok een andere plaats te geven, is die meteen ook vergroot.

Lente!

Daar is de lente, daar is de zon,
bijna – maar ik denk dat ze weldra zal komen -,
de fallus impudicus staat al in bloei
en de blaadjes krijgen bomen!

M’n vrouw en m’n kat zijn allebei krols,
het valt me moeilijk ze rustig te houden,
ik zal binnenkort weer een heleboel
nesten moeten bouwen, want

daar is de lente, daar is de zon,
bijna – maar ik denk dat ze weldra zal komen -,
de fallus impudicus staat al in bloei
en de blaadjes krijgen bomen!

De bloembotten barsten open met een
knal en meisjes ontbloten de kuiten
de bouwvakkers hebben na ’n nare tijd
weer iets om naar te fluiten,

want daar is de lente, daar is de zon,
bijna – maar ik denk dat ze weldra zal komen -,
de fallus impudicus staat al in bloei
en de klokken vertrekken naar Rome!

Zeventien graden vandaag, een vroege lente dus!

Zelfhulpgroep voor wie anders wil gaan leven

Eigenlijk zou er een zelfhulpgroep of praatgroep moeten bestaan voor mensen die iets serieus willen veranderen in hun leven, want die zijn met velen tegenwoordig. Maar vaak weten ze niet hoe ze eraan moeten beginnen, en in elk geval, gemakkelijk is het niet.

Als je je huis wilt renoveren ga je naar Batibouw en wanneer je een nieuw auto wilt kopen naar het Autosalon. Wil je je eetgewoontes veranderen, kan je naar een voedingsconsulente, en wie iets fitter en slanker wil worden kan naar de fitness. Maar wat als ik anders wil gaan leven? Naar een psychiater? Maar je bent toch niet ziek, waarom zou je dan naar een dokter gaan?

Een zelfhulpgroep of gewoon een praatgroep, waar mensen samen komen, die hun leven willen bijsturen, of ja zelfs serieus willen veranderen, omdat ze anders wél ziek worden en ongelukkig, zou een goede stimulans zijn om daar eens werk van te maken. Want meestal weet je wel waar je niet tevreden mee bent, en weet je ook wel wat je wilt, enkel wat steun en solidariteit ontbreekt, en die zou je in zo’n groep dan kunnen krijgen.

Je kan de mensen een lijst laten maken met punten waaraan ze willen werken, en telkens de groep samenkomt, kan een stand van zaken opgemaakt worden, en bekeken worden hoe daar de afgelopen tijd mee omgegaan werd, en wat het resultaat is. Ieder op zijn eigen ritme, stap voor stap, beetje bij beetje, want veranderen is meestal een werk van lange adem, dat doe je niet op één twee drie. Volhouden en volharden in wat je wilt, is de boodschap.

Makkelijk is dat niet, maar wel zeer zeker de moeite waard. Je zal tegen veel moeten opboksen, en de weerstand van je omgeving zal vaak niet gering zijn, want als jij verandert zal je omgeving mee moeten veranderen, willen of niet, en ze zullen  zich willens nillens moeten aanpassen, wat hen meteen ook uit hun comfortzone zal halen. Maar wanneer ze merken dat het je menens is en je eigenlijk het beste voorhebt met hun en jouw leven, valt dat na verloop van tijd wel mee. Trouwens, wie wil er nu ongelukkige of zieke mensen om zich heen, vooral als het de mensen zijn waarvan je houdt?

Een zelfhulpgroep voor wie anders wil gaan leven, ik zie dat wel zitten! En ik zou beginnen met hen het boek “Beter zorgen voor jezelf” te laten lezen, want dat heeft mij ook over veel dingen anders doen denken, en anders gaan denken, is het fundament om anders te gaan leven.

Valentijn

Op 14 februari wordt Valentijn gevierd, een feestdag voor de verliefden en een hoogdag voor de liefde. Blijkbaar is verliefd zijn enkel pure chemie, die ons in staat stelt de uiteindelijke liefde te vinden, of ook niet, want uiteindelijk is de roes maar tijdelijk… Wie verliefd is, geniet er dus van, want schone liedjes duren niet lang!

Waarom maakt liefde blind?
EOS Wetenschap

Als we verliefd zijn, gebeurt er een hoop in ons lichaam. Vreemd genoeg voelen we ons zowel gestrest als gelukkig. Verschillende hormonen en n­eurotransmitters zijn daarvan de oorzaak.
Zo komt er adrenaline in ons bloed. Het stresshormoon dat het lichaam prepareert om te vechten, vluchten of bevriezen. In een panieksituatie trekt het bloed uit onze maag weg, zodat onze ledematen een van deze reacties kunnen uitvoeren. Dat zorgt er ook voor dat we geen honger meer hebben. Precies: als je stapelverliefd bent, krijg je geen hap meer door je keel. Mogelijke bijwerkingen: vlinders in je buik, knikkende knieën, niet meer uit je woorden komen… Gedragingen die ook plaatsvinden vlak voor een sollicitatiegesprek.
Natuurlijk voelen we ons ook euforisch als we verliefd zijn. Zo komt het pijnstillende hormoon endorfine vrij. Samen met de neurotransmitter dopamine – belangrijk voor het ervaren van beloningen – zorgt dit voor het gevoel van euforie en geluk. Hersenscans van verliefde mensen laten zien dat er veranderingen in de hersenen optreden. Als zij een foto te zien krijgen van hun partner, activeert dat beloningsgevoelige gebieden: de nucleus accumbens en het ventrale tegmentum.
Tegelijk deactiveren de gebieden in de prefrontale cortex betrokken bij cognitie, ofwel het complexe denken. Zo kunnen we onze eigen emoties minder goed relativeren dan normaal. Ook adrenaline zorgt ervoor dat nadenken een stuk lastiger is.Die euforische hormonen en veranderingen in de hersenen zorgen ervoor dat liefde blind maakt. We kunnen minder goed nadenken, en zo neemt de verliefdheid de overhand. We wuiven negatieve gedachten snel weg en kunnen ons plots op maar één ding concentreren. De euforie zorgt ervoor dat we alle positieve kanten benadrukken en onze geliefde op een voetstuk plaatsen.
We zijn er nog niet, want ook serotonine speelt een rol. Normaal gezien zorgt deze neurotransmitter er in de prefrontale cortex voor dat we bepaald gedrag kunnen remmen. Bij verliefde mensen zijn er aanwijzingen dat de serotonineconcentratie erg laag ligt. Dat betekent dat we ons impulsiever en obsessief kunnen gedragen. Vergelijk het met een verslaving. Je richt je nog maar op één ding en verliest de andere zaken een beetje uit het oog.
Een cocktail van hormonen zorgt er dus voor dat we ons af en toe een beetje raar gedragen als we verliefd zijn. We worden blind voor iemands minpunten, maar eigenlijk ook voor de rest van ons leven. Onze wereld bestaat volledig uit één persoon. Toch is het waarschijnlijk nuttig om verliefd te zijn. Want zo vinden we een partner en zorgen we uiteindelijk voor nageslacht.
Uit de weinige onderzoeken die er zijn gedaan, blijkt dat we zo’n drie tot achttien maanden verliefd zijn. Gelukkig gedragen we ons dus maar voor een korte periode een beetje vreemd.

En zo maar

Ik zie hem zo graag,
en ook zo anders,
en zo heel veel,
zo oneindig,
helemaal,
volledig,
zo hem alleen,
voor altijd,
en zo maar.

Micheline Baetens – 26.01.2018

Sterven, dat doe je niet!

Sterven

Sterven
op een zondag,
dat doe je niet
en al zeker niet
onverwachts!

Sterven
op een dertiende,
dat doe je niet
en al zeker niet
in februari!

Sterven,
dat doe je niet!

Micheline Baetens – 13.02.2018

Oogopslag

Toen jij me vroeg waarom ik van je hou
Heb ik het antwoord veertig jaar verzwegen.
Veertig jaar ben ik bij jou gebleven
Om geen antwoord op je vraag te geven.
Het staat in kringen om ons heen geweven

Neergeschreven. Vrienden en vreemden weten
Wat ik veertig jaar niet heb begrepen,
Wat ik veertig jaar probeer te lezen
In een oogopslag en zijn vragende blauw.

Leonard Nolens

Bevrijd!

Op 11 februari 1991, 28 jaar geleden, kwam Nelson Mandela vrij, en ik werd 70 jaar geleden bevrijd, na een harde strijd en met veel getrek en gesleur. Mijn moeder noemde het een zware bevalling, en ik werd geboren met een dikke bult op mijn hoofd, van het harde duwen om verlost te geraken.

Het was bij mijn grootmoeder thuis, dat ik geboren werd, geholpen door Julie de vroedvrouw die in die tijd bijna alle baby’s van de druivenstreek op de wereld zette. Mijn moeder was er niet graag bij, en ik was ook niet de plezantste baby, naar het schijnt, want telkens als er iemand even de kamer uitging begon ik te wenen. Blijkbaar was ik niet graag alleen. Of zou zo een klein kind al voelen wanneer het niet gewenst is?

Het overgrote deel van die eerste kinderjaren verbleef ik dan ook bij mijn grootmoeder en grootvader, tot deze laatste overleed, en de familie niet langer wou dat ik mijn grootmoeder tot last was, en moest ik naar mijn ouders.

Ik heb dat al meermaals verteld, en ga er niet verder over uitwijden. Op je zeventigste moet je dat immers verwerkt hebben en een plaats gegeven, maar ik was dolgelukkig bij mijn grootouders en daarna heb ik mij als kind aangepast…

Later, veel later, ben ik dan terug de persoon geworden, die ik nu nog altijd ben en die mijn grootouders van mij gemaakt hadden. En dit keer voorgoed bevrijd!

Kwameisje

Ik erger er mij aan dat onze sterke vrouwelijke kanten eigenlijk eerder met mannelijke eigenschappen beschreven worden.

Als een meisje ondeugend en wat wild is zegt men “het is een echte kwajongen”.
Als een vrouw dezer dagen zelfzeker en moedig is zegt men “het is een vrouw met ballen, of een vrouw met kloten aan haar lijf”. Wel ik vind dat wij die mannelijke attributen niet nodig hebben om te bewijzen wie of wat we zijn, integendeel.

Wij zijn gewoon en vanzelfsprekend allemaal vrouwen, en net als mannen allemaal anders, en hebben net als mannen onze specifieke aardigheden en onaardigheden.
Dus vanaf nu zegt iedereen “kwameisje”, tegen elk meisje dat ondeugend en wat wild is. En het woord moet in de Van Dale komen!

Dan is er bovendien ook nog de negatieve commentaar en zijn er de negatieve etiketjes voor vrouwen. Ben je assertief en kan je van je afbijten, dan ben je een bitch, en ben je eerder stil en bescheiden, dan ben je een seut. Een man zullen ze in het eerste geval daadkrachtig en vastberaden noemen, en in het tweede geval wellicht bedachtzaam en wijs.

Meisjes die kwajongens zijn vindt men nog altijd lief, maar ik heb gezocht op google, en daar geeft men mij voor kwameisje de volgende woorden: rotmeid, kreng, helleveeg, loeder, boef, booswicht…helemaal niet zo lief meer!

Ik ben het allemaal al geweest: seut, bitch, een halve jongen, ja zelfs een serpent. Het enige wat ik nog niet gehoord heb, is kwezel, en dat is een hele opluchting. Gisteren heb ik mijn verjaardag al gevierd, en dan was ik bij dat alles ook nog eens teut!

Verjaardagen

In februari leven we een beetje in het verleden. De geschiedenis heeft ook haar rechten, ook al is het maar de eigen geschiedenis. Of is dat oud worden? In elk geval volgende week is er weer een jaartje bij, zowel bij leven als bij dood…

Op 11 februari vier ik mijn zeventigste verjaardag, maar omdat mijn verjaardag teveel gelinkt is aan de overlijdensdag van mijn man, op 13 februari, verzetten we dat vieren altijd een klein beetje. Dit jaar gaan we wat vroeger vieren en wel op 6 februari.

Dit jaar heb ik voor een specialleke gezorgd en gaan we eten in een sterrenrestaurant op de Brusselsesteenweg in Overijse.

Ik begin dus op 11 februari aan mijn zeventigste hoofdstuk, acht jaar na het overlijden van mijn man.

Op 11 februari 2011, precies om middernacht, werd hij met de MUG weggevoerd, met een acute longontsteking, en de volgende middag werd mij aan de deur door de plaatselijke bloemist een boeket afgeven, dat hij dus van op zijn ziekbed besteld had voor mijn verjaardag.

Op zondag 13 februari ’s avonds is hij overleden. Zijn laatste woorden, toen ik hem in de namiddag na ons bezoek nog eens opbelde waren “dat hij mij nu ging laten, want dat hij een beetje moe was”.


Zoveel soorten van verdriet,
ik noem ze niet.
Maar één, het afstand doen en scheiden.
En niet het snijden doet zo`n pijn,
maar het afgesneden zijn.

Vasalis

Dat kleine huisje in de Leegheid aan de IJse

Zou mijn grootmoeder zich ook afgevraagd hebben of het leven wel zin had? Ik denk het niet, want die had het veel te druk met een hoop kinderen krijgen en mijn grootvader uit café te houden, want in die tijd waren er nogal wat cafés in de Leegheid.

Ze had wel haar eigen huisje, dus heel hard gewerkt en hard gespaard waarschijnlijk. Op het einde van haar leven is ze wel onteigend geworden voor een bredere straat. Ze heeft er 100.000 Bfr. voor gekregen, en moest naar het rusthuis waar ze doodongelukkig was, tot ze in Neerijse in een ziekenhuis belandde, waar ze mocht blijven en wel heel tevreden was. Ze had diabetes op het einde van haar leven, en het is ook haar dood geworden.

Maar filosoferen over de zin van het leven zal ze wel niet gedaan hebben. Het was trouwens ook een zwijgzame vrouw en ze was al content als ze ergens rustig kon zitten zonder iets te hoeven doen. Met haar duimen draaien, deed ze dan letterlijk!

In de zon bijvoorbeeld, met een grote zakdoek op haar hoofd, tegen een zonneslag. Zo herinner ik mij haar heel goed. En op een gewone stoel, niet in een zetel, want daar kon ze dan niet meer uit.

Men had trouwens vroeger geen “salon” zoals dat nu heet, enkel een rieten fauteuil waar mijn grootvader in zat. En één plaats, die keuken, eetkamer en zelfs badkamer tegelijk was. Gewassen worden op een stoel, als klein kind, met water uit een zinken emmer, met Sunlightzeep en kort bij de Leuvense stoof, ik zie het nog voor mij, en dank zij de foto’s die mijn nonkel daarvan genomen heeft, zal ik het nooit vergeten.

Mijn moeder zei altijd dat ze thuis niks tekort gehad heeft, ondanks het gebrek aan luxe, en dat ze nooit honger geleden heeft, zelfs niet in de oorlog. Mijn grootmoeder kon dus toveren met het loon van mijn grootvader, die spoorwegarbeider was. Het was zelfs écht kermis als het kermis was, met zelfgemaakte taarten, en genoeg voor heel die grote familie, in dat kleine huisje in de Leegheid aan de IJse, waar iedereen welkom was. Wat ben ik blij dat ik dat heb mogen meemaken en mij nu nog heel goed herinner, samen met de prachtige natuur en mijn heerlijke schooltijd!