Over bloemetjes en vlindertjes

Het viel me daarstraks tijdens een fietstocht op dat twee van mijn lievelingsplantjes naar een dier genoemd zijn, Geachte Lezers, Beste Vrienden. Of toch naar een onderdeel van een dier. Het ene was er al een tijdje, het andere zag ik pas vandaag voor het eerst dit jaar. Het ene is het vlasleeuwenbekje, het andere het hazenpootje. Beide behoren tot de zogenaamde ‘ruderale’ flora van wat verstoord terrein, zoals wegkanten, akkerranden en beekbermen.

Het eerste komt uit de weegbreefamilie, het tweede is een plantje uit de klaverfamilie dat niet opvalt, maar een mooi bloemetje heeft dat echt voor een hazenpootje kan doorgaan. Een geluksbrengertje dat naast een fietspad groeit waar ik bijna dagelijks over rijd.

Ik ben sowieso een fan van klavers: bescheiden plantjes die dikwijls weggespoten worden, ook door tuinliefhebbers, ondanks het feit dat ze een grote aantrekkingskracht uitoefenen op insecten. De jongste dagen kon ik, ondanks het vrij koude weer, af en toe in een ijle vlinderwolk fietsen op een pad vol klaverbloemetjes. Zandoogjes à volonté, koolwitjes, atalanta’s en distelvlinders, dikkopjes en vuurvlindertjes, zelfs vrij grote aantallen van de majestueuze koninginnenpages…

Het leek alsof ik terug gekatapulteerd was naar mijn jonge jaren van zorgeloos vlinders vangen in de ouderlijke tuin, ondanks het feit dat de vlinderpopulaties in ons land sindsdien zware klappen gekregen hebben. Het zal wel meer te maken hebben met het feit dat ik nu in een uitzonderlijk natuurlandschap leef dan met een hernieuwd succes van de vlinders.

Voor nachtvlinders is het dit jaar kommer en kwel, zo blijkt uit een bericht van Wim Veraghtert en Marc Herremans van Natuurpunt. De langdurige droogte van vorige zomer heeft veel planten met daarop eieren, rupsen en poppen van nachtvlinders doen sterven, waardoor veel soorten het nu helemaal niet goed doen. Dat is slecht nieuws voor onder meer vleermuizen, die nachtvlinders nodig hebben voor hun voeding.
Het is altijd wel iets met onze natuur. Maar een veelzijdige natuur heeft buffers voor magere jaren. De vraag is of onze natuur nog als veelzijdig kan worden beschouwd. Haar veerkracht komt steeds meer onder druk. Dat blijft niet zonder gevolgen.

Dirk Draulans – Facebook – 15.07.2019

https://www.natuurpunt.be/nieuws/2019-een-desastreus-jaar-voor-veel-nachtvlinders-20190715?fbclid=IwAR2uP95UrTewczMSghhxIZpM0-GjE9NYy3ThuTXzf5vs-pFLh35Mvlo3r68

Het vlasleeuwenbekje heb ik ook in mijn tuin staan, en naar dat hazenpootje moet ik nu dringend op zoek gaan!

In mijn dialect zeggen wij trouwens konijnenbekjes tegen leeuwenbekjes. Dus konijnenbekjes en hazenpootjes, allemaal één grote familie!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.