Studeren

Wat een zever is dat nu weer dat zopas in het nieuws verkondigd werd: studeren maakt dikt?!

https://www.hln.be/nieuws/binnenland/onderwijs/studeren-maakt-dik-en-dik-maakt-dom~a175f887/

Dat zou dus betekenen dat al wie voor dokter, apotheker, kinesist, verpleger, tandarts,… en weet ik wat nog allemaal studeert, dat die zichzelf en hun gezondheid geweld aandoen door te studeren?

Schijnbaar heeft men het tegenwoordig heel moeilijk met verantwoordelijkheid, want niet studeren maakt dik, maar zuipen en vreten.

En geen tijd is een excuus dat er geen is. Als je tijd hebt om op café te gaan, heb je ook tijd om gezond te eten en eventueel te sporten.

Mensen krijgen tegenwoordig maar al te vaak de indruk dat het allemaal hun schuld niet is en er dus ook niets aan kunnen veranderen. Je kan het eventueel ook op je genen steken, en dat is zeker waar, als het in de familie zit, heb je er meestal ook problemen mee, een reden te meer om alert te zijn.

Oké, ik ben ook dik, maar toch heb ik elk jaar bij bloedonderzoeken heel goede resultaten. Maar ik eet dan ook gezond en als er aan iets moet gewerkt worden dat mijn algemeen welzijn kan bevorderen heb ik daar ook oor naar, en ik weet wanneer dat niet zo is, ik zelf verantwoordelijk ben voor de minder goede toestand.

Jonge mensen, die studeren hebben nog meer dan anderen de plicht om goed voor zichzelf te zorgen, want ze hebben er immers de nodige hersenen voor. En zo oncomfortabel is die studententijd toch niet, denk ik. Of misschien eens een jaartje achter de vuilkar lopen, of postbode spelen?!

Leesplezier

Vandaag werd er in het Vlaams Parlement, tijdens het onderwijsdebat, gediscussieerd over het feit dat onze kinderen geen leesplezier meer kennen, en wat daar aan verholpen kan worden.

https://www.standaard.be/cnt/dmf20191204_04751027

Andere tijden, andere gewoontes en pleziertjes, blijkbaar. Aan de leerkrachten ligt het zeker niet, ik denk eerder aan de thuisomgeving, alhoewel…

Ik kreeg destijds thuis onder mijn voeten omdat ik teveel met mijn neus in de boeken zat, maar dat heeft mij niet tegengehouden. Dus wie goesting heeft om te lezen zal blijven lezen, maar een goed voorbeeld en stimulansen zijn altijd zinvol.

Maar dat men dan ook stopt met de verengelsing van alles en nog wat, en veel meer de schoonheid van de eigen taal “promoot”. Het Nederlands dus! Er is al te lang geschreeuwd dat je met het Nederlands nergens komt en dus ook niet nodig hebt van het goed te kennen. En dat excuus hoor je nog vaak.

Verhaaltjes voorlezen aan je kinderen zou helpen en inderdaad alle beetjes helpen. Ik heb nooit voorgelezen aan mijn zoon en toch is David een verstokt lezer. Vandaar misschien ook zijn analytische geest…

Voor mij was en is een boek een toevluchtsoord waar je begrepen wordt en herkenning vindt. Toen ik kind was vluchtte ik in de verhalen en romans, later veeleer in het non-fictie leesvoer, en nog later door de ervaringen en behoeften, vond ik steun in de filosofie en psychologie. Heel af en toe lees ik poëzie.

Voor wie, zoals ik, niet gestudeerd heeft maar toch wilt weten, zijn boeken de enige manier om wat op te steken van alles en nog wat. En mijn interesse is uitgebreid, al lees ik nu veel minder, en eerder de kranten dan een boek.

Lezen is leren, en de leerstof is voor iedereen toegankelijk, als je maar de goesting hebt. Veel leesplezier!

BOEK: Het geheime boek van Sinterklaas

‘Het geheime boek van Sinterklaas’ vertelt de geschiedenis achter de sint
De ware toedracht van Sinterklaas en Piet

De Standaard – Inge Schelstraete – 02.12.2019

Kent u het geheim van Sinterklaas? Dan bent u oud genoeg om ‘Het geheime boek van Sinterklaas’ te lezen, met nog meer geheimen over leven en werk van de kindervriend. ‘Hij wordt er alleen magischer door’, vindt illustratrice Sassafras De Bruyn.

Het geheime boek van Sinterklaas is een boek voor kinderen, maar wel voor kinderen die groot genoeg zijn om hét geheim van Sinterklaas te kennen en het niet aan jongere broers en zussen te verklappen. En voor hun ouders, want de Nederlandse schrijfster Floortje Zwigtman en de Belgische illustratrice Sassafras De Bruyn verzamelden een schat aan verhalen over de man die ooit als bisschop aan zijn carrière begon, zijn uitgebreide netwerk van helpers (niet allemaal menselijk, laat staan Afrikaans) en zijn verre neven en nichten.

Het boek schrijft zo de geschiedenis van een traditie die al eeuwen oud is, maar in die tijd ook een paar reboots en spin-offs heeft gekend, om het in blockbusterterminologie te zeggen. ‘Floortje heeft behoorlijk veel historische research gedaan’, zegt De Bruyn, bekend van de portretten-met-een-verhaal die ze in Iedereen beroemd tekende. ‘Ik had de dankbare taak om de grappige en verrassende teksten die ze me toestuurde te illustreren.’

Zelf was ze het meest verrast dat er niet één, maar veertien heilige Nicolazen bestonden. ‘De Turkse heilige Nicolaas van Myra is wel een beetje bekend, denk ik. Maar veel legenden die aan hem worden toegeschreven, gaan eigenlijk over Nicolaas van Sion. Van de veertien heilige Nicolazen hebben er drie bijgedragen tot de figuur van Sinterklaas: Nicolaas de Pelgrim, Nicolaas van Myra en Nicolaas van Sion.’

Kerstkameel

Daarmee beantwoord je nog maar de vraag waar de Sint vandaan komt. Tegenwoordig heeft hij een uitgebreid netwerk neven en nichten, die ook in het boek aan bod komen. Santa Claus, de kerstman, is de bekendste. Maar Italiaanse kinderen krijgen hun cadeautjes van de heks Befana, Spaanse van de Drie Koningen, en christelijke Syrische kinderen van een kerstkameel.

‘Al die verhalen hebben toch dezelfde wortels’, zegt De Bruyn. ‘Zo komt Befana langs op 6 januari, Driekoningendag. Volgens de legende was zij een oude vrouw die op een winteravond het bezoek kreeg van drie mannen op kamelen. Ze ontving hen zo gastvrij dat zij haar de volgende ochtend uitnodigden om mee cadeautjes te brengen aan Jezus. De overdreven propere Befana weigerde omdat ze haar huis wou poetsen, kreeg daar spijt van en reisde hen achterna met een mand vol cadeautjes. Zij arriveerde te laat, maar deelde haar cadeautjes toch uit.’

‘Er zijn veel overeenkomsten in hoe de cadeautjes worden gebracht: zowel Italiaanse als Amerikaanse kinderen hangen bijvoorbeeld een sok aan de schouw. Het zijn ook altijd winterfeesten. Dat gaat natuurlijk terug op volkstradities: mensen vreesden dat de winter zou blijven duren en brachten een offer aan goede en kwade geesten opdat de lente vlug zou terugkeren.’

De helpers van de sint verschillen behoorlijk, maar begonnen vaak als boeman aan hun carrière. ‘In Oostenrijk en omstreken heb je de Krampus, een gemaskerde in vodden geklede figuur met een ketting. In Tsjechië word de heilige Mikulas bijgestaan door Cert en Andel, een duivel en een engel. Ook in Duitsland komt Sinterklaas nog vaak langs met duivels die stoute kinderen straffen.’

Het kinderfeest heeft in de geschiedenis ook onder vuur gelegen van protestanten die niet tuk waren op katholieke heiligen, of van pedagogen die vonden dat kinderen morele lessen moesten krijgen voor ze mochten snoepen. Dat brengt ons bij de huidige heisa over Zwarte Piet. Niemand wil vandaag de rol van boeman op zich nemen. En de Zwarte Piet die nu ter discussie staat, een Afrikaan in een pagepakje, werd pas in 1850 door de onderwijzer Jan Schenkman bedacht.

‘Ik denk dat het een troef is van dit boek, dat we de discussie over Zwarte Piet niet uit de weg gaan, maar ze historisch kaderen’, zegt De Bruyn. ‘Als je ziet hoeveel Sinterklaas en Piet veranderd zijn in de loop van de eeuwen, zul je het niet zo gek of bizar vinden dat hij alweer evolueert.’

Sint in een raket

‘Schenkman liet de sint ook in een stoomboot reizen, toen een hypermodern transportmiddel. Ik kan me voorstellen dat sommigen hun bedenkingen hadden bij die nieuwlichterij. Het is alsof je nu een verhaal zou maken waarin Sinterklaas in een raket reist.’

‘Ik denk dat de discussie gerelativeerd zou worden als meer mensen deze verhalen kenden. Je begrijpt de figuur van Sinterklaas veel beter’, zegt ze, alsof hij bij ons staat. ‘Maar ik geloof nog altijd in de sint! Het is niet omdat je meer over hem weet, dat zijn legende kleiner wordt. Hij is nu magischer dan ooit, voor mij.’

Inge Schelstraete

Brief aan Sinterklaas

Alleenstaande dame zoekt een lief,
Liefst eentje met het hart op de tong
En het verstand op de juiste plaats.

Lieve Sint, het hoeft geen nieuwe man te zijn,
Maar wel een open geest
En met veel gevoel voor humor.

Soms moet hij wel tegen een stootje kunnen,
Én hij moet zeker van katten houden,
En natuurlijk heel veel van mij!

Dank u Sinterklaas,
De groetjes,
Ook aan Zwarte Piet.

Micheline Baetens – 17 november 2014

 

Over katten

Op algemeen verzoek nog eens een grondige analyse van de impact van katten op onze vogels, Geachte Lezers, Beste Vrienden. Dit naar aanleiding van het nieuws dat het buitenlaten van katten onwettig zou kunnen zijn. Ik kreeg de vraag van Radio 1 om daar als vogelliefhebber mijn licht over te laten schijnen. Veel plezier met de lectuur van dit traktaat.

Met een juridische handigheid en extreem biologisch buigwerk zijn twee Nederlandse advocaten tot de conclusie gekomen dat het illegaal is om huiskatten buiten rond te laten lopen. Ze baseren zich daarvoor op artikels uit de Europese Vogel- en Habitatrichtlijnen die zeggen dat alle handelingen die het voortbestaan van bedreigde soorten in het gedrang kunnen brengen, onwettelijk zijn. Omdat ze ervan uitgaan dat huiskatten door het eten van vogeltjes bedreigde soorten in het gedrang kunnen brengen, bestempelen ze het buiten laten van katten door hun eigenaars als een illegale praktijk.

https://www.demorgen.be/nieuws/komt-uw-kat-buiten-dan-overtreedt-hij-europese-regels~b735b8e2/?fbclid=IwAR3q0kbwcnBDhrPU0sUYM6CX2CSO3Skf8cRIenIXWF3HpAe7dMzGiNiz6Uw&utm_campaign=shared_earned&utm_medium=social&utm_source=facebook

Juridische haarkloverij zou je kunnen zeggen, maar daar zijn juristen nu eenmaal goed in. Ze testen de limieten van wat er uit de kokers van de wettenmakers is gekomen. Dat is hun goed recht. Het naar hun hand zetten van elementaire biologische regels is dat minder.

Een aantal jaren geleden heb ik op vraag van de Vlaamse administratie voor Dierenwelzijn een analyse gemaakt van de impact van de Vlaamse huiskatten op Vlaamse vogelpopulaties. Omdat er geen binnenlandse studies beschikbaar waren, verdiepte ik me in de buitenlandse vakliteratuur (vooral uit Groot-Brittannië en de Verenigde Staten). Ik extrapoleerde de gegevens daaruit naar de ongeveer 2 miljoen huiskatten in Vlaanderen. Mijn analyse klokte af op 55 miljoen vogels die elk jaar door Vlaamse huiskatten gevangen worden.

Dat lijkt een gigantisch aantal, maar het probleem is dat niemand zelfs maar bij benadering weet hoeveel vogels er op elk moment in Vlaanderen vertoeven. Vormt die 55 miljoen 0,00001 procent van het totale bestand of 0,1 procent? Het impliceert een wereld van verschil in impact op vogelpopulaties. Maar gezien de stroom van trekvogels die er sommige dagen over ons land trekt – vele miljoenen op één dag – lijkt 55 miljoen stuks op jaarbasis geen bedreiging voor onze vogels te betekenen.

Die stelling wordt gesteund door het gegeven dat de top-drie van in Engeland door katten gevangen vogels gevormd wordt door de huismus, de pimpelmees en de merel. Alvast de laatste twee lijken het de jongste tijd goed te doen, mede door het feit dat veel mensen hun tuinen almaar vogelvriendelijker laten worden. Wat huiskatten wegvangen is dan verwaarloosbaar. De impact van de mens op onze vogels is zonder twijfel véél groter: habitatverlies, gebruik van pesticiden (waardoor insectenpopulaties crashen) en chronische vogelliquidaties tijdens de trek eisen een enorme tol.

Vangen huiskatten zeldzame vogels? Dat zal heel af en toe wel eens gebeuren. De kat van een verre buurt bracht vorig jaar een blauwborst mee naar huis, een vrij zeldzaam vogeltje dat het hier in de Waaslandpolders goed doet en duidelijk een populatietoename kent. Dat de kat een blauwborst ving, zegt meer over de blauwborstpopulatie dan over het effect van katten op zeldzame vogels.

Daarenboven hebben alle katten, zoals zo goed als alle dieren, pissebedden en wormen inbegrepen, een individuele persoonlijkheid. Er zijn katten die perfect binnen kunnen blijven en andere die naar buiten moeten. Er zijn designerkatten die gemaakt lijken om de hele tijd in een zetel te liggen, maar die ’s nachts muteren tot gepatenteerde zwervers die kilometers ver van huis gaan. Er zijn katten die nooit jagen en andere die jagen uit gewoonte, zelfs als ze geen honger hebben. Er zijn goede jagers en slechte jagers. Een eventuele verplichting om huiskatten permanent binnen te houden zal veel kattenleed veroorzaken. De asielen kunnen de toestroom nu al niet meer aan – de campagnes tot verplichte sterilisatie van katten moeten hun effect nog hebben.

Zwerfkatten zijn een ander verhaal. Ik zou durven pleiten voor maatregelen om problematische zwerfkatten op zijn minst lokaal te elimineren. Zwerfkatten kunnen een probleem vormen voor zeldzame vogels, zoals weidevogels die op de grond broeden. Zwerfkatten moeten goed kunnen jagen om te overleven. Ze kunnen niet overal profiteren van goed menende, maar fout geïnspireerde bijvoederacties. Die kunnen trouwens onverwachte neveneffecten hebben. Ik hoorde gisteren een verhaal over vadsige vossen in een Vlaams stadspark die zoveel katteneten vinden dat ze niet meer moeten jagen.

Het veelgehoorde verhaal dat Australië drastisch tegen katten gaat optreden, heeft veel meer te maken met verwilderde katten dan met huiskatten. Australië is vergeven van de zwerfkatten die zelfs geen enkele link naar menselijke activiteit meer hebben. Ze zijn pas enkele honderden jaren geleden met blanke kolonisten op het continent toegekomen. In Australië wemelt het van de al dan niet zeldzame diersoorten die nooit iets als een katachtige predator hebben gekend. Veel zeldzame vogels, vooral op eilanden, kunnen zelfs niet of amper vliegen. Als daar katten terechtgekomen, en het gebeurt, is de ravage niet te overzien. Het is begrijpelijk dat de Australische autoriteiten een grote verdelgingsactie van verwilderde katten plannen. Anders dreigen ze veel zeldzame inheemse dieren kwijt te spelen.

Mogen wij onze huiskatten dan hun gang laten gaan? Voor mij mag de populatie beduidend verminderen. Twee miljoen beesten van katkaliber op een kleine oppervlakte als Vlaanderen is van het goede te veel. De sterilisatiecampagnes zullen hier hopelijk hun werk doen. Maar mensen gaan bestraffen omdat ze hun huiskat buiten laten lopen, is meer dan een brug te ver. In de biologische logica vormen huiskatten bij ons geen bedreiging voor zeldzame dieren, waardoor hun buitenactiviteit niet onder de regelgeving van de Europese Vogel- en Habitatrichtlijnen valt. Geen enkele jurist gaat dat hard kunnen maken in een rechtbank. Ondertussen is er veel paniek en onrust gezaaid in de wereld van kattenliefhebbers. Als dat de bedoeling was, is de missie geslaagd.

Dirk Draulans – 29.11.2019 – Facebook

Een kommetje vol

Dat melkmuiltje
zit hier,
met zijn zwart smoeltje
en fluoriderende oogjes,
te smeken om melk,
en als ik
nu ook nog
een kusje mag,
krijgt hij
een kommetje vol.

Micheline Baetens – 30.10.2018