De tuin van Epicurus
Mijn tuin noem ik de tuin van Epicurus, de tuin van het goeie leven, waar het leven schoon is en de gedachten vrij.
Vandaag heb ik mij Dahlia’s geplant, twee soorten: Fire and Ice, en Pink Isa. Voorlopig steekt dus alles in de grond en nadat ik een uurtje zitten begieten heb, ziet de tuin er stralend groen uit.
Hoe en met wie solidair zijn?
‘Het virus zou niet discrimineren en iedereen treffen. Niets blijkt minder waar’
Knack – Saskia De Coster (auteur)
‘In een oorlog is iedereen slachtoffer, terwijl dit virus duidelijk bepaalde groepen viseert. Toch zet de overheid ieders leven on hold’, hekelt schrijfster Saskia De Coster in haar essay.
Als je middenin de gebeurtenissen zit, is het bijzonder moeilijk om die al correct in te schatten. Om als overheid maatregelen af te kondigen, te verlengen, af te bouwen maar ook om er als burger mee om te kunnen gaan, moet je een minimaal begrip hebben van wat er precies gaande is, waarop de samenleving de klemtoon legt en op basis waarvan keuzes worden gemaakt.
Wat is er aan de hand? Er waart een besmettelijk virus rond dat uitgegroeid is tot een pandemie. Het treft vooral oudere mensen en mensen met een verlaagde immuniteit. Hoeveel mensen effectief besmet zijn, is onduidelijk, simpelweg omdat we niet iedereen testen. Het is een nieuw virus waarover we weinig met zekerheid kunnen zeggen, we staan middenin de geschiedenis.
Psychiater, filosoof en angstexpert Damiaan Denys merkt in NRC (11/04) op dat onze grootouders hier totaal anders mee omgegaan zouden zijn. Ze zouden het – medisch onmachtig – laten passeren, terwijl wij alle hens aan dek roepen. Ilja Pfeijffer schrijft daarover in De Standaard (14/04) ‘Sinds we god, religie en zingeving hebben afgeschaft, staan we als kwetsbare mechaniekjes in de wereld. We zijn gereduceerd tot onze biologie. We offeren het volle leven om het vege lijf te redden, omdat het vege lijf het enige is dat ons nog kenmerkt. Zo hebben we deze gezondheidsdictatuur over onszelf afgeroepen.’
Het virus zou niet discrimineren en iedereen treffen. Niets blijkt minder waar.
De hedendaagse, mondiale aanpak gaat heel ver. De sluiting van landsgrenzen, de bijna-stilstand van de economie, technische werkloosheid voor miljoenen mensen, een groot deel van de wereldbevolking momenteel in zijn kot, we kiezen voor deze aanpak in de bestrijding van het virus. Wij vertrouwen ons lot niet meer toe aan een god of de goden die zullen beslissen of wij mogen leven of niet, maar wij willen zelf zo resoluut en daadkrachtig verzet bieden tegen het virus. In onze reacties zijn we sterk gedreven door controledwang en de keerzijde daarvan, angst voor het verlies van controle. Bart Nijman haalde in de Nieuwe Revu (18/03) het Thomas-theorema aan dat zegt: ‘If men define situations as real, they are real in their consequences.’ We zien de realiteit van het dodelijke virus en handelen accordingly. De gevolgen zijn bijzonder groot en ingrijpend in vele levens, want we beschouwen het virus als dé zeer echte en erge realiteit. Het lijkt nog de enige realiteit.
In Nederland en andere Angelsaksische landen wordt er in het publieke debat een aspect belicht dat hier (nog) niet aan bod komt: wat is de waarde van een mensenleven? Het lijkt een al Nederlands-directe, ja onethische vraag – de term fascistisch loert om de hoek. Toch wordt dit voor vele doeleinden berekend, omdat er een grens is aan de draagkracht van een economie. Hoogleraar Ira Helsloot berekende voor Nederland dat één jaar van een mensenleven boven de tachtig jaar daar nu honderd maal meer kost dan in niet-coronatijden. Dat is een keuze, en louter de financiële waarde van een verlengd mensenleven boven de tachtig is hiermee becijferd.
In België, dat het in vergelijking met andere Europese landen niet best doet op vlak van ouderenzorg, waar de zelfdodingscijfers de derde hoogste ter wereld zijn en waar de Witte Woede in de zorgsector een begrip is, lijkt de vraag naar de waardebepaling van een mensenleven ironisch genoeg goeddeels afwezig. #ikredlevens, onderdeel van de Vlaamse overheidscampagne rond corona, verwijst de facto nochtans naar het redden van levens van oude mensen en mensen met verlaagde immuniteit. #staysafe is daarentegen voor de meerderheid van de mensen geen doel maar een realiteit. We weten niet hoeveel besmette mensen er zijn. Velen krijgen misschien niet eens symptomen. De meeste mensen mét symptomen en zonder onderliggende ziektes, zijn na gemiddeld tien dagen hersteld dus zij blijven inderdaad safe. De meeste burgers zijn in semi-lockdown voor anderen. Uit solidariteit. Met een zekere vanzelfsprekendheid.
‘Het doel heiligt de middelen’, klinkt het wel vaker. Filosofe Marli Huijer stelt in een interview met De Volkskrant de vraag: wat is het doel eigenlijk? Zien we door de bomen het bos nog, door de maatregelen het doel? Zeker, zullen virologen zeggen. Vanuit hun standpunt is het doel glashelder: het aantal dodelijke slachtoffers zo laag mogelijk maken. ‘Veel maatregelen lijken voort te komen uit de gedachte: beter het zekere voor het onzekere nemen’, zegt Huijer nog. ‘Om te voorkomen dat je achteraf te horen krijgt dat je er niet alles aan hebt gedaan. De ruimte voor een afwijkend geluid wordt daardoor kleiner.’ Als sociale wezens worden we geacht voor een gemeenschappelijk goed te gaan. De vraag is alweer: wat is dat gemeenschappelijke goed? Is het antwoord: de levens van covid-19-kwetsbare mensen redden? Houdt het daar op?
Beter het zekere voor het onzekere nemen, om het virus te bestrijden. Tegen welke prijs?
In België zijn de keuzes voor maatregelen goeddeels gebaseerd op het advies van experts. Virologen hebben terecht veel vertrouwen gekregen. Hun adviezen wegen momenteel ongezien zwaar door op het beleid. Het doel van de viroloog is om het aantal besmettingen terug te brengen, het liefst tot nul, en om de levens van de medisch kwetsbaren te vrijwaren.
Als slechts een fractie van de mensen getest is op het virus en het best mogelijk is dat u en ik het dragen en verspreiden, dan zijn alle uitspraken sowieso bijzonder relatief. Cijfers hebben wel een grote macht en kunnen afschrikwekkend werken. In De Afspraak van 14/04 bleek tot ontsteltenis van velen dat alle doden in rusthuizen nu sowieso bij de covid-19-doden geteld worden. Wellicht daardoor heeft België op wereldvlak een enorm hoge score qua mortaliteit. De cijfers zo opdrijven is niets minder dan het voeden van angst. De obsessie met cijfers lijkt ook een buffer tegen het voeren van andere, essentiëlere discussies zoals de invulling van het begrip solidariteit en de loodzware hypotheek op de toekomstige generaties.
#ikredlevens. Hoe groot de groep is die solidair moet zijn, is heel duidelijk: honderd procent, iedereen. In een eerste grote paniek werden, begrijpelijk, radicale maatregelen afgekondigd, die de meeste burgers blindelings volgden. Uit solidariteit én uit angst voor het eigen vege lijf en dat van geliefden. De belangrijkste parameter was van meet af aan het aantal opnames op intensieve zorg en de capaciteit. Waarom zijn dadelijk ook niet andere parameters in kaart gebracht zodat we als samenleving de vraag kunnen beantwoorden met wie we solidair zijn? De dagelijkse cijferberichtgeving zou niet enkel mogen focussen op het aantal opnames op intensieve zorg, de capaciteit en de overlijdens door covid-19. Een dagelijkse update over de cijfers rond werkloosheid, overlijdens door uitgestelde operaties, partnergeweld, zelfdoding, armoede, verslaving … hoort er ook bij om een volledig beeld te geven van de situatie.
De vraag blijft: met wie zijn we op dit moment solidair? Er wordt gezegd: met de kwetsbaren uit de samenleving. Ouderen, kinderen, kansarmen? Werkelijk? De 91-jarige radiocoryfee Lutgart Simoens vindt het in elk geval onleefbaar om al een maand geen buitenlucht te ademen (Knack, 14/04). Vele bejaarden kwijnen nu kiemvrij weg in rusthuizen maar krijgen geen stem. Sommigen verkiezen misschien minder eenzaamheid en wél fysiek contact boven nog een paar jaar kiemvrij bestaan. Gemiddeld leven mensen in een rusthuis nog twee jaar. Nu zouden de gezonde bejaarden daar sowieso zeven maanden niemand mogen zien. Willen zij dat? Ik herhaal: met wie zijn we solidair?
#ikredlevens klinkt heroïsch en als een actieve daad. Hoeveel levens ondertussen zwaar bemoeilijkt of beëindigd worden, wordt niet in rekening gebracht. In IJsland vielen vorige week zes covid-19-doden maar werden ook twee vrouwen zo zwaar mishandeld door hun partner dat de dood erop volgde. In Frankrijk bericht Le Monde al op 30 maart over een stijging van het huiselijk geweld met maar liefst dertig procent.
De mortaliteitscijfers zo opdrijven is niets minder dan het voeden van angst.
We moeten de curve vlak houden en het is de bedoeling om mensen die dreigen te bezwijken onder het covid-19-virus medisch bij te staan. Maar is het niet de hoogste tijd om na te denken over hoe eng wij als samenleving aan het omgaan zijn met deze crisis? Een one-size-fits-all-aanpak van de coronacrisis zou perfect werken in een volledig egalitaire samenleving. De realiteit is anders, dat zal niemand kunnen ontkennen. Neem nu de kwetsbare, grote groep van de kinderen. Een viroloog kan zich laten ontvallen dat de scholen eigenlijk niet gesloten hoefden maar dat het een politieke beslissing was en dat de scholen nu zeker niet snel zullen opengaan. Beter het zekere voor het onzekere nemen, om het virus te bestrijden. Tegen welke prijs?
Kinderen worden meegetrokken in het solidariteitsbad maar de gevolgen van de coronamaatregelen gaan ongemeen groot zijn voor hen. Op korte termijn alleen al: sociale isolatie terwijl kinderen net volop aan het leren socialiseren zijn, leerachterstand, demotivatie …
Vorig jaar gingen grote aantallen jongeren de straten op om aan te klagen dat zij degenen zijn die de kosten van de klimaatverandering gaan dragen terwijl zij er amper schuld aan hebben. Toen kwam deze coronacrisis er bovenop: hun leventje is ongevraagd uit zijn hengsels gerukt, zij worden zelf niet door corona getroffen en hun toekomst is zwaar gehypothekeerd. De rekening van de economische catastrofe die nu wordt aangericht, wordt ook nog eens naar hen doorgeschoven. Dat er zelfs geen kinderexpert in het expertencomité zit is trouwens onbegrijpelijk, net zomin als een armoede-expert en een psycholoog overigens.
‘De grote gelijkmaker’ riep men eerst over het coronavirus. Het virus zou niet discrimineren en iedereen treffen. Niets blijkt minder waar. Het virus treft wel degelijk bepaalde groepen en hoezeer het ook een zwart gat lijkt waarin alle andere chaos aan wereldproblemen even verdwijnt en wordt opgeslokt, covid-19 is helaas net het brandpunt waar alle ongelijkheid samenkomt en de kans om die te ontkennen. In de New York Times (10/04) stond een belangwekkend stuk van moraalfilosoof Peter Singer over hoe de ongelijkheid nog scherper gesteld wordt: ’the virus exists on top of the underlying vulnerabilities, and those exist without major outcry. That’s what troubles me: the way we accept in this country the death of 700 people a day from the effects of poverty, without the virus.’ Waarom aanvaarden we dagelijks doden in het verkeer? Omdat het doel nog altijd is ons te verplaatsen. Waarom aanvaarden we nu een kolossale randschade? We hebben het virus nu de realiteit gemaakt en het doel is nu door corona bedreigde levens redden. De rest hebben we blijkbaar te aanvaarden als solidaire, verantwoordelijke burgers. In deze uitzonderingssituatie is de blik gevaarlijk verengd, met als voordeel dat zo vele problemen weggeschoven zijn onder het probleem geheten corona.
Een gediversifieerde aanpak dringt zich op vele niveau’s op. Topeconoom Jan-Emmanuel De Neve haalde in De Tijd (11/04) al aan om de lockdown vroeger te lossen voor twintigers, in een kosten-batenanalyse die we op vele terreinen horen te maken. Qua leeftijd en geografie zijn er vele groepen die ieder een andere aanpak nodig hebben als we van solidariteit een waarachtig begrip willen maken, als we levens willen redden én tegelijk de leefbaarheid voor andere groepen willen maximaliseren.
Een gediversifieerde aanpak is dringend nodig, en ook een groter, meerstemmig debat over waar onze samenleving voor staat.
Dat kan van kleine ingrepen tot grotere plannen gaan. Laat oudere mensen of mensen met een fysieke beperking toch op banken zitten, met respect voor social distancing. Je kan niet van iedereen zonder onderscheid hetzelfde vragen als de settings totaal anders zijn.
Iemand met een grote tuin heeft niet meteen nood aan openbare ruimte en kan makkelijker ‘in zijn kot blijven’. Mensen zonder tuin in steden moeten niet meer binnenblijven, er moet gewoon meer openbare ruimte zijn, om te kunnen blijven bewegen zoals ons allemaal is opgedragen. In New York zijn een aantal straten verkeersvrij gemaakt, zodat de doorgaans krap behuisde New Yorkers wiens pre-coronaleven zich meestal buitenshuis afspeelde, meer plaats hebben om te wandelen en te fietsen, mét social distancing.
En wat met de allerkwetsbaarsten? Kansarme kinderen en kinderen in een precaire situatie in de jeugdzorg hebben nog altijd basisrechten wat betreft fysieke en emotionele veiligheid en daar mogen coronamaatregelen geen voorrang op krijgen. Wat met mensen die nog de gruwelijkste dood moeten sterven, helemaal alleen? Laat hen omringd door geliefden heengaan. Die zullen dan uiteraard twee weken in volledige quarantaine gaan na het overlijden.
Nu zie je hoe mensen elkaar steeds meer tot in het absurde de maat beginnen te nemen. De frustratie stapelt zich op en burgers worden elkaars opzichters, wat in een dictatuur ideaal is maar niet in een tijd die vraagt om solidariteit en niet doelloze wederzijdse hypercorrectie tegen de sterren op. Terwijl er in vele situaties oplossingen te bedenken zijn om solidair met meerdere groepen tegelijk te blijven.
We zouden in oorlog zijn met een onzichtbare vijand, er is sprake van de frontlinie, de helden, de taskforce. De oorlogsretoriek is in vele opzichten fout en zet net een rem op de solidariteit. In een oorlog is iedereen slachtoffer, terwijl dit virus duidelijk bepaalde groepen viseert. Toch zet de overheid ieders leven on hold.
Gelukkig komt ook in eigen land het debat de afgelopen dagen eindelijk op gang. Een gediversifieerde aanpak is dringend nodig, en ook een groter, meerstemmig debat over waar onze samenleving voor staat. Anders is de roep om solidariteit in en na coronatijden een holle kreet.
Saskia De Coster – auteur
https://www.standaard.be/cnt/dmf20200422_04931515
Afgeschreven?
Babyboomers niet blij met vooruitzicht van quarantaine-marathon
‘Vreselijk dat generaties zo uit elkaar worden gespeeld’
De babyboomers zijn niet blij met het vooruitzicht om langer in quarantaine te moeten blijven. ‘Raar hoor: iedereen wil dat we een vroegtijdige zorgplanning opmaken, maar dan zou men niet vragen naar onze mening over wat we belangrijk vinden in het leven?’
De Standaard – Veerle Beel – 22.04.2020
Om haar jongste kleinkind, dat een half jaar geleden geboren is, te zien, spreekt politica Anne Dedry (63) met haar dochter Parel af dat ze allebei naar het centrum van Leuven wandelen. Elke keer ligt de jongste spruit, Ella, in de buggy al zalig te slapen wanneer het driegeslacht elkaar op veilige afstand ontmoet. ‘Ik mag me niet over de buggy buigen om te kijken, of mijn dochter zegt al: “Achteruit, mama!”’
Net als iedereen kijkt Dedry uit naar het moment dat ze haar drie kinderen en drie kleinkinderen weer in de armen kan sluiten. ‘Ik ben 63 en vind het nu al vreselijk dat de generaties zo uit elkaar worden gespeeld. We worden afgeschreven op de werkvloer, afgeschreven in de politiek, en nu ook door corona!’
Dedry vindt dit in groot contrast met de vroegtijdige zorgplanning, die door artsen zo gepromoot wordt: ‘Men wil dat we tijdig aangeven hoe we willen sterven, maar hoe we willen leven, vraagt men niet. Waarom mogen we niet zelf een risico-inschatting maken?’
Voltooid leven
‘Ik snap dat de jongeren snakken naar meer vrijheid. Maar het gemak waarmee men alle 65-plussers aan de kant schuift, is me net iets te groot’
Kristien Hemmerechts (65)
Schrijfster
Een vergelijking die schrijfster Kristien Hemmerechts (65) nog wat verder doortrekt: ‘Sommigen spreken graag over het recht op euthanasie bij een voltooid leven, maar nu lijkt het alsof anderen voor ons bepalen dat ons leven al voltooid is wanneer we thuisblijven, boodschappen doen en een beetje skypen – meer niet.’
‘Ik weet wel dat we niet meer de fysiek hebben van een twintigjarige’, zegt Hemmerechts. ‘Maar deze situatie kan nog heel lang duren en ik zou het vreselijk vinden om mijn kleinkinderen zo lang niet te zien. Twee ervan heb ik vanaf een afstand even gezien – vreemd. Pasen was een dag waarop ik het heel moeilijk had, en met mij vermoedelijk veel grootouders. Tegelijk lees ik dat veel mensen erg ziek zijn geweest door covid-19. Het is geen makkelijke kwestie. Ik snap dat de jongeren snakken naar meer vrijheid. Het heeft me al verbaasd dat ze daar niet meer tegen in opstand zijn gekomen. Maar het gemak waarmee men alle 65-plussers aan de kant schuift, is me net iets te groot. Men doet alsof wij geen hersenen meer hebben, niet creatief zijn, geen verlangens meer hebben. De babyboomers slikken dat niet.’
‘Op dit moment ligt het accent in de media en de politieke besluitvorming op de kwetsbaarheid van “de” ouderen. Dat is begrijpelijk’, zegt Nils Vandenweghe van de Vlaamse Ouderenraad. ‘Tegelijk mag je niet uit het oog verliezen dat “ouderen” makkelijk drie generaties tellen, waarin lang niet iedereen kwetsbaar is. Er zijn 2,2 miljoen 65-plussers in dit land. Velen nemen nog deel aan het sociaal-culturele en zelfs economische leven. Ze leveren waardevolle bijdragen aan de samenleving in de vorm van mantelzorg, kinderopvang en vrijwilligerswerk: bezigheden die essentieel zijn voor hun eigen gezondheid en welzijn.’
‘Als we willen dat ouderen een langere lockdown volhouden, moeten we hen intrinsiek motiveren. Het mag niet van moeten worden’
Maarten Vansteenkiste
Professor UGent
Vóór de covid-19-lockdown fietste Geert Debruyne (66) elke ochtend naar zijn oudste dochter, die al vroeg aan haar werk in de thuiszorg begint. ‘Ik blijf daar tot het tijd is om de kinderen naar school te begeleiden en ben rond 8.50 uur weer thuis. Zo begin ik lekker vroeg aan de dag.’
Ook nu moet zijn dochter nog altijd vroeg naar het werk, en ook haar man kon als schrijnwerker aan de slag blijven. Dus trokken de kinderen voor de paasvakantie naar de opvang op school. ‘Ze waren maar met heel weinig.’ Debruyne hoopt dat hij snel weer mag bijspringen in het ochtendritueel en hoopt dat de kampen voor zijn kleinkinderen – hij heeft er bijna acht – in de zomer doorgaan. Hij is al twee keer van Gierle naar Antwerpen gefietst (heen en terug is dat een tocht van 90 km) om kinderen en kleinkinderen te zien. ‘We houden ons aan de regels. Toch keek ik de hele tijd over mijn schouder, of er toch niet een agent zou komen zeggen dat we aan het samenscholen waren.’
Marathon
De animo om de lockdown te respecteren is nog altijd het grootst bij de oudere generaties, zegt professor Maarten Vansteenkiste van de UGent. ‘Maar uit onze jongste bevraging blijkt dat de motivatie in álle generaties aan het slinken is. Dat is verontrustend.’
Vansteenkiste zegt dat er duidelijker gecommuniceerd moet worden waarom oudere mensen een hoger risico lopen. ‘Als we willen dat ze een langere lockdown volhouden, moeten we hen intrinsiek motiveren. Het mag niet van moeten worden, want dan gaan mensen revolteren.’
‘Wij stellen voor de beeldspraak van de marathon te gebruiken: niet iedereen komt gelijk aan de meet, en zij die achterblijven, moeten aangemoedigd worden om de race vol te houden. Daartoe zouden we extra initiatieven kunnen nemen, zoals een grote gedichtenzondag voor grootouders, en een grote liedjesdag. We hebben nieuwe rituelen nodig om het vol te houden.’
Op de Blijf in uw kot-krant, een initiatief van de Vlaamse Ouderenraad en de Koning Boudewijnstichting, hebben al 3.500 gezinnen ingetekend. Zo ook Herwig De Coninck (62) uit Brugge, verantwoordelijk voor de grootouderwerking van de Gezinsbond. Hij maakte met vrouw en kinderen zo’n krantje voor zijn hoogbejaarde moeder en schoonmoeder. Zij moeten nog een hele tijd ‘in hun kot’ blijven. ‘Hun gezondheid gaat nu voor.’
Veerle Beel
Bepalen
Leef wild
Een mens zou af en toe op retraite moeten gaan. Weg van de tv met het dagelijkse nieuws, weg van Facebook met meer onzin dan zin, weg van de telefoon en internet…
Dit weekend heb ik een documentaire gezien over een dame die helemaal in haar eentje en zelfvoorzienend in de open en verlaten natuur van Ierland leefde.
https://www.vrt.be/vrtnu/a-z/where-the-wild-men-are/6/where-the-wild-men-are-s6a7-ireland/
Daar ben ik jaloers op, al weet ik dat ik het zelf niet zou kunnen zoals zij het doet, want ik hou wel van het comfort dat ik nu heb. Maar af en toe heb ik toch de neiging om mij wat terug te trekken en mij af te sluiten van de rest van de wereld, en nog enkel bezig te zijn met de essentiële dingen die moeten gebeuren.
Mijn huis, mijn tuin, mijn dieren, mijn kleine familie… de volgorde doet er niet, ze zijn allemaal even belangrijk en van grote waarde voor mij, en krijgen allemaal evenveel liefde en zorg. De buitenwereld, ach de buitenwereld, die is soms zo banaal…
Hoogmoed heeft ons van de natuur verwijderd en ons het idee gegeven dat we er vrij kunnen over beschikken, want de mens is het enige dier met verstand, en dat weet hoe het allemaal moet.
Maar nu zitten we hier opgesloten en bang van iets wat we niet kunnen zien, en ons in de tang houdt. Slim hé, en hoe almachtig zijn we toch!
Net als Judith uit “Where the wild men are” moeten we misschien anders gaan denken en ervan uitgaan dat een grassprietje evenveel waarde heeft als elk ander levend wezen, en dus ook evenveel als de mens.
Leef wild
Ik ga weglopen,
De deur achter mij
Dichtslaan,
Het vuur uitzetten,
Afgesneden
Van elke voorziening,
Weg
Van deze wereld,
Want ik ben hier
Niet meer graag.
Leef anders,
Leef wild.
Micheline Baetens-21.04.2020
Leef wild
Parasieten
Er is nog een kwalijke tendens die tijdens deze coronacrisis de kop op steekt: sommige mensen beginnen ouderen als parasieten te beschouwen, die “alles” platleggen, de economie schade toebrengen, hen verhinderen te werken, en hen in de schulden steken.
Een paar reacties op Facebook van de jongere generatie:
“Een graduele heropstart van de economie, waarbij de kwetsbare groepen in de samenleving in zelfquarantaine worden gehouden, wordt idd noodzakelijk als we in de toekomst bijkomende investeringen willen doen in de gezondheidszorg en de ouderenzorg.”
“Wij moeten wel werken zodat jullie pensioen kunnen krijgen . Mijn ouders zijn 75 en 72 en weten dat ze bij de hoge risico’s horen en begrijpen dus waarom ze nog wat langer in quarantaine moeten blijven.
“Als wij niet kunnen werken zal er geen geld meer zijn voor de pensioenen hoor .”
Er werd in het verleden al bespaard op ouderenzorg. Ik hou mijn hart vast wat voor maatregelen er na deze crisis gaan genomen worden om dit nog verder door te drijven. Gaat men ons nu ook nog van onze vrijheid beroven en monddood maken. Nog meer monddood!
https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2020/04/20/bart-de-wever-de-ochtend/
Gaat men ons misschien een ster opplakken en in kampen steken?
Niemand, en om geen enkele reden mag men onschuldige mensen discrimineren en van hun vrijheid beroven! En men moet ook stoppen met ouderen als parasieten te beschouwen.
Voor ons pensioen hebben we zelf gewerkt, en ook om de jonge mensen die ons nu als het grootste kwaad lijken te beschouwen, op te voeden en te laten studeren. “Een kind kost een huis”, zegt men, en dat is inderdaad zo.
Iedereen wordt oud als het leven wat meezit. Ouderen zijn de fundering van een maatschappij. Sommigen van hen hebben een oorlog meegemaakt en gevochten voor de vrijheid die we nu hebben, dus respect en een evenwaardige behandeling als de rest van de bevolking, zijn eerder op hun plaats dan de egoïstische mentaliteit waarin de maatschappij lijkt te verzinken.
Iedereen wil leven, en iedereen wilt een leven dat de moeite waard is! Trouwens, ik ben zodanig individualistisch dat ik wel zelf kan uitmaken wanneer ik weer eens, al dan niet, in afzondering wil leven.
Leeftijd is maar een getal en van getallen weten we dat ze niet altijd juist zijn…















