De fazant schrijdt
als een majesteit door de tuin
terwijl zijn lange staartveren
het tapijt van sneeuw lichtjes beroeren
en zijn koninklijke kleurenpracht
de zon uit haar schuilplaats heeft gelokt.
Soms wil ik zeggen
Ik heb al gegeven
Schiet nu je pijlen
Maar op een ander af
Vergeet mij, negeer mij
Mijn talent is op
Geef mijn rol
Gerust aan een ander.
Je moet niet treuren
En je moet niet zeuren
Maar druk het verdriet uit
Als een rijpe zweer
En ontsmet en zalf
Met een verband
Van woorden en daden
Tot de pijn ophoudt
Met kloppen.
Ze zeggen
je denkt teveel na;
ze zeggen
je moet meer onder de mensen komen;
ze zeggen
je moet je gedachten verzetten;
ze zeggen
trek het je niet aan;
ze zeggen…