Ode aan Moeder Natuur

“Hier is deze immense, wilde, huilende moeder van ons,
de Natuur, overal om ons heen, met zo’n schoonheid,
en met zoveel liefde voor haar kinderen,
zoals het luipaard; en toch worden we zo vroeg weggetrokken
van haar borst naar de samenleving, naar die cultuur die uitsluitend
bestaat uit omgang tussen mensen onderling;”

— Henry David Thoreau, ‘Walking’ 1861

(Met dank aan David Joly)

https://www.vrt.be/vrtnu/a-z/microcosmos/1996/microcosmos-s1996/?fbclid=IwAR3gr7e3eFKYXn7yywg-qb9Ke3fOf3T2HlKzn6A3mP1ib8F27164wt3Xdpw

Labelen

Dat steeds meer mensen het label ‘autisme’ krijgen, zegt volgens Paul Verhaeghe iets over de wantrou­wige tijd waarin we leven. Bovendien is labelen contraproductief. ‘Als we niet opletten, wordt het een selffulfilling prophecy waarbij mensen op zichzelf terugplooien.’

De Standaard – Eva Berghmans – 02.02.2020

‘De normale mens van vandaag is gek. Of op zijn minst gestoord’

Paul Verhaeghe: ‘Hoe breder je een stoornis definieert, hoe meer mensen met een hulpvraag er zijn. En dan zijn het altijd de mensen die het probleem het minst vertonen, die de meeste hulp krijgen’.

Ruim dertig jaar geleden schoof Paul Verhaeghe (UGent) als onafhankelijk ­expert mee aan tafel bij de ­observatievergaderingen in een van de eerste Vlaamse instellingen voor kinderen met autisme. ‘Het ging om kinderen die in zichzelf opgesloten zaten. Ze spraken niet, ze maakten zelfs geen oogcontact. Toen noemden we hen “autisten”, maar sinds autisme een spectrumstoornis werd, noemen we mensen die zo diep in zichzelf opgesloten zitten “kernautisten”. Zodra autisme een spectrumstoornis werd genoemd, en de criteria almaar soepeler werden, wist ik dat het een hype zou worden. Ik vind dat een ongelukkige evolutie.’

Wat is daar ongelukkig aan? Voor velen is het een opluchting als ze de diagnose krijgen, omdat ze dan eindelijk weten waarom ze zich overal buiten voelen vallen.

‘Dat klopt, maar zo’n label dat alles verklaart, is een illusie. Etiketten kleven hoort bij de categoriserende wetenschap uit de negentiende eeuw – denk aan Linnaeus. Je klasseert, maar je verklaart niet. Een diagnose zou niet tot een etiket mogen leiden. Een diagnose is een momentopname, ook als dat moment acht maanden duurt. Een van de grote risico’s van labels is dat je iemand in een hokje duwt voor de rest van zijn leven. De moderne wetenschap denkt procesmatig en het is hoog tijd dat de diagnostiek dat ook doet: hoe gaat het kind in interactie? Reageert het in een andere omgeving eventueel anders? Je loopt het risico dat zowel de mensen die een label krijgen als hun omgeving zich naar dat label gaan gedragen. Als jij een autist bent, kan ik ervan uitgaan dat jij liever niet benaderd wordt. Dan houd ik afstand, en plooi jij je als gevolg daarvan nog verder op jezelf terug.’

‘Een psychiatrisch label is een vlag die niet altijd dezelfde lading dekt. Diagnoses in de geestelijke gezondheidszorg zijn niet zoals een griepdiagnose. Als je griep hebt en je gaat bij vijf huisartsen, zullen die allemaal de diagnose griep stellen. Als je met afwijkend gedrag of denken bij vijf experts gaat, kunnen er verschillende diagnoses uit de bus komen – denk aan de discussies op het recente assisenproces. Het label ‘autisme’ of ‘ADHD’ is geen betrouwbare diagnose, want er bestaan geen sluitende diagnoses. Dat is geen onkunde of slechte wil, dat is omdat psychiatrie en psychische diagnostiek geen exacte wetenschap zijn. Wij werken met beschrijvingen. Je kan autisme niet aflezen van een hersenscan of bloedproef, dat kan met geen enkele psychische stoornis.’

‘Als je kind niet ex­celleert, voel je je schuldig als ouder. Een label geeft je een verklaring en een verontschuldiging’

‘Mijn grootste bezwaar tegen de hype is dat de zwaarst getroffenen in de kou blijven staan. Ik twijfel niet aan de realiteit van autisme. Ik heb wel heel veel vragen bij de bandbreedte van de huidige autismediagnostiek. Hoe breder je een stoornis definieert, hoe meer mensen met een hulpvraag er zijn. En dan zijn het altijd de mensen die het probleem het minst vertonen, die de meeste hulp krijgen. Omdat ze mondiger zijn, omdat het makkelijker werken is met hen, omdat ze meer binnen de normale circuits zitten. Ik vraag me af: die kinderen die ik 35 jaar geleden gezien heb, zouden die nu in een “auti-klas” zitten?’

Waarom houdt onze tijd zo van labels? Is het niet nefast voor je zelfbeeld als je een label opgespeld krijgt, en bevestigd ziet dat je “anders” bent?

‘We leven in een tijdperk waarin we de illusie van maakbaarheid en perfectie koesteren. Kinderen moeten excelleren. Kinderen van gemiddelde intelligentie zitten tussen 90 en 110 IQ-punten. Maar wil jij een kind met een IQ van 95 in een maatschappij die om uitzonderlijke prestaties roept? Dat wil niemand echt. Dus we hebben nog twee groepen van kinderen: hoogbegaafden en kinderen met een stoornis. Als je een kind hebt dat niet excelleert, of problemen heeft, voel je je vandaag de dag schuldig als ouder. Als er dan iemand met een label komt, ben je opgelucht. Op die manier heb je een verklaring en een verontschuldiging. Het is goed dat kinderen met problemen geholpen worden om zorg en onderwijs op maat te krijgen. Maar dat zou moeten kunnen zonder een label waar ze vaak nooit meer vanaf raken.’

Hoe kan de geestelijke gezondheidszorg functioneren zonder labels?

‘Ik pleit voor een terugkeer van het diagnostisch verslag zoals dat in het pre­digitale tijdperk gemaakt werd. Een goede diagnose is een biopsychosociale beschrijving van de problemen, op basis van onderzoek en grondige observatie, die meerdere dagen, weken of in het geval van kinderen zelfs maanden duurt. Zo’n verslag formuleert een concreet en op maat geschreven advies voor de behandeling en biedt in het beste geval ook een mogelijke verklaring. Maar geen label. Helaas zijn labels makkelijker in te voeren in digitale systemen dan een verslag van pakweg vijftien pagina’s.’

Narcisme wordt de nieuwe hype. Kijk naar Trump, een typevoorbeeld: steeds meer mensen kijken naar hem op.

‘Het is niet een categoriaal label dat de patiënt vooruit helpt, wel de beschrijving hoe hij procesmatig functioneert, hoe en in welke situaties een eventuele stoornis zich uit. Pas dan kun je nadenken over oplossingen, op maat. Het idee van one size fits all, wat de toekenning van een label laat uitschijnen, klopt niet.’

Als elke tijd zijn modestoornis heeft, zoals u met Michel Foucault betoogt in het essay ‘Normaliteit’, wat zegt de hype rond autisme dan over deze tijd?

‘Mijn aanvoelen is dat de afgelopen 25 jaar het wantrouwen tussen mensen steeds groter geworden is, op grond van het maatschappelijk opgelegd individualisme en de alomtegenwoordige competitie. Dat blijkt ook uit vergelijkingen met metingen sinds de jaren zestig. De ander is niet te vertrouwen, de ander is minstens een concurrent, en misschien een bedreiging. Dat is een vrij algemeen idee geworden dat je zelfs terugvindt in mainstream televisieprogramma’s. Denk maar aan De mol: in mijn omgeving is er minstens één iemand die de boel wil saboteren. De baseline is: let op met de ander, houd afstand. Blaas dat een beetje aan, en zo’n houding krijgt heel snel iets autistisch. Zeker met een spectrumdiagnose wordt dat een hellend vlak.’

Al van bij de oude Grieken wordt een onredelijke omgang met passies en emoties geduid als de oorzaak van psychische stoornissen. Mensen met autisme hebben ook vaak een probleem met emoties: ze hebben er wel, maar kunnen ze heel moeilijk plaatsen en benoemen. Zegt het feit dat autisme een hype is iets over hoe wij tegenwoordig met onze emoties omgaan?

‘Zonder twijfel. In de consultatiekamer hebben we in toenemende mate te maken met mensen die niet in contact staan met de eigen gevoelswereld. Ze hebben geen zicht op hun emoties en gaan er daardoor op een slechte manier mee om. Neem bijvoorbeeld angst. Een van de zwaarste emoties die je kunt meemaken, is een ­paniekaanval. De fysieke symptomen zijn zweten, buikgevoel, hartkloppingen, huidtintelingen en knikkende knieën. Daar hoort de subjectieve ervaring van intense angst bij. Freud stelde eind negentiende eeuw al vast dat sommige mensen alle fysieke kenmerken van angst vertonen, maar de angst als emotie niet ervaren. Tegenwoordig komt dat zo vaak voor dat in de DSM (de Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders, zowat het handboek van de psychische gezondheidszorg, red.) de ‘non-fearful panic disorder’ is opgenomen. Het gaat om maar liefst 1 op de 3 patiënten, die de symptomen vertonen maar niet het bijbehorende gevoel. Onvoorstelbaar veel vind ik dat.’

Een gedragspatroon als een stoornis benoemen is een manier om een maatschappelijke norm in stand te houden, legde Foucault al uit. Als de autist nu de gestoorde is, wie is dan de ‘normale mens’ in deze tijd? ‘Normaal’ als in: een mens die aan de maatschappelijke norm voldoet?

‘De normale mens vandaag is de zichzelf verkopende, excellerende, presterende mens, die ervan overtuigd is dat hij het helemaal zelf gemaakt heeft. En die normale mens is wat mij betreft gek. Of minstens gestoord. We zijn dat zo gewend dat we het niet meer zien. Onlangs zag ik het overduidelijk. Ik kwam terug van drie weken op de Kaapverdische eilanden – het was daar mooi, rustig, de mensen waren lief. Het was alsof ik onze wereld bij mijn terugkeer ineens met een andere blik zag. De agressie, de onvriendelijkheid, de haast en ja, ook het wantrouwen … Onze maatschappij is helemaal dolgedraaid.’

‘Ik zie het nog niet meteen goed komen. De volgende hype is al in zicht: narcisme. Nu heeft de narcistische persoonlijkheidsstoornis nog een lelijke reputatie, maar dat gaat veranderen. Kijk naar Trump, een typevoorbeeld: steeds meer mensen kijken naar hem op. Narcisme wordt de nieuwe spectrumstoornis, allicht onder een lichtjes andere naam – “positief narcisme” of zo.

Wie is Paul Verhaeghe?
● Schrijver van onder meer ‘Identiteit’, ‘Autoriteit’ en ‘Intimiteit’
● Vorig jaar verscheen het essay ‘Over normaliteit en andere afwijkingen’, Daarin herleest hij Michel Foucaults ‘Geschiedenis van de waanzin’ en betoogt met Foucault dat elke tijd zijn modestoornis heeft.

Hello darkness, my old friend

I’ve come to talk with you again

Because a vision softly creeping

Left its seeds while I was sleeping

And the vision that was planted in my brain

Still remains

Within the sound of silence

In restless dreams I walked alone

Narrow streets of cobblestone

‘Neath the halo of a street lamp

I turned my collar to the cold and damp

When my eyes were stabbed by the flash of a neon light

That split the night

And touched the sound of silence

And in the naked light I saw

Ten thousand people, maybe more

People talking without speaking

People hearing without listening

People writing songs that voices never share

And no one dare

Disturb the sound of silence

“Fools” said I, “You do not know

Silence like a cancer grows

Hear my words that I might teach you

Take my arms that I might reach you”

But my words like silent raindrops fell

And echoed

In the wells of silence

And the people bowed and prayed

To the neon god they made

And the sign flashed out its warning

In the words that it was forming

And the sign said, “The words of the prophets

Are written on the subway walls

And tenement halls”

And whisper’d in the sounds of silence

Voor verbetering vatbaar

Ik denk dat ik een tijdje mijn krant ga opzeggen en minder naar het journaal kijken, want het nieuws begint op de herhalingen van FC De Kampioenen te lijken. Je hoeft het niet meer dagelijks te volgen om te weten wat er gebeurt in de wereld. Bovendien is het nog minder om te lachen dan de soap, en heel slecht geacteerd.

Ik heb ook mijn prioriteiten wat bijgesteld, en eerst komt de zorg voor mezelf, mijn zoon en mijn kleinzoon. De rest ga ik mij veel minder beginnen aantrekken, dus ook wat in het nieuws komt of in de sociale media verschijnt. En al zeker de rotzooi van de politiek.

Mijn zoon noemde mij onlangs “de kleine pitbull van de Vosdelle”!

Binnenkort word ik weer een jaartje ouder, en ja, nu weet ik het zeker, mensen veranderen niet snel, ook niet met ouder te worden. Het enige wat je kunt doen is af en toe eens eerlijk in de spiegel kijken, wanneer je weer ongezond of verkeerd bezig bent en eerlijk toegeven dat wanneer je je slecht voelt je dat voornamelijk aan jezelf te danken hebt.

Ik ben ook op een leeftijd gekomen waarop ik niets meer hoef te bewijzen, en al zeker niet aan anderen. Het is te nemen of te laten, en zij die echt van mij houden nemen mij zoals ik ben, namelijk voor verbetering vatbaar.

Harari in België

Als ik Harari goed begrijp is zelfkennis de belangrijkste kennis om je te beschermen tegen manipulatie en alles wat fake is in onze samenleving.

En alle macht ter wereld is er nog nooit in geslaagd om ons gelukkiger te maken. Wat moet er dan in de plaats komen, waardoor we dat wel worden?

Lotto Arena hangt aan de lippen van “intellectuele rockster” Yuval Noah Harari

Het Laatste Nieuws – 28.01.2020

BELGA Israëlische historicus en schrijver Yuval Noah Harari in de Lotto Arena.
In een uitverkochte Lotto Arena in Antwerpen – meer dan 5.000 verkochte tickets – heeft de razend populaire Israëlische historicus en schrijver Yuval Noah Harari maandagavond een lezing gegeven. Harari wordt gezien als een echte “intellectuele rockster”, met miljoenen verkochte boeken over zijn toekomstvisie op de mens, gebaseerd op onze voorgeschiedenis en de meest recente ontwikkelingen op het vlak van onder meer artificiële intelligentie en genetische manipulatie.

Alleen al aan de bekende koppen vooraan was te zien dat er iets speciaal te gebeuren stond. Ministers, partijvoorzitters, rectoren van universiteiten, schrijvers en kunstenaars: allen wilden ze van dichtbij ervaren wat van Harari een fenomeen maakt. N-VA-voorzitter en Antwerps burgemeester Bart De Wever liet voor de komst van Harari zelfs uitzonderlijk de gemeenteraadszitting een dag verschuiven, zodat hij zelf de verwelkoming kon verzorgen. “België is een van de weinige plaatsen waar het misschien niet zo erg zou zijn als artificiële intelligentie het zou overnemen”, grapte De Wever daarbij. “Dan zou er misschien zelfs eens een regering worden gevormd.”
Het publiek in de Lotto Arena kreeg eerst een uiteenzetting over hoe Harari de menselijke soort ziet evolueren door middel van bio-engineering, cybernetische organismen en volledig artificiële “niet-organismen”. Harari, die zichzelf expliciet geen (onheils)profeet wil noemen maar slechts de mogelijke komende evoluties wil schetsen opdat we zouden kunnen beslissen hoe we daarmee zullen omgaan, meent onder meer dat het aardse leven andere delen van het heelal zal kunnen koloniseren, maar dat het niet de mens zal zijn zoals die nu bestaat. In de meer nabije toekomst ziet hij grote uitdagingen om de mensen wiens jobs zullen verdwijnen door verdere technologische evoluties toch economisch waardevol te laten blijven. Artificiële intelligentie zal zelfs allicht beter menselijke emoties kunnen analyseren én bespelen dan de mens dat zelf kan, meent Harari, en dus zelfs beter worden in kunst of muziek.

De historicus in Harari bracht vervolgens naar voren hoe flexibele samenwerking op enorme schaal volgens hem de mens uniek maakt ten opzichte van andere dieren. “Verhalen” zijn dan weer de manier waarop we die samenwerkingen met mensen die we niet persoonlijk kennen tot stand brengen. Naties zijn zulke “verhalen”, maar ook religies, stelt Harari, en ze veranderen door de tijd. “Er zijn mensen die vandaag zeggen dat de islam iets inherent boosaardig in zich heeft, maar 500 jaar geleden was het christelijke Europa een plaats vol sektarisch geweld en onverdraagzaamheid en de islamitische wereld een bruisende multiculturele plek”, zegt hij. “Religies zijn hier op aarde gevormd door mensen en veranderen met de tijd.” Over nationalisme stelde Harari dan weer dat het als constructie een goede zaak kan zijn als de nadruk ligt op de verbondenheid met andere natiegenoten en niet op haat ten opzichte van buitenstaanders. “Maar om de 21ste eeuw te overleven, hebben we ‘globale’ verhalen nodig, want onze uitdagingen worden globaal”, aldus nog de historicus. “We zouden vandaag de klimaatcrisis kunnen aanpakken met 2 procent van het wereldwijde bbp, ongeveer wat de meeste landen uitgeven aan defensie. Als er een wereldoorlog zou komen, zouden landen zonder twijfel hun defensiebudgetten fors verhogen. Om een klimaatcrisis te bekampen die we onszelf hebben aangedaan, ligt dat blijkbaar moeilijker.”

Tijdens de afsluitende Q&A kreeg Harari nog de handen stevig op elkaar toen hij stelde dat mensen niet zomaar alles moeten zeggen wat in hen opkomt, en al zeker niet politici. Op angstgevoelens van mensen inspelen is makkelijk, stelt hij, medeleven creëren een pak uitdagender. “Ik heb geen nood aan ‘authentieke’ politici, wel aan verantwoordelijke politici”, aldus nog Harari, met wat beschaamde blikken op de eerste rijen tot gevolg.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een koningskind

Je moet het verleden loslaten. Maar hoe kan je dat als alles wat er tegenwoordig in het nieuws komt je er blijft aan herinneren?

Op mijn zestigste, na de dood van mijn ouders, heb ik ontdekt dat ik naast een zus, ook een halfbroer heb, en dat een mensenleven één grote leugen kan zijn.

Mijn vader heeft hier nooit eerlijk over gecommuniceerd, en ik vraag mij nu nog altijd af in welke mate dat een invloed gehad heeft op mij als kind, en nu nog altijd heeft als volwassene en de manier waarop ik naar de wereld kijk.

Antwoorden zullen er voor mij niet meer komen. Drie maanden voor zijn dood, heb ik mijn vader nog gevraagd, of de jongen die op zijn trouwboek stond ook zijn biologische zoon was, en drie maanden voor zijn dood heeft hij mij nog gezworen dat dat niet zo was.

Hij heeft het kind, dat vijf jaar was, toen hij scheidde van zijn eerste vrouw, ook nooit meer willen zien. Het was namelijk zogezegd zijn kind niet, maar dat was en is hij dus wel. De fysieke gelijkenissen logen er niet om toen we elkaar voor de eerste keer zagen bij de notaris.

Loslaten dus.

En dan nu het nieuws…

Na jarenlang zwijgen communiceert koning Albert zélf over vaderschap, “maar hij doet dat op zo’n kille manier dat hij er Delphine mee treft in het diepste van haar ziel”

“De wetenschappelijke conclusies tonen aan dat ik de biologische vader van Delphine Boël ben.” Koning Albert geeft na ruim twintig jaar het bestaan van zijn buitenechtelijke dochter toe. Hij heeft dat jaren geweigerd, onder meer om zijn echtgenote Paola te ontzien. Door zelf de resultaten van het DNA-onderzoek te communiceren, hoopt hij mededogen van het volk te wekken. Maar hij doet dat op zo’n kille en afstandelijke manier dat hij er Delphine Boël mee in het diepste van haar ziel treft.

Twintig jaar heeft Delphine Boël (51) publiekelijk om zijn erkenning gesmeekt. Eerst enigszins onschuldig met haar papier-maché, schilderijen en andere kunst als megafoon. En toen ze niet gehoord werd, ging ze hardhandig via de rechtbank. Na zeven jaar heeft zij de juridische strijd gewonnen. Gisteravond liet koning Albert een persmededeling verspreiden, waarin hij toegeeft dat hij haar biologische vader is. Hij zal niet verder procederen. Het moet zonder twijfel de moeilijkste beslissing uit zijn leven zijn geweest, veel moeilijker zelfs die dan over zijn troonsafstand.

Het nieuws komt nochtans niet als een verrassing. De fysieke gelijkenissen waren té treffend: diezelfde kin, datzelfde voorhoofd, die ogen. Waarom nu pas de erkenning? Omdat Albert net de resultaten van het DNA-onderzoek had ontvangen. En die lieten geen twijfel mogelijk. Delphine komt van dezelfde verwekker als koning Filip, prinses Astrid en prins Laurent. Hij kon wachten tot een rechter op basis daarvan Delphine Boël zou erkennen. Maar door zelf te communiceren, wekt hij de indruk dat hij tot inkeer is gekomen en hoopt hij zijn gezichtsverlies te beperken. Het past ook in zijn filosofie: hij zou zijn gebrainwasht en intussen zijn gaan geloven dat zij onmogelijk zijn dochter kon zijn.

In de persmededeling wijst Albert erop dat hij zich sinds de geboorte van Delphine “nooit gemengd heeft in familiale, sociale of educatieve beslissingen” over haar. Daarmee verloochent hij zijn verleden met Delphine, in wier kindertijd hij prominent aanwezig was. En dat zíj het was die “meer dan veertig jaar later besliste een lange, pijnlijke procedure op te starten”? Woorden die zakelijk en beschuldigend overkomen. Helemaal in lijn met zijn kille, afstotende houding van de voorbije jaren. En daarmee steekt hij Delphine opnieuw een mes in de rug.

Marc Uyttendaele, advocaat van Boël, zegt zelfs letterlijk dat de toon van het persbericht zijn cliënte pijn heeft gedaan. “De koning blinkt niet uit door grote elegantie. Hij stelt zichzelf voor als het slachtoffer, terwijl – voor de goeie orde – mijn cliënte hier het slachtoffer is. Elke man doet soms dingen waar hij zijn verantwoordelijkheid voor moet nemen. Hij heeft dat jarenlang niet gedaan. Het persbericht is extreem ijzig van toon, en verraadt geen enkele vorm van affectie.” Alain Berenboom, advocaat van koning Albert, noemt de mededeling nochtans “heel persoonlijk”. “Dit is toch geen gewone mededeling van het paleis?”

Paola wilde niet

Albert had zich deze schandpaal kunnen besparen, als hij eind 1999 slimmer was geweest (of zich beter had laten adviseren). Enkele weken nadat het bestaan van Delphine was uitgelekt, sprak hij het volk toe in zijn jaarlijkse kerstrede. Hij verwees naar zijn huwelijkscrisis van dertig jaar voordien die hem in herinnering was gebracht. Maar hij vermeldde op geen enkel moment Delphine Boël, laat staan dat hij haar bestaan toegaf. Albert had beter het voorbeeld van François Mitterand gevolgd. Toen het bestaan van diens buitenechtelijke dochter uitkwam, reageerde de voormalige Franse president laconiek met de zin: Et alors? Nou, en? Twee woorden, meer niet. Het zou de populaire Albert zelfs sympathiek hebben gemaakt. Nu dreigde hij de geschiedenis in te gaan als de meest menselijke koning der Belgen die de meest onmenselijke levenskeuze maakte.

Naar verluidt was Albert van plan verder te gaan in zijn kersttoespraak, maar hij mocht niet van koningin Paola. Voor haar was Delphine Boël de levende herinnering aan de pijnlijkste fase uit haar leven en dat van haar echtgenoot. Albert heeft de zaak daarop twintig jaar laten sluimeren, en de voorbije jaren helemaal zien ontploffen. Een buitenechtelijk kind zou in elke familie een pijnlijke zaak zijn. Maar als publiek figuur was Albert helemaal in het nauw gedreven. Gesteld dat hij opeens zou toegeven, zou hij dat ervaren als gezichtsverlies.

Niet voor het geld

Dat de erkenning van Delphine Boël rond is, moet goed nieuws zijn voor koning Filip. Niet omdat hij er een halfzus bij heeft. Wel omdat hij betrokken was geraakt in een zaak waar hij in theorie niets mee te maken had – hij heeft Delphine niet verwekt. Maar de hardnekkige weigering van zijn vader straalde negatief af op het koningshuis. Zeg maar, het instituut waarvan hij sinds zeven jaar de baas is.

De zaak gaat nu verder, in juni volgen nog de pleidooien voor het Brusselse hof van beroep. “Luister, het doel was eerst en vooral een affectieve erkenning”, zegt Boëls advocate Uyttendaele. “Vanaf nu zal ze een legitiem kind zijn, zoals alle andere legitieme kinderen (Filip, Astrid en Laurent, nvdr.). Maar u weet: het fortuin van Jacques Boël was onmetelijk groter dan dat van de koning. Voor het geld heeft ze het niet gedaan.”

Het Nieuwsblad – Wim De handschutter – 27.01.2020

De stille wildernis

Toevallig keek ik gisteren naar de documentaire “De stille wildernis”, een Belgische documentaire (2016) van Mathijs Vleugels over de verdwijningszaak van Tim, die in 2001 spoorloos verdween in de Hongaarse wildernis.

Tim werd in 1975 in het Zuid-Koreaanse Seoel geboren en als baby geadopteerd door een Belgisch gezin. Ondanks aanpassingsproblemen leek de jongen zich goed te ontwikkelen. Maar als 26-jarige psychologiestudent pakte Tim op een dag zijn rugzak en ging zonder paspoort op reis in de bossen van Hongarije. Hij verdween spoorloos en liet zijn ouders in wanhoop en onzekerheid achter.

Stille wildernis

In 2003 verandert het leven van Aimé en Yvonne voorgoed. Hun geadopteerde zoon Tim is spoorloos verdwenen in de Hongaarse wildernis. Zijn ouders stellen zich al jarenlang eindeloos veel vragen. Wat is er gebeurd? Waar is hij? De knagende onwetendheid creëert een leegte die zich blijft voeden door onzekerheid. Tijdens de finale poging van de politie om de zaak op te lossen, lijkt aan de onverdraagzame stilte in het leven van de ouders stilaan een einde te komen. Kan deze laatste poging van de politie nog licht werpen op deze donkere zaak?

Commentaar:

Regisseur Mathijs Vleugels weet een intiem beeld te schetsen van de vermiste jongen door filmmateriaal van Tims kinderjaren te gebruiken en creëert hierdoor een intiem en nostalgisch gevoel dat het zware onderwerp verlicht. Het verhaal wordt versterkt door zwart-wit animatiebeelden die Tims emotionele wereld voorstellen. Vleugels –die ook docu-reeksen voor Canvas heeft gemaakt -geeft een sterke visuele vertaling van de zware gevoelens die al jarenlang de levens van Aimé en Yvonne beheersen.

https://www.vrt.be/vrtnu/a-z/de-stille-wildernis/2016/de-stille-wildernis-s2016/


https://www.facebook.com/pg/silentwildernessfilm/community/?ref=page_internal

Ik heb deze ouders, en dan vooral Yvonne, gedurende een jaar (2002?) begeleid als vrijwilliger bij Slachtofferhulp.

Deze documentaire heeft mij natuurlijk aangegrepen, vooral omdat Tim nog altijd niet is teruggevonden en zijn verdwijning het leven van zijn ouders blijft beheersen.

Hopelijk komen er toch nog ooit antwoorden…

Alle lijden

Natuurlijk
kunnen we niet
alle lijden
begrijpen,
dat zou nogal
hoogmoedig zijn.

Dus zwijg
en luister.

Micheline Baetens – 27.01.2020