Kraambezoek

KRAAMBEZOEK

LibelleMama – 17.07.2019

Ga je binnenkort op babybezoek of ben je zelf net bevallen en wil je je bezoekers wat richtlijnen geven? Dankzij onze regels voor kraambezoek komt het helemaal goed.
Natuurlijk willen de ouders pronken met hun baby, maar wanneer iemand net bevallen is, is het niet het moment om onaangekondigd langs te komen en om een tasje koffie te vragen. Je houdt je dus best aan de planning van de kersverse mama zodat het bezoek aangenaam verloopt.

Regels voor kraambezoek

1. Geef geen ongevraagd advies
Dit is ongetwijfeld de belangrijkste regel. Een jonge mama is nog erg onzeker, dus ongevraagd advies kan al snel in het verkeerde keelgat schieten. Als ze zelf vragen stelt, kun je natuurlijk wel vertellen over jouw eigen ervaring.

2. Laat je eigen kinderen thuis
Door je eigen kinderen thuis te laten, gaat je volledige aandacht naar de mama en de baby. Als dat niet lukt, vraag dan zeker op voorhand of het oké is dat jouw kroost meekomt. En zorg er bovendien ook voor dat je kinderen grenzen kennen. Jij vindt het misschien geweldig als je zesjarige de pasgeboren baby wil vasthouden, maar mama vindt dat misschien niet…

3. Dring niet aan om op bezoek te komen
Iedere mama is anders, maar de meesten hebben eerst wat quality time nodig met hun baby voor ze bezoek willen. Respecteer die keuze en dring niet aan om langs te komen. Vraag liever eerst of mama klaar is om bezoek te ontvangen, in plaats van meteen een datum en tijd voor te stellen. Wanneer ze er klaar voor is, zal ze graag tijd voor je vrijmaken.

4. Houd je aan haar planning
Jonge mama’s zijn overweldigd en uitgeput, dus houd je aan haar planning als ze je groen licht geeft om langs te komen. Kom op het afgesproken uur, niet te vroeg en niet te laat, aangezien er een goede reden zal zijn waarom ze dat specifieke uur heeft gegeven.

5. Blijf niet te lang
Zoals hierboven vermeld, zijn kersverse moeders vaak moe en willen ze het liefst op hun gemak zijn. Beperk je bezoek dus tot ongeveer een uurtje, tenzij mama zelf vraagt of je langer wil blijven.

6. Breng eten mee
Boodschappen doen en een deftige maaltijd bereiden zit er bij veel kersverse moeders niet in (en soms hebben ze de pech dat papa geen keukenprins is), dus ze zal je dankbaar zijn als jij vers eten meebrengt.

7. Vraag of je de baby mag vasthouden
Mama heeft de baby negen maanden gedragen, dus is het logisch dat ze zich wat bezitterig voelt. Vraag daarom eerst of je de baby mag vasthouden en pak hem niet zomaar op. Ook wanneer je merkt dat mama vindt dat het genoeg is geweest, geef je de baby best terug aan haar.

8. Zeg haar dat ze een dutje kan doen of een douche kan nemen
Als je close bent met de moeder en ze jou 100 procent vertrouwt, kun je haar aanbieden om even een dutje te doen of een douche te gaan nemen. Dat kan enorm veel deugd doen. Als ze zegt dat het niet nodig is, dring dan zeker en vast niet aan.

9. Zeg “nee” als mama vraagt of je iets wil eten of drinken
Zij heeft al genoeg te doen, dus als ze je vraagt of je iets wil eten of drinken, zeg dan dat je het zelf wel zal nemen als het nodig is.

                          Ooievaarsbek

Over bloemetjes en vlindertjes

Het viel me daarstraks tijdens een fietstocht op dat twee van mijn lievelingsplantjes naar een dier genoemd zijn, Geachte Lezers, Beste Vrienden. Of toch naar een onderdeel van een dier. Het ene was er al een tijdje, het andere zag ik pas vandaag voor het eerst dit jaar. Het ene is het vlasleeuwenbekje, het andere het hazenpootje. Beide behoren tot de zogenaamde ‘ruderale’ flora van wat verstoord terrein, zoals wegkanten, akkerranden en beekbermen.

Het eerste komt uit de weegbreefamilie, het tweede is een plantje uit de klaverfamilie dat niet opvalt, maar een mooi bloemetje heeft dat echt voor een hazenpootje kan doorgaan. Een geluksbrengertje dat naast een fietspad groeit waar ik bijna dagelijks over rijd.

Ik ben sowieso een fan van klavers: bescheiden plantjes die dikwijls weggespoten worden, ook door tuinliefhebbers, ondanks het feit dat ze een grote aantrekkingskracht uitoefenen op insecten. De jongste dagen kon ik, ondanks het vrij koude weer, af en toe in een ijle vlinderwolk fietsen op een pad vol klaverbloemetjes. Zandoogjes à volonté, koolwitjes, atalanta’s en distelvlinders, dikkopjes en vuurvlindertjes, zelfs vrij grote aantallen van de majestueuze koninginnenpages…

Het leek alsof ik terug gekatapulteerd was naar mijn jonge jaren van zorgeloos vlinders vangen in de ouderlijke tuin, ondanks het feit dat de vlinderpopulaties in ons land sindsdien zware klappen gekregen hebben. Het zal wel meer te maken hebben met het feit dat ik nu in een uitzonderlijk natuurlandschap leef dan met een hernieuwd succes van de vlinders.

Voor nachtvlinders is het dit jaar kommer en kwel, zo blijkt uit een bericht van Wim Veraghtert en Marc Herremans van Natuurpunt. De langdurige droogte van vorige zomer heeft veel planten met daarop eieren, rupsen en poppen van nachtvlinders doen sterven, waardoor veel soorten het nu helemaal niet goed doen. Dat is slecht nieuws voor onder meer vleermuizen, die nachtvlinders nodig hebben voor hun voeding.
Het is altijd wel iets met onze natuur. Maar een veelzijdige natuur heeft buffers voor magere jaren. De vraag is of onze natuur nog als veelzijdig kan worden beschouwd. Haar veerkracht komt steeds meer onder druk. Dat blijft niet zonder gevolgen.

Dirk Draulans – Facebook – 15.07.2019

https://www.natuurpunt.be/nieuws/2019-een-desastreus-jaar-voor-veel-nachtvlinders-20190715?fbclid=IwAR2uP95UrTewczMSghhxIZpM0-GjE9NYy3ThuTXzf5vs-pFLh35Mvlo3r68

Het vlasleeuwenbekje heb ik ook in mijn tuin staan, en naar dat hazenpootje moet ik nu dringend op zoek gaan!

In mijn dialect zeggen wij trouwens konijnenbekjes tegen leeuwenbekjes. Dus konijnenbekjes en hazenpootjes, allemaal één grote familie!

Sociale media en ethiek

Onderstaand verhaal is één van de redenen waarom ik, zeker voorlopig, Facebook links laat liggen.

https://www.canvas.be/facebook-en-ik?fbclid=IwAR3Mkn8R0Ol6bS753IxT0u6txNdxkGkh5rbasFRh7VBq5mVR01dlIxA4BGA

Mensen, en dan spreek ik niet alleen van de media, maar ook op de sociale media, willen mekaar per se psychisch klein krijgen. En ze beseffen niet welke schade ze daarmee aanrichten en wat de gevolgen daarvan kunnen zijn.

Of het nu een politieker is, een beroemdheid, of een gewone burger, dat doe je dus niet. Mensen maken fouten en moeten daarvoor hun verantwoordelijkheid nemen, maar daarbij mag dan zeker de waarheid geen geweld aangedaan worden, en moet iedereen met respect behandeld worden.

Ik heb het aan de stok gehad met een gefrustreerde zelfstandige, die mij nogal gortig beledigde om iets wat ik met recht en rede aanklaagde. En dergelijke zaken pik ik niet langer, en zeker niet op Facebook. Bovendien komt het steeds meer en meer voor dat mensen mekaar zitten uit te maken, gewoon omdat ze een andere mening hebben.

Facebook is vooral fakebook, zeker wat het sociale betreft, het is verworden tot een vuil gazet waarop je je aardappelen schilt die je daarna bij het vuilnis gooit.

P-Magazine gaat ethisch zijn boekje te buiten

LIBERALES – Opiniestuk – 14.07.2019

Er is de laatste dagen heel wat te doen rond het ontslag van Kris Van Dijck als Vlaams parlementsvoorzitter. Tijdens zijn eerste officiële speech naar aanleiding van de Vlaamse feestdag in het Brusselse stadhuis, kregen de aanwezige journalisten berichten die verwezen naar een artikel in P-Magazine.

Het blad maakte melding van fraude die Van Dijck samen met een prostituee zou hebben gepleegd. “Vlaams parlementslid betaalde meisje van plezier met uw centen”, kopte het magazine in het groot. Nadat verschillende andere media het verhaal verder onderzochten, bleek dit veel genuanceerder te zijn en ontstond er gegronde twijfel over de vermeende fraude. Evenmin waren er harde aanwijzingen voor Van Dijcks betrokkenheid bij het faillissement van de vennootschap waarvoor de betrokken vrouw werkte.

De manier waarop P-Magazine het nieuws naar buiten bracht, doet bij veel mensen de wenkbrauwen fronsen. Enerzijds is er het tijdstip waarop de journalisten de link naar het artikel ontvingen, anderzijds blijkt het magazine ook de journalistieke deontologie niet te hebben gerespecteerd.

De journalistiek speelt als vierde macht een essentiële rol in de goede werking van een gezonde democratie. Journalisten toetsen onafhankelijk de werking van het land, zijn overheden, zijn instellingen en vertegenwoordigers. In autoritaire of autoritaristische regimes zijn het meestal dan ook de media die als eerste aan banden worden gelegd.

Media hebben niet alleen een enorme verantwoordelijkheid bij het beschermen van onze democratie, maar hebben ook veel potentiële macht. Zo stapte in dit geval de parlementsvoorzitter op na de publicatie van gevoelige beschuldigingen.

Om te vermijden dat de journalistiek zichzelf uitholt en de liberale democratie zou ondergraven, hanteert de Raad voor Journalistiek in België een deontologische en ethische code. Die bepaalt door middel van 27 artikels de rechten en plichten van journalisten. Wanneer we de werkwijze van P-Magazine toetsen aan deze ethische code, vallen er meteen enkele belangrijke inbreuken op:

Artikel 20 bepaalt dat een journalist de betrokkene moet contacteren en hem de kans moet geven te reageren voor hij in zijn berichtgeving ernstige beschuldigingen uit, met name wanneer die de eer en de goede naam betreffen. Er bestaat een uitzondering op deze regel wanneer het maatschappelijk belang dit vereist of het nieuws niet op een andere manier kan worden gebracht.

In het geval van Van Dijck is er echter geen enkele reden om aan artikel 20 te verzaken, aangezien diens kennisneming niets aan de grond van de zaak zou hebben veranderd.

Door Van Dijck geen kans te geven om te reageren op de beschuldigingen is het principe van ‘hoor en wederhoor’ ernstig geschonden.

Artikel 24 legt de nadruk op menselijke waardigheid en vraagt deze niet verder aan te tasten dan noodzakelijk is voor het maatschappelijk belang van de berichtgeving. “De journalist vermijdt overdrijving bij het vrijgeven van beelden en/of details, ook wanneer de feiten de publieke opinie sterk beroeren.”

De manier waarop P-magazine zowel Van Dijck als de vrouw afbeeldt, zijn daarom bedenkelijk. Van Dijck draagt in de fotomontage een scheve zonnebril terwijl hij naar de poserende prostituee kijkt. Veel erger zijn de foto’s waarop de vrouw, die in het artikel voorwerp uitmaakt van een ernstige beschuldiging, drie keer herkenbaar en schaars gekleed wordt afgebeeld in een uitdagende houding.

Het afbeelden van de vrouw is eveneens in strijd met artikel 23 dat bepaalt dat omzichtigheid vereist is bij personen in een kwetsbare situatie. Aangezien de mail van Kris Van Dijck aan Kris Peeters uitwijst dat de vrouw een alleenstaande moeder is in een precaire financiële situatie, is de publicatie van drie herkenbare foto’s ongeoorloofd. Bovendien schendt P-Magazine hiermee zeer indringend haar privacy.

Het is niet mijn bedoeling om de verdediging van de betrokkenen op te nemen, maar wel een pleidooi te voeren voor gezonde en onderbouwde journalistiek. Dat is een van de belangrijkste pijlers van onze democratie. Journalisten en media hebben er alle belang bij zich niet te laten uithollen door collega’s die elke vorm van ethiek of deontologie met de voeten treden.

Ik heb als kernlid van Liberales een klacht ingediend en een officiële vraag gesteld over het artikel bij de Raad voor de Journalistiek. Integere journalistiek is immers in het belang van elke burger en daar dienen we allemaal over te waken.

David Van Turnhout
Kernlid Liberales

 

11 juli

Op 11 juli 2008 om tien uur ’s morgens overleed mijn moeder zachtjes in haar slaap, moe van het leven.

Moeder

De nachten dat wij waakten
en je angst in tederheid
probeerden te verjagen,
zijn lang voorbij, mijn moeder.

De uren die wij telden
en telkens weer je hijgend vragen:
‘Hoe laat is ’t kinderen?’,
helaas, het komt niet weer.

Nu ben jij tijdeloos geworden,
en wij, verbijsterd, niet begrijpend,
staren naar de klok.

En in ons hoofd de blijde dagen,
je altijd zorgend vragen.
En in ons hart
de weemoed der herinnering.

Gust Adriaensen

Op 11 juli, een paar jaar voordien, werd mijn man zijn been geamputeerd, en kreeg ik mijn zoveelste depressie.

En vandaag is het weer 11 juli, de Vlaamse Feestdag, en hopelijk blijft het dat ook. Ik ga hem in elk geval vieren in de hoop dat het eindelijk eens gaat regenen. Laat die “depressie” maar komen, want de natuur zit er op te wachten!!!

‘Vanuit het standpunt van de jeugd is het leven een oneindig lange toekomst; vanuit het standpunt van de ouderdom een zeer kort verleden.’ Schopenhauer – filosoof

Allemaal beestjes

Af en toe staat er eens een zinnig artikel inde krant. Dit is van verleden zomer, maar zal ook dit jaar wel nog een natuurlijk gebeuren zijn.

“Het is de tijd van het jaar waarin er her en der in Vlaanderen plots grote zwermen vliegende mieren opduiken. Een fenomeen dat meestal maar enkele uren duurt, want nadien verdwijnen de insecten opnieuw. Volgens kenners is daar een goede reden voor.

Op heel wat plekken in Vlaanderen komen ze rond deze tijd plots tevoorschijn: vliegende mieren. Ze zitten op terrassen, vliegen rond in winkelstraten en soms komen ze zelfs in je huis een kijkje nemen.

‘Er is zeker geen reden tot paniek’, zegt Wim Veraghtert van Natuurpunt. Het is een jaarlijks terugkerend fenomeen bij de mieren. Op hetzelfde moment verlaten de vliegende mieren hun nest en gaan dan proberen te paren met de koningin. ‘Dat gebeurt heel hoog in de lucht, vandaar dat je soms grote zwermen in de lucht ziet. Wij noemen het de zogenaamde bruidsvluchten.’

Opvallend is dat de mieren van verschillende nesten op hetzelfde moment uit de grond komen gevlogen. Alsof ze onderling gecommuniceerd hebben dat de tijd rijp is. ‘Op die manier kan de koningin van het ene nest paren met mannetjes van een ander nest. Wat genetisch veel interessanter is en inteelt voorkomt.’

Het moment waarop de mieren hun nesten verlaten wordt bepaald door de temperatuur in het voorjaar. ‘Bij een warm voorjaar zien we dat het moment van de bruidsvluchten vroeger in de zomer valt, bij een koud voorjaar is het soms zelfs eind juli.’

Na de paring bijt de koningin haar vleugels af en gaat dan op zoek naar een plaats om er een nieuw nest te bouwen. De mannelijke exemplaren sterven na de bruidsvlucht.
Het is best mogelijk dat het fenomeen zich de komende weken nog voordoet want elke miersoort heeft haar eigen moment om uit te vliegen en te paren.”

Dit is toch geniaal! Dus vanaf nu zeg niet zomaar mier tegen een mier, want misschien is het hare majesteit zelf !

Mijn zoon stuurde mij vandaag ook een foto door van een vliegend hert, de grootste keversoort in ons land. Ze waren bijna uitgestorven ,maar dank zij een reddingsactie van natuurliefhebbers, vind je ze nu terug in onze tuinen en parken.Roodborst

Een beestje als een speeltje
Blozend van zijn buik tot aan zijn keeltje.
De beentjes recht en lang
Dun als een ijzerdraadje,
De boezem fier omhoog
Zonder behaatje.
Hij zingt een oerontroerend liedje.
Is het een hij, is het een zij,
Of is het een sierlijk travestietje.

Leonie Kooiker

Je innerlijke criticus

Te dom, te lelijk of te oud? Zo sluit je vrede met je innerlijke criticus

Brainwash – John-Paul Flintoff – 04.07.2019

Ik heb altijd iemand bij me. Hij gaat overal met me mee. Mijn innerlijke criticus. Hij fluistert me aldoor vreselijke dingen in. Soms zegt ‘ie: ‘Dat heb je helemaal verknald.’ Of: ‘Niemand vindt je aardig.’ Of: ‘Wie zit daar nu op te wachten?’ Allemaal vreselijke dingen. Het is verleidelijk om te denken dat ik van hem af kan komen. Maar dat kan ik niet. Jij ook niet. We hebben allemaal zo’n innerlijke criticus. Je doet net of ‘ie niet bestaat, maar je kunt die eindeloze stroom negatieve gedachten niet intomen.

Zo noemen cognitieve therapeuten het. Negatieve gedachten die je overvallen als inbrekers, die een grote puinhoop achterlaten. We hebben allemaal onze persoonlijke vorm van negatieve gedachten. Een vriendin van me wijt alles aan zichzelf, zelfs het weer. Een andere vriendin verzeilt heel snel in doemdenken. Als haar dochter te laat thuiskomt, dan moet ze wel dood zijn. Er zijn veel verschillende vormen van negatief denken. Het is er altijd en altijd al geweest. Hoe je het ook ziet – als een uiting van sociale krachten of als ‘de duivel’, of je moeder – dat stemmetje is er altijd. En ik raad je aan om het juist dichtbij jezelf te houden. Om je er juist meer van bewust te zijn. Je moet het niet negeren. ‘Weg met dat vreselijke ding.’ Of: ‘Alles gaat prima.’ Dat werkt niet, want niet alles gaat altijd prima.

Hou dat stemmetje dichtbij je en onderzoek wat het zegt. Hopelijk leer je zo je innerlijke criticus goed kennen. Dan kun je hem goed leren opmerken als ‘ie weer om de hoek komt kijken. Je herkent hem, zoals iedereen instinctmatig weet dat roze en oranje vloeken. Of dat als een luguber muziekje begint te spelen in een horrorfilm, er iets ergs staat te gebeuren. Zo herken je je innerlijke criticus, net zoals we die klanken in de muziek herkennen. Je herkent hem ook aan je lichaamstaal. Soms ben ik opgetogen. Bijvoorbeeld als ik me voorneem om een boek te gaan schrijven. Maar dan krimp ik ineen en denk ik: ‘Daar zit niemand op te wachten.’ Als je jezelf klein maakt, kun je jezelf daarop betrappen. Waarom buig je je hoofd en schouders naar beneden? Je kunt je rug ook recht houden. Zo betrap je jezelf en ondervraag je je innerlijke criticus.
Misschien kun je er op een andere manier tegenaan kijken.

Ik zal een geheim verklappen. Iedereen denkt dat wat zijn innerlijke criticus zegt, echt waar is. Maar dat idee kun je ontgroeien. Iemand zei tegen me: ‘Ik heb korte benen.’ Maar met wie vergelijk je dat? Mannen, vrouwen, kinderen? Wat is er feitelijk van waar? Soms hangt het van het publiek af met wat voor zelfkritiek we komen. Als ik omringd ben door jonge mensen, zegt mijn stemmetje: ‘Je bent te oud.’ Als ik omringd word door vrouwen, ben ik bang dat ik niet aantrekkelijk voor hen ben. Daar begin ik dan over te malen. Bedenk dat het stemmetje ook maar een mening is, geen feit. Oud? Kijk eens naar Mick Jagger. Hij gaat nog als een speer.

Er is een gedachtexperiment dat je kunt doen om je innerlijke criticus te ondervragen. Dat doe je, door zoals ik in mijn Brainwash Talk een aantal mensen op een rij te zetten. Stel, je innerlijke criticus gaat over je uiterlijk tekeer. Het stemmetje zegt dat je onaantrekkelijk bent. Door de mensen van links naar rechts te vragen om de meest aardige tot de meest hatelijke dingen te zeggen die ze over jouw uiterlijk kunnen bedenken, kun je inzien dat kritiek niet zwart-wit is. Er zijn allerlei mogelijkheden, je kunt niet alleen maar oerlelijk of superknap zijn.

Daarom zet ik die mensen op een rij en vraag ze om op mijn uiterlijk te reageren. De eerste zegt het alleraardigste over mijn uiterlijk wat ze kan bedenken. ‘Ik zou je dolgraag als schoonzoon willen. Je bent zo’n aantrekkelijke man. Zo knap en gespierd’, zegt ze. De volgende maakt het me al wat moeilijker. ‘Je hebt mooie ogen.’ Van de vleiende dingen die ik te horen krijg, ga ik naar het midden, voor iets neutraals over m’n uiterlijk. Wat kan dat zijn? ‘Je kan ermee door.’ Dan ga ik naar de negatieve kant. Als ‘je kan ermee door’ het neutrale midden is, wat is dan net iets erger? ‘Je ene oor is lelijk, het andere gaat wel’, zegt hij. Daar ben ik niet zo blij mee. Dan kom ik bij de laatste. Wat is het alleronaardigste – ik vraag er zelf naar – dat je over me kan zeggen? ‘Je bent de lelijkste man aller tijden, blijf maar beter binnen.’

Het toont aan dat er een spectrum van meningen is. En niet alleen over uiterlijk, maar ook over de vraag of je wel genoeg verdient, niet te oud bent. Anders dan klakkeloos af te gaan op je innerlijke criticus, kun je zelf besluiten bij welke mening je je aansluit. Meestal kom je dan ergens halverwege uit. Ik zou nooit de allerergste of de allermooiste dingen geloven. Onze levens bevinden zich ergens in het midden. Soms iets meer aan de positieve kant, soms iets meer aan de negatieve kant. Dit lijkt een makkelijke oefening, maar het is juist gigantisch moeilijk als we verteerd worden door negatieve gevoelens. En die negatieve gevoelens ook gaan geloven. Dan moet je dus even pauzeren en beseffen dat het je innerlijke criticus is. Je herkent zijn of haar stemmetje.

Maak dan dus even een pas op de plaats en wees niet te hard voor jezelf. Je hoeft die gevoelens niet te ontkennen. Sta jezelf toe om te zeggen: ‘Ik voel me shit.’ Dan kom je tot rust en kun je het stemmetje in breder perspectief plaatsen. Er zijn niet maar een paar meningen, maar een oneindig aantal mogelijke standpunten over bijvoorbeeld ons uiterlijk. Het is goed om dat spectrum uit te tekenen en dan zelf te bedenken wat voor jou geldt. Hou je innerlijke criticus dus dichtbij je. Accepteer de ruis. Gun jezelf wat tijd en sta jezelf toe om een andere mening te vormen. Dan heb je daarna een veel leukere dag.

John-Paul Flintoff – Schrijver