Vandaag de dag 22.07.2018 (2)

Een ongeneeslijke geestesziekte kan helpen om geniale muziek te maken en unieke schilderijen, sublieme boeken te schrijven, ongewone daden te stellen… Maar vroeg of laat ga je er zelf aan kapot. Er blijft echter wel iets van je over waar anderen, jaren na jou, nog van in vervoering geraken. Is dat een troost?
https://www.youtube.com/watch?v=ZEoft6dypiQ
Sommige mensen hebben niet alleen af en toe vlinders in de buik, maar ook permanent vlinders in het hoofd, en die vlinders in het hoofd, maken net als die vlinders in de buik de realiteit fantastischer en maakt dat die met andere ogen bekeken wordt. En dan ontstaat “kunst” als die mensen dat ook nog eens kunnen uiten met het onbetaalbare talent dat ze meegekregen hebben in hun overlevingspakket.
Was Van Gogh zot? Zo kan je het inderdaad noemen. Maar wat indien hij dat niet geweest was? Dan hadden die vlinders nooit gefladderd in zijn hoofd, en niet ervoor gezorgd dat hij al die prachtige, geweldige werken geschilderd had. Bovendien was de man ook nog eens hopeloos verliefd naar het schijnt…

https://www.youtube.com/watch?v=oxHnRfhDmrk

Veel kunstenaars plegen uiteindelijk zelfmoord. Leeggevlinderd misschien? Of kruipt uiteindelijk de mot in hun hersens, en kunnen zij de chaos die aangericht werd niet meer aan? Of is talent uitputtend?Opgeleefd, zeggen sommigen, en daar kan ik heel goed inkomen, want als je ziet wat al die mensen met talent aan geweldigs voortbrengen, zou dat wel eens goed kunnen.
“Een hevige” zei de psychiater bij mij eerste bezoek, “ge zijt precies een hevige”. Inderdaad, en gelukkig heb ik het nu onder controle, buiten af en toe nog een uitschuiver. Maar nu is dat hevige niet meer vernielend, en geniet ik er meer van. En als we weer wat te hevig worden tikken we maar wat harder op ons toetsenbord, of gaan we onkruid wieden in de tuin.
Bovendien is er ook dat grote foertgevoel, en moet ik met veel minder rekening houden, en al zeker niet met wie er niet tegen kan, dat mensen vlinders in het hoofd kunnen hebben. En ja, ik beken, ook regelmatig in de buik…

Liefde en ellende

Brood van weken oud heb ik geweekt in water
en opgegeten, terwijl de kou aan mijn tenen
knaagde. Met naalden heb ik in mijn bloed
gewoeld en gezocht. En niets gevonden.
Ik heb op straatstenen geslapen met honger
die door niets nog gestild kon worden
leek het wel.

In nachten, nat en donker, was ik alleen
en mijn stem hoorde niemand. Ziektes
hebben mij bezocht in de jaren, ik wou
vluchten in de dood.

Maar niets was erger dan nu, ik wou
dat je bij me kwam en in mijn ogen keek.

Jotie T’Hooft

 

Vandaag de dag 22.07.2018

Wil je leven, of wil je enkel bestaan? Indien dat laatste, neem dan vooral geen risico’s, ga dan vooral niet tegen de stroom in varen, en ga je dan vooral niet kwetsbaar opstellen. Want wie wil leven, zal hier rekening moeten mee houden. Durf je dat, denk je het aan te kunnen, dat je met heel weinig steun en overeenkomsten, je eigen weg kunt gaan? Doe het dan!
Soms is die keuze niet eens zo moeilijk, want het zit wel al een beetje in de aard van het beestje. Door één of andere gebeurtenis, of misschien ook omdat je zo geboren werd, kan je dikwijls niet anders, dan hiervoor kiezen.
Wonderlijk hoe mensen verschillen. Zelfs kinderen die in hetzelfde gezin zijn opgegroeid. Ze “wijken” soms zo danig van elkaar af, dat ze zich niet eens verbonden voelen met elkaar, ondanks hetzelfde bloed dat door hun aders stroomt.
Vandaag de dag, realiseer ik mij heel goed, dat indien internet en de sociale media niet bestond, ik eigenlijk heel weinig contact zou hebben met de buitenwereld.
Buiten David en Audrey, met wie ik vandaag weer een hele aangename namiddag heb doorgebracht, door samen nog eens uitgebreid te aperitieven, zijn er heel weinig, maar dan ook heel erg weinig mensen met wie ik écht contact heb.
Dat was vroeger wel heel anders. Er was de familie langs moeders kant waartussen ik opgegroeid ben, en er was het verenigingsleven hier in Hoeilaart, waar ik een dertigtal jaar heb tussen gezeten, en er was het vrijwilligerswerk, er was de kunstacademie en de verschillende cursussen filosofie die ik her en der gevolgd heb.
Maar nadat mijn man overleden is, nu bijna acht jaar geleden, en sinds David de deur uit is, is dat allemaal gestopt, en het enige wat overgebleven is, is internet.
Of ik dat erg vind? Neen, eigenlijk niet. Een mens vind wel altijd iets om zich in uit te leven en gepassioneerd mee bezig te zijn. Het gereedschap om dat te doen pakken ze je niet af, al veranderen de tools wel van uitzicht.
Trouwens waar vind je iemand om eens een goed gesprek mee te hebben, en koetjes en kalfjes interesseren mij niet zo.
Bij dit alles heb ik dus eigenlijk nog maar één grote wens, om mijn laatste levensfase vorm te geven en dat is die ene zielsverwant aan mijn zijde te hebben, om dat volle leven dat ik geleefd heb, mee te kunnen delen. Als dat eens zou kunnen, dat zou werkelijk de kers op de taart zijn. En het mag ook een aardbei wezen!