Zolang
ik verliefd ben,
zal ik stralen,
dus blijf ik verliefd
tot het einde
mijner dagen!
Micheline Baetens – 09.08.2018
Zijn we niet bezig van alles wat vroeger een kwalijke, ongewone of vervelende karaktertrek genoemd werd, een ziekte te maken?
Ik was als kind een echte wildebras, heel energiek, kwam voortdurend met geschaafde knieien en gescheurde kleren naar huis, en op school noemde men mij de bezige bij. Nu heet dat een kind met ADHD. Een egocentrisch en a-sociaal persoon noemde men vroeger een egoist, nu blijkt dat autisme te heten, één op de zestig personen zou eraan lijden. Wie meelevend en empatisch is krijgt nu het etiket hoog sensitief of HSP opgeplakt.
Toevallig vond ik gisteren dit artikel op Facebook. Het komt uit een de Nederlandse krant “Trouw”.
Niet iedereen die uit de pas loopt heeft een psychiatrische stoornis
Opinie: Laura Batstra – 8 augustus 2018 – Trouw.nl
Psychiaters zien psychische stoornissen als een ziekte. In het ggz-akkoord ligt de nadruk op sociale aspecten. “Hoopvol”, vindt Laura Batstra, hoofddocent gedrags- en maatschappijwetenschappen aan de RuG. Want lang bleef de impact van factoren als armoede, sociale uitsluiting en slechte behuizing onderbelicht.
In Trouw woedt een debat over het terugdringen van de wachtlijsten in de ggz (geestelijke gezondheidszorg). Rien Vermeulen stelt dat psychiaters aan de poort de oplossing zijn. Aart Franken vindt dat er meer psychologen ingezet moeten worden.
Dat debat vindt zijn bron in het akkoord dat staatssecretaris Paul Blokhuis en twaalf belanghebbende partijen in de geestelijke gezondheidszorg sloten in juli. Voorzitter Damiaan Denys van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie liet weten niet blij te zijn met de voorgenomen inzet van wat hij ‘goedkopere krachten’ noemt: psychologen en ervaringsdeskundigen. Het kabinet zou het medische aspect van psychische stoornissen uit het oog verliezen door de nadruk op het sociale aspect van psychische klachten te leggen. “Maar nog altijd is een psychische stoornis een geneeskundige aandoening, een ziekte.”
Als belangrijke vertegenwoordiger van psychiaters laat hij zich neerbuigend uit over andere professionals en doet bovendien onhoudbare beweringen. Mijn vermoeden is dat de meeste psychiaters zich hier niet in kunnen vinden. In tegenstelling tot wat Denys suggereert, is er voor geen enkele psychiatrische stoornis een medische basis, een lichamelijk defect, vastgesteld. Er zijn geen bloedtesten of hersenscans die kunnen helpen bij de diagnostiek: op lichamelijk niveau valt er domweg niets te zien.
Bovendien, wat een stoornis moet heten, hangt niet af van wat een scan kan laten zien, maar van normen en beslissingen in een maatschappelijke context. De tijd- en cultuurgebondenheid van ‘stoornissen’ blijkt onder meer uit het feit dat tot 1973 homoseksualiteit als psychiatrische stoornis vermeld stond in de DSM, het wereldwijd gebruikte psychiatrische handboek.
Homokwabje
Gelukkig zijn we van die visie genezen. Zelfs al zouden we nu een homokwabje in het brein vinden dat alle homoseksuelen hebben en alle heteroseksuelen niet, dan zou homoseksualiteit niet opeens toch een stoornis zijn. En mochten we een competitiegroef in het brein ontdekken, dan betekent dat niet automatisch dat we al te ambitieuze types opeens gaan diagnosticeren als psychiatrisch ziek. Dit illustreert de onzinnigheid van Denys’ bewering dat psychische problemen medische aandoeningen zijn. Stoornissen betreffen eigenschappen die gewoon slecht matchen met de normen en eisen van onze huidige maatschappij. We vinden tegenwoordig dat mensen vrolijk, sociaal, ondernemend en taakgericht moeten zijn. Wie niet aan die normen voldoet riskeert een label depressie, autisme, angststoornis of ADHD.
Wat opvalt is dat bepaalde psychiaters steeds meer menselijke moeilijkheden als psychiatrische ziekte framen. Met iedere nieuwe editie van het psychiatrisch handboek komen er stoornissen bij. We kunnen nu al op zo’n vierhonderd manieren gestoord zijn. Het is dan ook niet verbazingwekkend dat volgens deze definities een op de twee Nederlanders ooit in zijn of haar leven psychiatrisch ziek wordt.
De psychiatrie heeft altijd invloedrijke en gedreven bepleiters van haar discipline en het medische model gehad, maar in het ggz-akkoord ligt de nadruk op het sociale aspect van psychische klachten. Psychiaters van het type Denys vinden dat zorgelijk; ik vind het hoopvol. De enorme impact van factoren als armoede, sociale ongelijkheid, werkeloosheid, slechte behuizing, uitsluiting, intolerantie en prestatienormen zijn door de dominantie van het medische model en de focus op individuele pathologie lange tijd onderbelicht gebleven. De koerswijziging van staatssecretaris Blokhuis kon wel eens een mooie stap zijn richting een vriendelijkere en meer tolerante samenleving die mensen die anders zijn niet te snel ziek verklaart.
Deze bijdrage is gebaseerd op Batstra’s hoofdstuk in het in oktober uit te komen boek ‘Écht doen wat nodig is. Pleidooi voor kleinschalige effectieve jeugdhulp’ (uitgeverij Stichting Beroepseer).
Men denke ervan wat men wil, maar ikzelf denk dat mevrouw Batstra gelijk heeft. We zijn toch zo goed in etiketjes plakken, en het is toch zeker veel gemakkelijker en simpeler voor onze gemoedsrust om ons “slecht” karakter toe te schrijven aan een ziekte, dan er ook daadwerkelijk iets aan te doen en onszelf wat bij te sturen!
Dit is voor mij de song van mijn zomer 2018!
Het is onvoorstelbaar
Het is onvoorstelbaar
beangstigend
te beslissen
om het platgetreden pad
te verlaten
in het donkere bos.
Het is onvoorstelbaar
moedig
om de diepe vijver
te overwinnen
en naar de onbekende overkant
te zwemmen.
Het is onvoorstelbaar
onzeker
om terug te kiezen
voor liefde en geluk
als heel wereld
je dat ontraadt.
Je kan verdwalen
en je kan verdrinken
maar je kan ook
eindelijk
je bestemming
vinden.
Micheline Baetens – 01.07.2018
Ik had die man zo graag gelukkig gemaakt…
Op je profiel van Facebook kan je een relatiestatus invullen. Ik heb geen zin om daar terug weduwe van te maken, want dat ben ik dus eigenlijk niet meer, vermits ik terug een relatie gehad heb.
Wat ik dan wel graag zou opgeven als relatiestatus is: “Niet in staat om liefde te vinden”. Maar die optie heeft Zuckerberg niet beschikbaar.
Dus heb ik maar niets ingevuld, want alleenstaand staat er niet tussen en vrijgezel wil ik niet gebruiken, omdat ik nog niet vrij ben, of tenminste mijn hart en mijn hoofd is nog niet vrij, en dat zal nog wel een hele poos duren.
Alleen ben ik wel, terug “home alone” zoals in de film. En vroeger kon mij dat niet schelen, maar nu wel, zeker na een tijdje gedroomd te hebben van een toekomst met twee.
Maar het kan dus niet, want de situatie is zo ingewikkeld en moeilijk, dat een wijs mens een beslissing moet nemen, en moet besluiten dat je geen ijzer kan breken met je blote handen.
Misschien kunnen anderen dat wel, want elke relatie heeft zijn problemen, maar dan moet je wel het nodige “gereedschap” in huis hebben, zoals veel moed en doorzettingsvermogen. En vermits je de klus moet klaren met twee, moeten ook beiden hiertoe in staat zijn.
Gelukkig blijft er de PC, mijn trouwste en betrouwbaarste vriend, die al mijn gefrustreerde gevoelens kan opvangen, en dit is eigenlijk momenteel het enige lichtpuntje en hulpmiddel om de dingen die op mij afkomen een beetje te verwerken. Mijn laptop beklaagt mij niet, want dat wil ik niet, die troost enkel een beetje, en dat is wel heel erg nodig.
In elk geval, vanaf vandaag lijkt ook die warme en verschroeiende zomer 2018 eindelijk voorbij, na een nachtje stevige onweders…
Ik kan weer niet naar muziek luisteren, of ik begin te huilen…
Ik heb het uitgemaakt met mijn lief, de situatie was te moeilijk, zoveel te moeilijk!
Donderdag heb ik een afspraak met de huisarts en op 30 augustus met mijn psychiater.
En ondertussen hou ik mij recht met roze pilletjes en zoveel mogelijk afleiding en ook dank zij de 106, waar ik altijd terecht kan om te praten.
Het leven is wat het is zeg ik altijd, en daar moet je het mee doen, ook dit keer weer. Geluk is blijkbaar voor watjes, en niet voor wie tegen een stoot kan, en het leven voluit in de smoel durft kijken.
Een harde zeggen ze dan, een sterke. Ja hoor, en ook een vrolijk kind! Bij de 106 vonden ze mij zelfs heel verstandig en rationeel.
Een gebroken hart op je 69ste, je moet het kunnen. Ik vond het al geen cijfer om mee uit te pakken, en nu is het bijna een symbool geworden, samen met deze hete zomer.
Als je zoveel om iemand gaf
Als je zoveel om iemand gaf
dat je alles wat je had
je huis en je hele boel
daarvoor zou willen geven
dan werd je alleen maar veracht.
Toch is het een gevoel
dat inslaat als een flits
een brand vlamt door je heen
en er is geen rivier
geen water in de wereld
dat zulke vlammen blust.
Houd me dicht tegen je aan
als een band om je arm
als een hanger op je hart
want sterk als de dood
is de liefde, en afgunst
zo diep als het graf.
Ja rozen
Dit zijn rozen voor je
en alle poëzie.
Dit is mijn mooiste pose:
die van liefde’s acrobaat,
zwevend schijnbaar moeiteloos,
maar met krampende tenen
boven een bed
van rozen en doornen.
Ik zal je nu beschrijven:
kijk, ik teken rozen op je huid
en jij doornen op de mijne.
Goed,
ik ben een acrobaat.
Is er een mooiere pose?
Pose van gevaar,
balancerend tussen begeerte en verweer:
ik stijg, ik val en onderwijl:
ik teken rozen
rozen
rozen
en dit zijn rozen.
Remco Campert