Burn-out bij jongeren

Burn-outs duwen steeds meer jongeren naar de rand: ‘1 op 4 jongeren is opgebrand’

Humo – 04.09.2018

Dé ziekte van onze tijd is een uitdijende epidemie geworden. Eén op de vijf werkende Vlamingen krijgt ooit met een burn-out te kampen en – schrikwekkend, voor wat tien jaar geleden nog als een fin de carrièrekwaal werd gezien – het zijn twintigers en zelfs tieners die steeds meer in het vizier komen. De Hoge Gezondheidsraad vindt dat al vanaf het eerste leerjaar (!) aan preventie gedaan moet worden en aan de universiteiten zijn de psychologen niet aan te slepen om alle overspannen studenten te begeleiden: 30 procent van de doctoraatsstudenten blijkt zich ongelukkig en depressief te voelen. ‘Ik denk dat elke twintiger zichzelf wel voor de kop kan slaan. We creëren problemen voor onszelf.’

Is onze jeugd intussen zo ongeveer uitgedoofd door die welig tierende burn-outs? Humo zocht het uit, onder anderen bij ervaringsdeskundigen: lifecoach, yogaleraar en schrijfster Eva Daeleman (28), die drie jaar geleden als één van de eerste bekende gezichten vrijuit over haar burn-out getuigde; sociaal psychologe en loopbaancoach Nienke Thurlings (31), die op haar 24ste door een burn-out getroffen werd en de website ‘Jong burnout’ startte; en neurobiologe Brankele Frank (31), die haar burn-out ‘Bernie’ doopte en haar verhaal deelt in workshops.

Hun ervaringen worden geduid door Sanne Kooiman (23), die naar aanleiding van de zelfmoord van haar vriend de documentaire ‘To My Loved Ones’ maakte, en neurowetenschapper Jeroen van Baar (28), die in 2014 ‘De prestatiegeneratie’ publiceerde. In dat boek noemde hij zijn generatiegenoten maximalisten, omdat ze altijd het onderste uit de kan willen: veel geld, een bevredigende carrière, een rijk sociaal leven, een bruisend seksleven, de nieuwste iPhone — en dat alles wel degelijk nú.

We beginnen onze rondvraag bij psychiater Edel Maex (62), hoofd van de Antwerpse Stresskliniek. Hij introduceerde mindfulness meer dan 20 jaar geleden in Vlaanderen.
Edel Maex «Iemand vroeg mij onlangs nog: ‘Hoe komt dat toch, al die stress bij jongeren? Wij werkten vroeger ook hard, en wij hebben daar nooit over geklaagd.’ Maar mensen krijgen geen burn-out omdat ze te hard werken – al speelt dat vast mee – maar vooral omdat ze voelen dat hun werk niet zinvol is.”

“We verliezen uit het oog dat mensen het belangrijk vinden om nuttig ingezet te worden. In één van mijn boeken vertel ik het verhaal van een man die gevraagd werd om een afdeling van een bedrijf te reorganiseren. Hij werkte wekenlang keihard, draaide overuren, en uiteindelijk lukte het: de afdeling draaide weer perfect. In het daaropvolgende evaluatiegesprek zeiden zijn bazen: ‘Dat heb je goed gedaan, maar we hebben besloten om de afdeling af te schaffen. We willen een aantal mensen ontslaan; stel jij een lijst op van wie daarvoor in aanmerking komt?’ De dag erna is die man gecrasht.”

“Zo zitten mensen in elkaar: we willen heel graag hard werken om iets te bereiken – oké, er zijn uiteraard uitzonderingen die profiteren – maar zodra we het gevoel hebben dat onze inspanningen nutteloos zijn, zakt onze energie weg. Dan is de batterij heel snel leeg.»

HUMO Waarom lijkt dat gevoel van zinloosheid nu vaker voor te komen?

Maex «Soms verwijst men naar de neoliberale samenleving, al is dat ook maar een woord en geen verklaring.”

“Sommige economen merken op dat de bonussen van managers bedrijven reguleren. Dat klinkt gechargeerd, maar vaak neemt men beslissingen die ten koste gaan van de menselijkheid van de werknemers, alleen maar omdat één iemand zijn bonus zou kunnen behouden. Vervolgens stapt die manager, een goed resultaat op zak en een puinhoop achter zich latend, over naar het volgende bedrijf. Maar als die manager zelf een beetje menselijk is, zal hij ook nog wel bevangen worden door het gevoel: ‘Waar ben ik in godsnaam mee bezig?’ En dan loopt ook hij risico op een burn-out.»

HUMO Dat verklaart nog niet waarom tegenwoordig vooral jongeren getroffen worden.

Sanne Kooiman «Jongeren zijn een kwetsbare groep, hè. Ze ontdekken het leven nog volop. ‘Waar hoor ik bij? Wat wil ik worden? Zal ik een huis kunnen kopen?’ Tegelijk moeten ze zichzelf verkopen op de arbeidsmarkt. Wijsheid komt met de jaren, zegt men, en misschien klopt dat. Met meer levenservaring heb je misschien minder het gevoel dat je jezelf nog moet bewijzen.»

HUMO Jeroen, er zijn vier jaar voorbij sinds de publicatie van ‘De prestatiegeneratie’. Is er sindsdien veel veranderd?

Jeroen van Baar «Nee. Ik gaf de afgelopen jaren geregeld lezingen over het onderwerp, en ik ontmoette onverminderd kinderen die zich halverwege de middelbare schooltijd al zwaar zorgen maakten om hun cv. Prestatiedruk – ‘Wanneer is je leven goed genoeg?’ – blijft een relevant thema.”

“Het leven is een cadeautje, maar zo zien we het niet. Ik denk dat elke twintiger zichzelf wel voor de kop kan slaan, want hoe stom zijn we niet? Altijd maar meelopen in de ratrace, steeds meer willen… We creëren problemen voor onszelf omdat we continu ontevreden zijn over hoe het leven gaat.»

HUMO Je boek was een ‘pleidooi voor middelmatigheid’.

Van Baar «Een pleidooi voor het omarmen van de dingen die níét perfect zijn in ons leven. Beseffen: het is oké als ik ergens niet goed in ben.»

Kooiman «Ik vond dat pleidooi fantastisch! Het constante presteren en streven naar perfectie is heel erg van deze tijd. Het is bijna niet meer acceptabel om middelmatig te zijn. Onzin: middelmatigheid is wél prima.»

Maex «Ik denk níét dat we minder moeten presteren of middelmatig worden, want dan krijg je eenheidsworst. En met het communisme is het ook niet goed afgelopen.

Presteren op zich is niet het probleem. We moeten alleen leren om af en toe wat rust in te bouwen. Vroeger was zondag een rustdag, nu is dat voor velen de drukste dag van de week. Filosoof en wetenschapper Daniel Dennett tweette: ‘Er is één ding waar ik God in gelijk geef: de mens heeft één rustdag per week nodig.’”

“Bart De Wever zei een paar jaar geleden: ‘Een rustdag is iets van in de middeleeuwen.’ Dat ging toen over de verplichte winkelsluiting in de stad. Allemaal goed en wel, maar we moeten leren om voldoende momenten voor onszelf in te lassen. Even helemaal niets te moeten. Net opdát we daarna weer zouden kunnen presteren. Dat verklaart ook de hype rond mindfulness: in onze almaar doordraaiende maatschappij moeten we opnieuw leren stilstaan.»

Onzekere toekomst

HUMO Er is sprake van een burn-outepidemie bij onze jeugd. Is het echt zo erg?

Nienke Thurlings «Het is héél erg. Vrijwel íédere jongere die ik spreek, heeft overmatige stressklachten. Zeker jongeren tussen 16 en 25 jaar staan onder ontzettend veel druk. In Nederland hebben ongeveer 100.000 jongeren een echte burn-out, maar sommige onderzoeken zeggen dat zelfs één op de vier jongeren ermee kampt. En dan zijn alle voorafgaande stadia van stress niet eens meegerekend. Er zijn ook nog veel jongeren die het niet willen toegeven, of het zelf niet goed kunnen duiden.»

HUMO Volgens jou zit de jeugd ‘geklemd tussen het verleden en de toekomst’.

Thurlings «Dat is dé oorzaak van de burn-outepidemie. Het is de basis van een viertrapspiramide. Daarboven staan alle andere bekende factoren: de prestatiedruk, de sociale media, de overdaad aan keuzemogelijkheden… Nog een trapje hoger staat aangeleerd perfectionisme: door een combinatie van al het voorgaande willen jongeren alles té goed doen. Dat leidt tot massaal veel burn-outs: de top van de piramide.”

“Maar de basis is die klem. Deze generatie jongeren gaat een bijzonder onduidelijke toekomst tegemoet. Vroeger kon je als ouder min of meer voorspellen hoe de toekomst van je kind er zou uitzien, en hoe je kind zich daarop moest voorbereiden. Je had een baan nodig, en voor die baan moest je een diploma hebben én je zus of zo gedragen. Dat was hoe de wereld werkte.”

“De wereld verandert nu zo snel dat je onmogelijk nog iets kunt voorspellen. Jongeren moeten zich voorbereiden op banen die misschien nog niet eens bestaan. Veel traditionele banen worden overgenomen door computers en robots, en werkgevers zoeken een nieuwe soort werknemer. De Europese Commissie heeft het over 21ste-eeuwse vaardigheden. Werkgevers zoeken nu mensen die zichzelf blijven ontwikkelen, kunnen netwerken, een breed perspectief hebben of juist één heel duidelijke expertise… De ellende is dat ouders daar geen ervaring mee hebben en nog in het oude denkpatroon zitten. De universiteiten en scholen zijn in hetzelfde bedje ziek, en ze wéten het. Ze begrijpen dat de oude opleidingen niet meer volstaan, dat jongeren een veel breder pakket nodig hebben.»

HUMO Wat is dan de oplossing?

Thurlings «We moeten leren om het helemaal anders te bekijken. Er zijn geen precedenten en geen voorbeelden. Voor het menselijke brein is dat een enorm uitdagende situatie, want waar hou je je aan vast? Het wordt dan verleidelijk om je te verliezen in excessief gebruik van sociale media of perfectionisme. Mijn oplossing is om jongeren opnieuw te leren zichzelf in hun hart te vestigen en zichzelf de vraag te stellen: ‘Hoe wil ik mij vanuit die motivatie ontwikkelen?’»

HUMO Dat mag je eens uitleggen.

Thurlings «Het is minder zweverig dan het klinkt (lacht). We moeten afleren om te denken: ‘Wat moet ik nú doen om over tien jaar gelukkig te zijn?’ Veel beter is: ‘Wie ben ik nú? Waar word ik op dit moment blij van?’ Jongeren leren ontdekken waar ze écht goed in zijn – waar ze happy van worden, los van bevestiging door anderen – is de enige houvast die we hun kunnen bieden in deze razendsnel veranderende tijden. Als je iets doet wat je graag doet, heb je vanzelf een veel grotere drive en zul je de kansen om je heen sneller zien en grijpen. Je gebruikt die 21ste-eeuwse vaardigheden dan vanzelf. Dat werkt niet alleen stressverlagend, je wordt ook aantrekkelijker voor werkgevers.»

Dwangneuroses

HUMO Eva, wie jou nu een e-mail stuurt, krijgt een automatisch antwoord: ‘In de zomer doen wij het rustiger aan. Je mail wordt gelezen, maar een antwoord kan even op zich laten wachten.’ Niet zo lang geleden moesten we alleen de brievenbus in de gaten houden, nu zijn we via tientallen kanalen te bereiken. Bezorgt de wildgroei aan communicatiemiddelen ons stress?

Eva Daeleman «Onlangs zag ik een video van een neuroloog die zei: ‘Tegenwoordig krijgt de mens op één dag evenveel prikkels te verwerken als iemand in de middeleeuwen in een heel leven.’ Waanzinnig! En de snelheid ligt steeds hoger. Vroeger was e-mail nog een redelijk traag medium – als tiener checkte ik mijn mailbox één keer per week – nu verwachten mensen meteen een antwoord. Laatst kreeg ik om halftien ’s avonds een whatsappje. Omdat ik de volgende dag om tien uur ’s ochtends nog niet geantwoord had, belde de afzender me meteen drie keer na elkaar op. Ho maar, rustig!»

HUMO Vooral bij jongeren gaan vermoeidheid, angstaanvallen, concentratiestoornissen en andere symptomen van burn-out vaak gepaard met verslavingsproblemen, onder meer aan alcohol, drugs, gamen en internetporno. Herkenbaar?

Daeleman «Ik weet dat ik verslavingsgevoelig ben, dus aan drugs begin ik niet. Vóór de diagnose van mijn burn-out was ik verslaafd aan sport. En ik had een paar dwangneuroses: als ik thuis rondliep, móést ik bepaalde dingen altijd drie keer aanraken. Dat doe ik niet meer, maar na mijn burn-out was ik dan wel weer een tijdje verslaafd aan yoga en mediteren (lacht). Dat deed me zo veel deugd dat het op den duur ook een soort van dwang werd. Dat heb ik moeten bijstellen. Iets mogen of willen doen is zoveel krachtiger en bevredigender dan iets móéten doen.»

HUMO Sociale media, en de bijhorende fear of missing out, zijn een vaak genoemde factor bij burn-outs. Toch zit je nog steeds op Instagram.

Daeleman «Ik geef toe dat ik vroeger ook verslaafd was aan Instagram, en vooral aan de reacties die ik op mijn foto’s kreeg. Maar ik heb grenzen leren trekken. Zo wis ik de app bijvoorbeeld elke vrijdag van mijn telefoon. Elke week heb ik Instagramloze Vrijdag. Die dag is mijn wereld dan altijd ineens een stuk kleiner: erg soothing. Twitter en alle nieuwsapps die ik in mijn tijd bij de radio maniakaal volgde om te weten wat er in de wereld gebeurde, bekijk ik niet meer: dat brengt ook veel rust. En ik neem mijn gsm niet meer mee naar de slaapkamer.»

HUMO Kan de overheid iets doen om de burn-outepidemie te stoppen?

Van Baar «Zorgen voor een andere focus in het onderwijs. Kinderen moeten op steeds jongere leeftijd goede punten scoren. De boodschap is: hoe beter je presteert, hoe meer je waard bent. Dat lijkt me zeker bij jonge kinderen een ontzettend foute gedachte.»

Daeleman «Ik vind het ook niet gezond dat we kinderen in de meest actieve fase van hun leven dwingen om 7 à 8 uur stil te zitten in de klas, en verwachten dat ze alleen maar met hun hoofd werken.»

Maex «We kunnen onze kinderen maar beter leren wat menselijkheid is, hoe ze goed met zichzelf kunnen omgaan. Ik zag dat minister van Onderwijs Hilde Crevits dat idee heeft meegenomen in de nieuwe eindtermen. Een goede zaak, ook al staat het er voorlopig nog heel algemeen.”

“De organisatie van de psychologische en psychiatrische hulpverlening is ook ondermaats. Minister van Volksgezondheid Maggie De Block zegt enerzijds dat dokters te veel pillen voorschrijven en dat ze patiënten beter naar een psycholoog zouden sturen, maar anderzijds wil ze die consultaties niet of nauwelijks terugbetalen. Dat is schandalig, en schrijnend. En dan spreken we nog niet over de gigantische wachtlijsten.”

“Consultaties bij de psycholoog terugbetalen zal veel kosten, maar alles heeft zijn prijs, en in dit geval lijkt die me het meer dan waard. Op termijn zullen we meer besparen dan het ons kost, want wie zich niet goed laat begeleiden, blijft soms heel lang sukkelen en is dan ook geen productieve werknemer.»

Taboe doorbroken

HUMO Jean-Pierre van de Ven, psycholoog en woordvoerder van het Nederlandse Fonds Psychische Gezondheid zegt: ‘Vroeger werd gezegd dat je bij een burn-out moest uitrusten, inmiddels is het inzicht dat het beter is om de dagelijkse dingen voort te zetten.’

Maex (blaast) «Dat is veel te simplistisch. Sommige mensen met een burn-out zijn zo uitgeput dat ze de eerste weken niet anders kúnnen dan rusten. Sommige mensen wíllen wel gaan werken, maar raken met de beste wil van de wereld hun bed niet uit. En als mensen zich te snel forceren om terug op gang te komen, maken ze veel kans om erin vast te blijven zitten.»

HUMO Jan Dries, stichter van de Europese Academie voor Natuurlijke Gezondheidszorg, schrijft dan weer dat het risico op burn-out alleen bestaat bij mensen die twee eigenschappen combineren: zij die gedreven, snel enthousiast en idealistisch zijn, én een groot verantwoordelijkheidsgevoel en respect voor de regels hebben.

Maex (lachje) «Wat betékent zoiets? Die typologieën, daar zit heel weinig wetenschappelijke grond in. Eigenlijk zeg je dat gedreven, plichtsbewuste mensen het meeste kans maken op een burn-out? Misschien is dat zo, maar wat zijn we met die info?»

Thurlings «De traditionele opvatting is dat vooral perfectionisten kans maken om met hun hoofd tegen de muur te lopen. Op basis van de recentste cijfers blijkt dus vrijwel elke jongere perfectionistisch te zijn… Dat kan natuurlijk niet.»

Maex «Vroeger werd algemeen gedacht dat mensen met een burn-out de zwakke vogeltjes van de samenleving waren. De kanaries in de koolmijnen, die aantoonden waar de pijnpunten van het bedrijf zaten. Nu weet men dat ook sterke mensen, de lui aan de top, vatbaar zijn.»

HUMO Krijgt de volgende generatie het nóg zwaarder? Kleuters en kinderen groeien nu op met smartphones en tablets.

Kooiman «Het is uitvoerig bewezen dat die stress opleveren, dus ja, ik ben pessimistisch over de toekomst van onze kinderen. Ik verwacht ook niet dat de prestatiedruk plotseling zal afnemen, die zit te diep in onze maatschappij.»

Daeleman «Anderzijds wordt de mens wel steeds beter in grenzen stellen. Als de wereld verandert – wat nu duidelijk gebeurt – veranderen wij gewoon mee. Anders zouden we toch debielen zijn, nee? (lachje) Je merkt nu al dat kleuters beter weten wat ze willen. Ze leren al heel jong kiezen tussen pakweg 36 apps, bijvoorbeeld.»

HUMO Sanne, in ‘Stress to Impress’ heb je het ook over hoe kinderen steeds vaker beloond worden voor alles waar ze ook maar een beetje goed in zijn. ‘Als dan iets níét goed gaat, is er geen beloning en daardoor kunnen jongeren slecht omgaan met teleurstellingen.’

Kooiman «Als een kind bij élke pennentrek die hij op papier zet te horen krijgt dat het een prachtige tekening is, leert hij eigenlijk dat hij geen fouten kan maken. Natuurlijk is het goedbedoeld, je kind in het zonnetje zetten, maar zo maak je er wel heel onzekere mensen van, die niet snappen dat hun keuzes gevolgen hebben. Dat lijkt me gevaarlijk.»

HUMO Vroeger was een burn-out altijd werkgerelateerd, intussen is men daarvan afgestapt.

Van Baar «Vroeger dacht men inderdaad dat het enkel voorkwam bij mensen die zich na een carrière van dertig jaar helemaal stuk gewerkt hadden. Onzin. Ik kan in mijn onmiddellijke omgeving zo vijf mensen opnoemen die al op 25-jarige leeftijd zijn ingestort.»

HUMO Het goede nieuws: er wordt vrijer en openlijker over burn-outs gepraat dan ooit. Het taboe was amper vijf jaar geleden een stuk groter.

Thurlings «Ik had mijn burn-out acht jaar geleden, toen ik 24 was, en in die tijd voelde ik me daarin héél alleen. Er werd angstvallig gezwegen over burn-outs, ook door de oudere generaties. Wie googelde, vond alleen droge lijstjes met symptomen. Ik had niks om me aan op te trekken. In Nederland heb ik dat taboe doorbroken: ik was de allereerste die in de media openlijk uitkwam voor mijn burn-out, omdat ik daarmee andere mensen wilde tonen dat ze niet alleen stonden.»

Daeleman «Ik geef lezingen in heel Vlaanderen, en het valt op dat men in bijvoorbeeld West-Vlaanderen en de Kempen duidelijk nog iets voorzichtiger is. Als mensen me er na een lezing aanspreken, is doen ze dat vaak op fluistertoon. (Fluistert) ‘Ik heb óók een burn-out.’ Het is trouwens in die streken dat huisartsen nog sneller zeggen: ‘Neem maar een pilletje en doe gewoon verder.’»

HUMO Nog steeds neemt niet iedereen het probleem ernstig?

Maex «Ik zie twee groepen: enerzijds zij die beseffen dat er een probleem is en dat we dringend iets moeten doen, en anderzijds mensen die steeds luider zeggen: ‘Doe eens niet onnozel.’ Zij vinden bijvoorbeeld dat scholen in de eerste plaats mensen moeten afleveren die kunnen presteren op de arbeidsmarkt en dat al de rest zever is. Maar om écht te kunnen presteren, moet je ook de menselijkheid van je werknemers intact laten.»

Verdwaald in het bos

HUMO Vooral bij jongeren werden burn-outsymptomen vroeger weleens weggezet als aanstellerij.

Maex «Inderdaad: ‘Hoe kan het nu dat jij al opgebrand bent?! Je bent nog zo jong!’ Als we mensen in de eerste plaats behandelen als radertjes in een economische machine, leren we jongeren ook dat het zo hoort. Ik heb trouwens vaak het gevoel dat jongeren met een burn-out niet eens beseffen wat hun overkomt.»

HUMO Eva, drie geleden zei je nog dat zelfs professoren en therapeuten die jou nooit gesproken hadden het nodig vonden om te zeggen dat een burn-out op jouw leeftijd ‘wel niet waar zal zijn’. Dat zou nu toch niet meer gebeuren?

Daeleman «Ik weet niet zeker of ze die burn-out in twijfel trokken, dan wel of het een persoonlijke aanval tegen mij was.»

Thurlings «De mentaliteit is in elk geval verbazend snel veranderd. Ik wil mezelf niet op de borst kloppen, maar er is een enorme bijdrage geleverd door mensen die hun mond hebben durven opendoen in de media. Door dat voorbeeld voelen anderen zich minder geremd. En er is de kracht van het getal. In Nederland kan de geestelijke gezondheidszorg de toestroom van cliënten niet meer aan. Er is een maatschappelijk probleem ontstaan, waardoor de roep om verandering vanzelf groter wordt.»

HUMO Vreemde vraag: zijn er ook positieve aspecten aan een burn-out?

Thurlings «In zekere zin kan een burn-out de kans van je leven zijn. Stel: je bent verdwaald in het bos, en na een hele lange tocht vind je plots een landkaart, met daarop een grote, rode pijl: ‘U bent hier!’ Zo liep ik al jaren rond, ik voelde me de hele dag mat en ik wist niet waarom. De diagnose van mijn burn-out maakte me duidelijk dat ik te veel dingen deed die tegen mijn natuur indruisten, niet gezond voor me waren, me niet gelukkig maakten en me over mijn grenzen duwden. Pas na de diagnose kon ik de juiste route opnieuw vinden. Het werd een startpunt om weer te kiezen voor de dingen die goed voor me zijn en waar ik energie van kreeg. Ik koos ervoor om mijn burn-out niet als iets bedreigends te zien. Ik geloof dat iedereen dat kan.»

HUMO Wat deed je dan tegen je natuur in?

Thurlings «Alles! (lacht) Een burn-out heeft veel oorzaken. De ene krijgt het omdat hij te veel werkt, te krappe deadlines moet halen, te veel achter zichzelf aanrent. Iemand anders staat altijd klaar voor anderen, maar nooit voor zichzelf. Daardoor ga je dan ook op andere vlakken minder goed voor jezelf zorgen. Je stopt met gezond te eten en te bewegen, want je hebt geen tijd om te koken of om naar de sportschool te gaan. Al die dingen bezorgen je meer stress, waar je vervolgens slechter van gaat slapen, enzovoort. Het is een sneeuwbaleffect: de aanstormende burn-out vreet langzaam maar zeker alles in je op. Maar als je dan eenmaal met een burn-out zit, is ongeveer elke stap die je kunt zetten er wel één in de juiste richting. Je kunt het best bij de basis beginnen: inspanning en ontspanning weer leren afwisselen, gezond eten en leven, regelmaat in je leven steken…»

HUMO Samen met de burn-out is ook onthaasten aan een opmars bezig.

Daeleman «Vroeger wilden mensen ook al onthaasten, maar dat zegden ze niet met zoveel woorden.”

“We moeten weer meer voor onszelf leren zorgen. Niemand gaat de deur uit zonder de hond eten te geven, maar heel veel mensen vertrekken ’s ochtends zonder ontbijt. Waarom gunnen we onszelf dat niet? De sleutel voor een leven met minder stress is het besef: ‘Ik ben het waard dat er voor mij gezorgd wordt.’ Wie daarvan doordrongen is, maakt makkelijker keuzes die goed zijn voor zijn lichaam en geest. Bijvoorbeeld een stuk fruit verkiezen boven chocolade, of vaker water drinken in plaats van de zoveelste kop koffie.”

“Vroeger keek ik vaak naar Netflix, nu boeien al die series me niet meer zo. Maar dat is goed: niet elk moment van de dag hoeft ingevuld te worden. Vroeger had ik een heel grote schrik om saai te zijn, en saai bevonden te worden. Ondertussen heb ik ontdekt dat saai zijn soms net héérlijk kan zijn. Ik heb bijvoorbeeld deze ochtend nog bijna niets gedaan. Zalig! (lacht)”

“Maar iedereen pakt het op zijn manier aan. Er is geen kant-en-klare oplossing, en het gaat nooit van vandaag op morgen. Ik vergelijk het soms met verbouwen: het huis zal mooi zijn als het af is, maar nu is het even heel lelijk. Uiteraard wens ik iedereen een snel herstel toe, maar zo werkt het niet.»

Geen garanties

In Vrij Nederland omschreef neurobiologe Brankele Frank een paar weken terug haarfijn wat er in je brein gebeurt als je een burn-out krijgt. Zij had drie jaar geleden plots een ‘opgebrande hersenpan’. In de douche trok ze zich steeds grotere plukken haar uit het hoofd, maar ook ‘botontkalking, een hogere bloeddruk, een groter risico op alzheimer en parkinson zijn reële gevolgen van chronische stress’. Emotioneel voelde ze zich ‘verworden tot een soort kleuter. Ik raakte in de war van het opzeggen van de dagen van de week. De dagen waren er nog wel, maar ze verschenen in willekeurige volgorde. En tot mijn grote schaamte had ik soms zelfs volledige blanks bij het zien van mijn vrienden, wier namen me dan volkomen ontschoten waren.’ Frank noemde haar burn-out liefkozend ‘Bernie’.

HUMO Was dat een poging om de burn-out voor jezelf minder sinister te maken?

Brankele Frank «Ik was vooral het woord zo moe. ‘Burn-out’: dat klinkt erg afstandelijk, terwijl ik er toch maandenlang zij aan zij mee leefde. Ik noemde het ook af en toe ‘The Burn’. Dat deed ik niet om de angel eruit te halen, maar onbewust heeft het me wellicht geholpen om in te zien dat die burn-out me niet van buitenaf werd aangedaan, maar dat hij een gevolg was van hoe ik leefde, en van de keuzes die ik zelf maakte.»

HUMO Wist je als neurobioloog wat de mogelijke symptomen en neveneffecten van een burn-out zijn?

Frank «Ja, maar niet in zulk detail. Het gekke is dat kennis absoluut geen garantie is om het te kunnen voorkomen. Een beetje zoals rokers denken dat zij er geen schade door zullen lijden. Van de symptomen vond ik de hoofdpijn en de heftige vergetelheid het meest opvallend – dat kun je je niet zo goed inbeelden.»

HUMO Heb je advies voor alle jongeren die door een burn-out gaan?

Frank «Wandelen. Veel meer tijd voor iets nemen dan je nodig denkt te hebben. Er veel over praten. En 80 uur werken is niet per definitie ‘stoer’. Een goed mens zijn, is dat wél.»

BOEKEN:

‘Omdat het kan’ van Eva Daeleman verschijnt op 18 september bij Horizon.

‘De bereidheid om te kijken’ van Edel Maex verschijnt begin oktober bij Lannoo.

‘Jong burn-out’ van Nienke Thurlings verschijnt op 17 oktober bij Altamira.

 

 

De tweede seksuele revolutie

De nieuwe seksuele revolutie: ‘In plaats van zich af te vragen of hun haar goed ligt, moeten vrouwen zich focussen op hun éígen genot’

Humo – 04.09.2018

U hebt het misschien nog niet door, maar er is een revolutie aan de gang. Hordes met spandoeken op straat zijn er nog niet, maar er is wel het ‘Sexdagboek’ van schrijfster Heleen van Royen, een verslag van hoe zij van seks geniet. Dat doen veel vrouwen niet. ‘‘Close your eyes and think of England,’ kregen vrouwen nog niet zo lang geleden als raad mee voor hun eerste huwelijksnacht,’ schrijft Van Royen. ‘Ik zou zeggen: ‘Open your eyes and take what you need.’’ Dat doen vrouwen meer en meer. Ze tinderen als gek, slaan dildo’s in bij de vleet en experimenteren erop los. Humo sprak met schrijfster Heleen van Royen (53), seksuoloog Wim Slabbinck (35) en theatermaakster Julie Cafmeyer (31).

‘Wie experimenteert, die leeft,’ zegt theatermaakster en columniste Julie Cafmeyer. Zij heeft verschillende minnaars, verspreid over de hele wereld, en vertelt in haar columns en voorstellingen hoe zij worstelt om op haar manier te kunnen genieten in een samenleving die nog steeds het genot van de man centraal stelt. Seksuoloog Wim Slabbinck, bekend van ‘Blind getrouwd’ en vanaf deze week te zien in ‘Koppels’ op VTM, viel achterover toen uit recent onderzoek bleek dat het merendeel van de meisjes jonger dan 25 zich tijdens de seks nog steeds dienstbaar opstelt tegenover hun vriend.
Maar de tweede seksuele revolutie komt eraan. In de jaren 60 claimden vrouwen wel de macht over hun eigen buik, maar het waren vooral de mannen die van hun
beschikbaarheid profiteerden. Nu willen ze recht op eigen genot. Er is nog een lange weg te gaan, maar voor wie haast heeft, is het ‘Sexdagboek’ van Heleen van Royen een opwindende spoedcursus.

Heleen van Royen «Ik wilde een beeld geven van hoe het seksleven van een vrouw kán zijn, niet hoe het móét zijn, hè.»

Wim Slabbinck «Goed dat je dat zegt. Het gevaar van een boek als het jouwe is dat de lezers denken: zo zou mijn seksleven moeten zijn. Terwijl er zeker mensen zullen zijn die dat helemaal niet willen.»

HUMO Maar vrouwen die er wel van dromen maar er niet voor durven uit te komen, leren uit dit boek dat ze niet gek zijn.

Slabbinck «Absoluut. Als ik in mijn praktijk vrouwen vraag of ze soms fantaseren, antwoorden ze nog altijd vaak: ‘Nee, dat doe ik niet.’ Als ik dan doorvraag, blijkt dat ze het wel doen, maar ze durven het niet toe te geven. De heersende verwachting is nog altijd dat een vrouw niet zelf fantaseert, maar meegaat in de fantasie van de man.»

Van Royen «Wat ik met mijn boek hoop aan te wakkeren, is dat vrouwen gaan nadenken over hun seksleven. Ben je er tevreden mee, des te beter. Maar als je denkt: ik zou toch wel graag meer dít of dát, dan kan ‘Sexdagboek’ een houvast zijn om er met je partner over te praten. Gisteren kreeg ik een bericht van een vrouw die zei: ‘Je boek heeft me meer geholpen dan acht sessies bij een therapeut.’ Haar man stond totaal niet open voor therapie. Maar toen ze passages voorlas en vroeg: ‘Wat vind je hiervan? Lijkt dit je iets?’, kwam er wel een gesprek op gang.»

HUMO Vrouwen zijn zich in snel tempo seksueel aan het bevrijden. Ze zijn geen prooi meer, ze jagen zelf. Helemaal anders dan in de jaren 60, toen veel mannen de revolutie gebruikten om aarzelende vrouwen het bed in te praten.

Julie Cafmeyer «Ja. Dat vind ik sterk aan je boek, Heleen, dat je besluit dat verhaal te schrijven, en dat je je vriend laat weten: ‘Zelfs als jij het niet wilt, doe ik het toch.’»

Van Royen «Nou, als hij het echt vreselijk had gevonden, had ik het niet gedaan, hoor.»

Cafmeyer «Maar de insteek is toch: ik doe het omdat ik het wil? Daarom verbaasde ik me erover dat er in je boek veel passages staan waarin de mannelijke blik erg aanwezig is. Je vraagt je ergens af: ‘Ben ik nog fuckable?’ Ik vind dat zo’n kwetsend woord. Alsof er vrouwen zijn die niet fuckable zijn. Je zegt ook: ‘Als een man een weekend weggaat, kan hij best bevredigd zijn.’ Het lijkt alsof je toch vanuit de behoeftes van de man denkt. Ik ben zo benieuwd hoe dat zit bij jou. Speel je met die onderdanigheid? Of meen je dat?»

Van Royen «Fuckable is misschien een verkeerd woord. Het roept het beeld op van een vrouw die gefuckt wordt. Maar welk actief werkwoord had ik daarvoor kunnen gebruiken? Het is nu eenmaal niet de vrouw die penetreert, helaas. Wat ik wilde zeggen, is dat ik absoluut seksueel actief wil blijven. Ik wil de seks echt nooit verliezen. Er is niets anders dat me zo het gevoel geeft dat ik lééf.»

Slabbinck «Het zorgt er trouwens voor dat een mens langer leeft.»

Van Royen «Maar je hebt daar wel iemand anders voor nodig.»

HUMO ‘Dat hij mijn lichaam nog steeds opwindend vindt, vind ik geweldig. Maar het verbaast me ook,’ schrijf je.

Van Royen «Ja, maar Bart is 31 en ik ben 53, dat is een groot leeftijdsverschil. En in je hoofd hoor je toch dat ouder zijn de aantrekkelijkheid in de weg zit. Als ik scan op wie ik aantrekkelijk vind, zoom ik ook niet in op de categorie 75-jarigen, laten we eerlijk zijn.»

HUMO Zie jij je borstvergroting als bevrijdend en een teken van vrouwelijke autonomie?

Van Royen «Haha, die borstvergroting heeft niks met Bart te maken, hoor. Ik wilde die al heel lang, al sinds mijn borsten na twee zwangerschappen veranderd waren. Ik bleef maar twijfelen, en toen ik 50 werd, heb ik gezegd: ‘Heleen, wil je nog een keer borsten in dit leven of niet?’ En ik antwoordde: ‘Ja, ik wil nog een keer borsten, en wel nú.’ Bart vindt ze hartstikke leuk, maar die beslissing was niet ingegeven door hem. En ik had ze ook niet nodig om me aantrekkelijk te voelen. Ik heb er ook nog geen seconde spijt van gehad, integendeel. Als ik mijn T-shirt uittrek, denk ik: joehoe!»

Cafmeyer «Ik ben benieuwd hoe ik ga reageren op ouder worden. Ik heb al eens meegemaakt dat iemand me zei dat ik te dik was, nadat ik me had uitgekleed. Dat deed pijn. Maar als ik in bed lig met iemand, voel en ruik ik alleen nog maar. Ik voel mijn lichaam opzwellen, voel dat het bemind word, voel hoe ik dat andere lichaam bemin en hoe onze lichamen elkaar opwinden.»

Jager en prooi

HUMO Heleen, jij schrijft: ‘Als ik Bart pijp, is hij helemaal van mij.’

Cafmeyer «Nee, je bent in bed helemaal van elkaar! Sorry, maar elke vorm van ondergeschiktheid maakt me razend.»

HUMO Ik herinner me een column van je waarin een dokter je zegt: ‘Ik snap niet dat je je zomaar aanbiedt aan al die mannen.’ Jij antwoordt woedend: ‘Ik bied me niet aan, ik verover.’

Cafmeyer «Dat was toen ik voor een soatest bij de dokter was en ik vertelde dat ik wisselende partners had. Het was een vrouwelijke dokter die dat zei, hè. ‘Je bent zo’n mooie jonge vrouw,’ zei ze. ‘Je moet mannen laten wachten, ze op je laten jagen.’ Het was niet de eerste keer dat ik zoiets hoorde. Het zit zo diep in onze cultuur ingebakken dat meisjes de prooi zijn en mannen de jagers. Ken je die scène uit de serie ‘The Fall’, waarin Gillian Anderson tegen één van haar onenightstands zegt: ‘Woman fucks man. Woman subject, man object. That’s not so comfortable for you, is it?’ Ik weet nog dat ik toen dacht: dank je! Dank je dat je dat zegt!”

De heersende opvatting over de rolverdeling tussen mannen en vrouwen kan me zo verwarren. Soms denk ik na een onenightstand: waarom belt die gast me nu niet? O, neen, hij heeft me gewoon gebruikt! Dan moet ik mezelf echt tot de orde roepen: ‘Julie, wat denk je nu! Jíj hebt hem gekozen, jij wilde hem verleiden. Jij had zin om seks met hem te hebben. En je hebt ervan genoten.’ Het verhaal dat je als vrouw tijdens een onenightstand wordt gebruikt, is iets wat je wordt aangepraat. Het is een verhaal dat niet klopt en bovendien pijnlijk is om je mee te identificeren.»

Slabbinck «Het is ook moeilijk om tegen die ingesleten clichés te vechten. Nog steeds krijgen meisjes van jongs af aan mee dat ze zich moeten beschermen tegen een zwangerschap. Ze moeten uitkijken voor mannen in plaats van te leren hoe prettig seks kan zijn en wat voor een fantastisch orgaan de clitoris is.»

HUMO Jij bent een grote voorstander van de 3D-clitoris op de schoolbanken.

Slabbinck «Absoluut! Jongens bouwen al heel jong een relatie op met hun penis. Ze hebben hem dagelijks in de hand en zien waar die allemaal toe in staat is. Meisjes moeten weten dat ze ook iets hebben waar ze trots op mogen zijn.»

HUMO Ik heb nog niet zo lang geleden ontdekt dat de clitoris even groot is als een penis, als je het deel in de vaginawand meerekent.

Slabbinck «Ik ook! Ik heb dat zelfs niet geleerd tijdens mijn opleiding tot seksuoloog. Dat de clitoris negen keer groter is dan het zichtbare topje, is al eind jaren 90 ontdekt. Kennelijk vonden geneeskundigen en seksuologen het niet de moeite waard om dat te vermelden. Dat bewijst ook hoe de wereld door mannen wordt gedomineerd. Nu wordt het gelukkig wel meegegeven in de opleiding. Daarnaast moeten we meisjes én jongens al op de schoolbanken meegeven: ‘Kijk, dit is de clitoris en die moet ook verwend worden.’ En we moeten stoppen met die boodschap dat meisjes moeten opletten voor mannen.»

Van Royen «Dat blijft de teneur, hè: geef je niet te snel. Je moet eerst echt van iemand houden. En als je met veel mannen naar bed gaat, ben je een slet. Disney laat met films als ‘Rapunzel’, ‘Brave’ en ‘Frozen’ tegenwoordig sterke, onafhankelijke en complexe vrouwen zien. Bij ‘Frozen’ staat de vriendschap tussen twee prinsessen centraal, en niet het wachten op de prins..»

Slabbinck «Zelf het initiatief durven nemen is zo belangrijk, vooral op seksueel gebied. Seksueel verlangen komt niet zomaar. Je wordt opgewonden omdat je aandacht durft en wilt geven aan je verlangen. Jongens worden daar erg toe aangezet. Toen ik als kind voetbalstickers ging kopen in de krantenwinkel, zag ik daar bladen met blote vrouwen liggen. Je kijkt ernaar en je voelt opwinding. Meisjes krijgen dat soort stimuli niet.»

HUMO Wim, jij vertelde me dat recent onderzoek naar de beleving van seksualiteit bij jonge meisjes aantoont dat ze helemaal gericht zijn op dienstbaarheid aan mannen.

Slabbinck «Uit dat onderzoek bleek dat één op de twee Nederlandse meisjes jonger dan 25 geregeld pijn heeft tijdens de seks. De belangrijkste reden daarvoor is dat het voorspel wordt overgeslagen. Kennelijk krijgen jongeren nergens de boodschap mee dat het heel belangrijk is een vrouw te verwennen vóór de penetratie. Daardoor wordt de vagina groter en vochtiger, en zwelt de clitoris op.»

HUMO Dat vind ik ook jammer aan je boek, Heleen, dat er zo weinig voorspel in voorkomt.

Van Royen (lacht) «Dat ligt meer aan mij dan aan Bart. Ik ben er al vaker op aangesproken: ‘Bart zou je meer moeten verwennen,’ zeggen ze dan. Ik voel me ongemakkelijk als het zo lang duurt. Dan beginnen mijn gedachten af te dwalen, ik raak mijn focus kwijt en denk: waarom ingewikkeld doen als het ook makkelijk kan? Ik heb al mijn attributen ook van het begin af mee in bed genomen. Ik dacht: als ik aan een nieuwe relatie begin, gooi ik meteen alles op tafel. Als je dingen wegstopt en je je aanpast, slijt die gewoonte erin voor je het weet, en wordt het steeds moeilijker om te zeggen: ‘Dit vind ik eigenlijk helemaal niks.’ Maar genot is anders bij iedereen. Ik zeg ook voortdurend in mijn boek: ‘Het gaat om jou, om wat jij wilt. Zorg dat het voor jou lekker is.’»

Cafmeyer «Meteen zeggen wat je lekker vindt: daar gaan mijn nekharen wel van overeind staan. Volgens mij weet niet iedereen dat precies. Als je met iemand vrijt, moet je dat toch samen uitzoeken? Dan sta je toch niet tegenover elkaar: ‘Ik wil dit!’ ‘En ik wil dat!’ Je voelt bij de ander: dit vindt hij fijn, en dat wil hij duidelijk helemaal niet. En je laat zelf ook merken: wat doe je nu, stop! Of: het is misschien raar, maar dit vind ik fijn.”

“Nu, ik heb wel gemerkt dat mannen het supersexy vinden als ze merken dat ik mijn lichaam goed ken en weet wat ik tof vind.»

Van Royen «Wat ik bedoel, is dat je van het begin af over seks moet durven te praten. Je moet voorkomen dat het een aangelegenheid wordt waarbij je zwijgt.»

Slabbinck «Maar wat Julie zegt, klopt wel. Als je geen warmte of veiligheid voelt, ga je daar niet over praten. Het is echt niet zo simpel.»

HUMO Ik moet nu denken aan de #MeToo-controverse rond stand-upcomedian Aziz Ansari, die nota bene ‘Moderne romantiek’ heeft geschreven, een steengoed boek over hoe ingewikkeld daten is in deze tijd. Hij had na een date seks met een jonge vrouw die hem daarna tot zijn verbazing ervan beschuldigde haar non-verbale signalen niet te hebben begrepen: ‘Kon ze de zin ‘Stop of ik schop je in je ballen!’ niet bedenken?’

Cafmeyer «Heb je de Netflix-documentaire over Gloria Allred gezien? Daarin vertelt die Amerikaanse advocate hoe je als vrouw ook verlamd kan worden door angst als een man blijft aandringen op seks. Je niet verzetten is dan een overlevingsreflex. Andere vrouwen vertellen ook dat ze hun mond hielden en bleven glimlachen omdat ze bang waren hun baan te verliezen of niet meer hogerop te zullen raken.»

Van Royen «De #MeToo-discussie gaat over macht. Dat is een heel ander verhaal. Wij hebben het over genot.»

HUMO Maar hebben mannen jullie al eens verlamd door angst?

Cafmeyer «Neen. Ik ben nooit seksueel geïntimideerd. Maar ik ken wel het gevoel hoe je als vrouw een ongewenste aanraking schaapachtig weglacht in plaats van te zeggen: ‘Stop daarmee.’»

HUMO De jonge vrouw had seks met Aziz in zijn slaapkamer. Daar waar jij net zei dat je liever ook geen harde taal gebruikt.

Cafmeyer «Ja, maar daardoor heb ik in slaapkamers ook weleens gedacht: ‘Ik vind dit niet zo leuk, maar laten we doorgaan, anders ben ik een saaie.’ Ik heb ook in relaties gezeten met mannen die naaktfoto’s vroegen, die ik ook heb gemaakt en gegeven, terwijl ik daar geen zin in had. Ik ben nog aan het zoeken hoe ik daar duidelijker in moet zijn. Iedereen is aan het zoeken. Mannen ook. #MeToo is ook geen oorlogsverklaring aan mannen. Het is een liefdesverklaring: zullen we samen kijken naar wat er gebeurt in de dynamiek tussen mannen en vrouwen? Weet je wat ik ook zo moeilijk vind? Ik merk dat het precies een sexy daad is als een man zin heeft en ervoor gaat. Daarom zet hij makkelijk door, ook als de vrouw afwijzend reageert. Maar als ik zin heb en het is niet duidelijk of de man ook zin heeft, aarzel ik, omdat het in mijn ogen zieliger is om af te druipen als vrouw dan als man. Hoe komt dat? Dat zijn allemaal dingen die je als vrouw toch kwetsbaar maken.»

Spannende seks

HUMO Heb jij niet eens gezegd, Julie, dat je wel schaamteloos kunt zijn als je aan iets seksueels zonder toekomst begint? Pas als je verliefd wordt, word je verlegen.

Cafmeyer «Dat heb ik gezegd in een periode dat ik nog het onderscheid maakte tussen relaties en onenightstands, waarbij je zogezegd niet verliefd bent. Iedereen zei ook tegen mij: ‘Jij zit nu in de fase van de onenightstands, maar die gaat wel over. Je zult nog wel leren hoe je een echte relatie moet hebben.’ Ik piekerde er toen over hoe ik uit die fase moest raken en aan een vast lief kon komen. Maar nu denk ik: fuck it! Ik heb verschillende minnaars in de hele wereld en ik voel echte liefde voor al die mannen, ook al heb ik geen klassieke relatie met hen. Ik heb het gevoel dat ik mijn intieme leven vier en dat geeft me veel levenslust. Ook al leef ik niet volgens de norm en voelt het soms als een mislukking aan. Mensen dichten je al snel één of ander ziektebeeld toe als je geen gewone relatie hebt.»

HUMO Wim, denk je dat de norm van huisje-boompje-beestje straks geschiedenis zal zijn?

Slabbinck «De meeste mensen kiezen nu nog voor monogamie, maar ik denk dat we meer en meer andere relatievormen zullen zoeken. In een recent onderzoek bij Nederlandse jongeren onder de 18 jaar zei driekwart dat monogamie wel de gewenste relatievorm was, maar zes op de tien twijfelden of dat dé manier is waarop we met iemand samen kunnen zijn. Met andere woorden: het is erg gecompliceerd.»

Van Royen «Ik heb een monogaam seksleven, hoor!»

HUMO Maar je bent, las ik, wel aan het nadenken over hoe je voor Bart later een jonge vrouw gaat zoeken.

Van Royen «Eventueel, ja.»

HUMO Julie, jij zei eens: ‘Misschien eindig ik wel met vijf minnaars en een kind van een homo.’

Cafmeyer «Dat idee van een kind met een homo heb ik ondertussen laten varen. Ik denk dat het heel moeilijk is om een kind op te voeden, en ik denk dat je met seks veel problemen kunt oplossen. Ik zou dus toch het liefst een seksuele relatie hebben met de vader van mijn eventuele kind. Tegelijk hoor ik ook vaak dat kinderen krijgen allesbehalve de romantiek bevordert. Verwarrend dus.

»De laatste tijd heb ik vaak nachtmerries over zwanger zijn. Nu vraag ik me af of ik een kind wil omdat mijn ouders dat graag zouden hebben, en omdat ik druk voel van de maatschappij, of omdat ikzelf die behoefte heb. Dat moet ik nog ontwarren. Ik heb een lesbische tante en over haar werd altijd gezegd: ‘O, zij zal geen kinderen hebben. Zij is egoïstisch, ze leeft voor zichzelf.’ En ook: ‘Ze zal eenzaam sterven.’ Het idee daarachter is natuurlijk dat een vrouw pas haar ware functie vervult als ze moeder wordt: dan kan ze dienen en verzorgen.»

HUMO Heleen, als ik je dagboek mag geloven, beleef jij iets minder orgasmes dan Bart.

Van Royen «Ik vind orgasmes gewoon minder belangrijk.»

Slabbinck «Maar stel nu dat Bart minder zou klaarkomen dan jij?»

Van Royen «Als dat stelselmatig zou gebeuren, zou ik dat lastig vinden.»

Slabbinck «Ik heb nog nooit een koppel in mijn praktijk gehad waarvan de vrouw zei: ‘Ik kom soms wel klaar, maar niet altijd, en dat is een probleem.’ Ik moet wel veel koppels helpen waarvan de vrouw het een probleem vindt dat de man niet altijd klaarkomt bij de penetratie, en wel op andere manieren. Het zou bevrijdend zijn als vrouwen seks niet meer zo eng zouden definiëren, en niet meteen denken dat ze niet meer aantrekkelijk zijn en hun man niet meer opwinden als hij geen zin heeft of met erectieproblemen zit. Of je al dan niet een erectie hebt, toont alleen maar of je ontspannen genoeg bent of niet.

»Het zou voor mannen heel bevrijdend zijn als vrouwen ermee zouden stoppen zichzelf te casten als leverancier van genot. In plaats van zich af te vragen of hun man hen aantrekkelijk vindt, of hun haar goed ligt als ze vrijen en of ze niet te veel zweten, zouden ze zich moeten focussen op hun éígen genot.»

HUMO Krijgen we seksuele schaamte niet mee van onze moeders? En geven ze niet ongewild vaak de boodschap mee dat je moet uitkijken voor mannen en je netjes moet gedragen, en dat het beter is te dienen dan te heersen?

Van Royen «Over seks heb ik nooit gepraat met mijn moeder.»

Cafmeyer «Mijn moeder wilde heel graag schilderkunst volgen aan de kunstacademie, maar dat mocht niet van haar ouders. Toen is ze maar verpleegster geworden. Op haar 21ste kreeg ze mij en op haar 34ste had ze drie kinderen. Daarna kreeg ze een crisis en begon ze zich af te vragen: hoe wil ik eigenlijk leven? Ze is gescheiden om die vraag ten volle te kunnen onderzoeken.

»Als ik ‘Men Explain Things to Me’ van Rebecca Solnit lees, of de boeken van Virginia Woolf, besef ik ook hoe nieuw het is dat ik mijn eigen leven mag inrichten. Gisteren nog las ik het essay ‘A Room of One’s Own’, waarin Woolf zegt: ‘Je kunt je eigen kamer meubileren, je hoeft je door niemand te laten dicteren hoe die er vanbinnen moet uitzien. Het is een heel simpele metafoor, maar zo voelt het leven voor mij aan: alsof ik een lege kamer binnenstap die ik precies kan vullen zoals ik het wil. Ook al doet de wereld soms pijn en bemoeien mensen zich met mijn interieur door te zeggen: ‘Je zou moeten trouwen en kinderen krijgen, je vergooit je leven.’ Of: ‘Ik wil dat je je scheert.’ Het is allemaal nog niet zo lang aan de gang, hè. Maar nu ik Heleen heb ontmoet, denk ik: ‘Wauw! Zij heeft het helemaal voor elkaar, zij zegt gewoon: ‘Ik verplaats me niet. Komen jullie maar naar Amsterdam.’ (Tegen Heleen) Dat zou ik ook doen als ik jouw carrière had.»

Van Royen «Mijn moeder is ontslagen toen ze trouwde. Dat ging vroeger zo. Ze was ambtenaar en omdat vrouwen die trouwden kinderen zouden krijgen, werden ze aan de deur gezet. Dat is voor mij nog maar één generatie geleden. Als ik iets van mijn moeder heb meegekregen, is het wel de boodschap: zorg dat je financieel altijd op je eigen benen staat.»

Angst of genot

Slabbinck «Wat er de laatste vijftig jaar op het gebied van emancipatie in het Westen is gebeurd, is een unicum in de culturele geschiedenis. Sinds de mens sedentair leeft, hebben vrouwen zich nog nooit eerder in deze positie bevonden.»

Cafmeyer «Keischoon, toch?»

Slabbinck «Ja, maar het betekent wel dat die positie nog heel kwetsbaar is. Daarom zijn boeken als die van Heleen en Rebecca Solnit erg nodig. Stefanie, jij noemt wat er nu gebeurt een tweede seksuele revolutie. We staan daar echt aan het prille begin van. Vrouwen zijn nog maar heel voorzichtig de fase aan het betreden waarin ze niet meer denken: ‘Hij heeft al twee dagen geen seks gehad, ik zal het hem maar geven.’ De fase waarin ze zichzelf centraal plaatsen, en waarin ze meer en meer masturberen. We hebben er met Charlie Magazine onderzoek naar gedaan en daaruit bleek dat negen op de tien vrouwen wel masturberen, maar zeven op de tien hebben nog nooit met een vriendin over masturbatie gepraat.»

Cafmeyer «Er zijn ook van die stellingen als: het vrouwelijke orgasme dient nergens toe. In tegenstelling tot het mannelijke orgasme, dat natuurlijk sperma oplevert. Ik weet niet waar dat vandaan komt, maar het heeft toch invloed op je.»

Van Royen «Wim, waarvoor dient het vrouwelijke orgasme eigenlijk?»

Cafmeyer «Zuigt het door de samentrekking het sperma niet naar boven?»

Slabbinck «Neen, dat is bullshit.»

Van Royen «Ik heb dat ook gelezen. In het boek ‘De spermaoorlog’.»

Slabbinck «Die oorlog bestaat helemaal niet. Mannen maken ook geen sperma aan dat sperma van minnaars afblokt. Het enige wat wel waar is, is dat mannen meer sperma aanmaken als er één of meerdere mannen in de nabijheid van hun vrouw zijn. Maar seks staat sinds vijftig jaar los van de voorplanting. Voortplanting is biologie, dus laten we stoppen met daarover te discussiëren.»

HUMO En de strijd over de reproductie is in de jaren 60 gestreden. Toen zijn vrouwen baas in eigen buik geworden. Die revolutie ging niet over vrouwen hun genot, zoals nu.

Cafmeyer «Dat is waar. Maar ik vind dat die twee discussies toch niet helemaal te scheiden zijn. Ik zit nog wel met dat anticonceptievraagstuk. De pil willen we niet meer – die is niet goed voor je libido en ook die hormonen zijn slecht voor je –, een spiraaltje is lastig en als je over een condoom begint, zeggen ik weet niet hoeveel mannen: ‘Kan het echt niet zonder?’ Ik wil tederheid en intimiteit, maar ik word dan gedwongen mijn mannetje te staan.»

Slabbinck «Het is inderdaad waar dat de verantwoordelijkheid over de vruchtbaarheid nog steeds vaak bij de vrouw ligt. Nu wordt er wel een gel ontwikkeld die je bij een man in de zaadleiders kunt injecteren en die daar dan het sperma tegenhoudt. Het is hormoonvrij en mannen hebben wel nog een zaadlozing. Dat project is gefinancierd via crowdfunding, want de farmaceutische industrie was niet geïnteresseerd. Zij hebben de pil voor vrouwen en vinden dat ze daarom achterover kunnen leunen.»

Cafmeyer «Dat is toch verschrikkelijk! Het zit toch zo ingebakken in de maatschappij, hè, dat denken vanuit de mannelijke dominantie.»

Van Royen «Mag ik nog even iets vragen over ‘De spermaoorlog’? In dat boek las ik ook dat een man die een vrouw probeert te versieren, maar daarmee stopt als ze de man afhoudt, in haar achting daalt.»

Slabbinck «Onderzoek levert soms bizarre resultaten op. Als ze mannen daten, blijken vrouwen vaak te kiezen voor een man die minder praat, omdat die meer zelfverzekerdheid zou uitstralen. Vrouwen denken kennelijk nog dat mannen die minder over hun gevoelens praten ook mannelijker zijn. Die culturele stereotypen zitten nog heel diep. Dat bewijst ook hoezeer de emancipatie nog in de beginfase zit. Die evolutie gaat stap voor stap en heeft nog veel tijd nodig.»

Cafmeyer «Ik vind het superspannend dat ik daar nu middenin zit, en dat ik hier met iemand als Heleen over de seksuele bevrijding van gedachten mag wisselen. Ik vind me niet helemaal terug in haar boek, maar de lectuur ervan heeft me ongelofelijk geïnspireerd. Laten we ook alsjeblieft benadrukken dat elke bevrijding hyperindividueel is. Laten we onszelf in godsnaam niet opnieuw vastrijden in nieuwe patronen van hoe het moet en hoe het hoort. Iedereen mag helemaal zelf beslissen hoe hij of zij die intieme kamer wil inrichten.»

HUMO Het belangrijkste is dus weten wat je wilt, maar dat is ontzettend moeilijk.

Cafmeyer «Het niet weten maar toch iets doen en opeens denken: o, neen, dit wil ik toch niet, en daar dan van leren, dat is toch ook zalig?»

Van Royen «Precies! Stuntelen is niet erg, mislukken is goed. Een keertje pijn bij het vrijen is oké, als je daarna maar denkt: zo wil ik het dus niet. En daar ook werk van maakt.»

Cafmeyer «Ik heb een affaire gehad met een taxichauffeur uit Kameroen. Hij vertelde over zijn land en trok me een heel andere wereld binnen. Ik vond dat mega-interessant. Maar ineens besefte ik dat hij alleen maar langskwam in zijn pauzes en in zijn uniform, en dat hij niet eens de tijd nam om dat uniform uit te trekken. Toen dacht ik: O, mijn God, waar ben ik mee bezig? Dit is marginaal, dit is triest. Ik wil dit niet. Ik wil misschien geen klassieke relatie, maar ik wil wél intimiteit. Ik heb meteen een punt gezet achter die affaire en voelde me op slag bevrijd. Mijn belangrijkste doel is dat ik zoek wat echt van mij is en wat me door mijn ouders, vrienden of de maatschappij wordt aangepraat.»

HUMO Maar verlangt niet iedereen uiteindelijk naar een echt diepe band?

Cafmeyer «Dat is waar. Maar moet dat in de vorm van een vaste relatie zijn? Ik weet het niet. Nadat ik al die vriendjes van mijn moeder en vriendinnen van mijn vader had zien passeren, zwoer ik als kind: zo’n leven wil ik niet.»

HUMO Maak je in je zoektocht veel gebruik van Tinder?

Cafmeyer «Daar ben ik mee gestopt. Ik vind het leuker om mannen te ontmoeten die ik meteen kan ruiken en voelen.»

HUMO En jij, Heleen, heb jij een Tinderperiode gehad?

Van Royen «Nee, maar ken je Chatroulette? Dat is super-leuk, het gaat om hoelang je iemand met opwindende praat kunt vasthouden. Ik ben daar eens aan begonnen toen ik na een relatie zielig en depressief op de bank zat. Ik hield die mannen allemaal superlang vast en fleurde daar helemaal van op (lacht). En als de lol eraf was, chatte ik met de volgende. Ik weet nog dat ik dacht: dit is het! Gaat het niet goed in het leven? Oké, probeer iets anders: next!»

Cafmeyer «Dat vind ik een goed einde!»

Heleen van Royen, ‘Sexdagboek’

Contradicties

Zopas een film van Woody Allen bekeken: Vicky Cristina Barcelona.

De vader van het hoofdpersonage is een dichter die weigert zijn poëzie te publiceren, want hij haat de wereld die nog altijd niet heeft leren liefhebben. En inderdaad, ook in de film merken we hoe moeilijk dat is, omdat we wispelturig, nooit voldane wezens zijn, met ook nog een karrevracht taboes en vooroordelen.

Al die verborgen en verdrongen verlangens en onvervulde dromen waarmee mensen in een relatie stappen in plaats van te aanvaarden dat elke structuur kan veranderen en aangepast worden, zijn de dooddoeners van de liefde.

Blijkbaar lijken enkel dichters contracties te begrijpen en te aanvaarden, en de poëzie staat er inderdaad bol van!

Zo zou alleen onvervulde liefde romantisch en onevenaarbaar zijn, en enkel de pijn van het zijn, het leven de moeite waard maken.

“Goed bezig, Micheline”, denk ik dan. En ja, eigenlijk zit er veel waarheid in. Hoe dieper de groeven in ons hart, des te voller het gemoed, en des te voelbaarder elke ervaring, wat samengaat met het besef dat niets is wat het lijkt.

Maar als niets is wat het lijkt, is het dan wel iets?

“Een contradictie is een onvervulbare propositie want het is niet mogelijk de propositie waar te laten zijn”, leert Wikipedia ons.

Is een onvervulde liefde, dan wel liefde? Hoe kan iets wat onvervuld werd, ooit iets geweest zijn?

Vraag het de dichter, want enkel hij schijnt blijkbaar het antwoord te weten…


Lepeltje

Sinds ik met je wakker word
als in een la die leeg is
op ons tweeën na,
is wat er morgen komt
ondergeschikt aan
wat vandaag al is begonnen.
We gaan met een bepaalde
logica eerst af hoe wij
vandaag weer samenhangen.
Dit is jouw been, dit is
mijn rug, mag ik hem nu
van jou terug, en wat ik
verder zou verlangen
is dat we opstaan, en
ons leven vanaf hier
hervatten, met jou dan
naast mijn hart onder
mijn arm – ik hou
je tot vanavond warm,
totdat je slaapt en daarna
wakker wordt als in een la,
leeg op ons tweeën na.

Bart Moeyaert 
Uit: “Verzamel de liefde”