THERAPIE: De ouderenpsycholoog

‘Tot op je sterfbed vasthouden aan je grote gelijk is voor sukkelaars’

Sterf je met het gevoel dat je leven vervuld is, of dat je het verspild hebt? ‘Vaak moet ik mensen helpen om zichzelf te begrijpen en zo het zelfverwijt op te heffen’, zegt ouderenpsycholoog Luc Van de Ven, dezer dagen te zien in het tv-programma Therapie.

De Standaard – 30.03.2019 – Eva Berghmans

Of ze nu met een depressie, vage angsten of een verslaving bij hem aankloppen, de meeste mensen die ouderenpsycholoog Luc Van de Ven in zijn spreekruimte ontvangt, komen zonder het te beseffen voor een ‘life review’, een recensie van het eigen leven en van zichzelf. ‘Vanaf 70 kijken mensen terug op hoe ze de dingen aangepakt hebben’, zegt Van de Ven, zelf 65, maar consequent sprekend over ‘ouderen’, alsof het een leeftijdsgroep is die hij met een zekere afstand bestudeert. ‘Ze zouden willen dat ze anders waren omgegaan met hun kinderen of partner, dat ze niet in conflict waren geraakt met hun dochter die per se met een ongeschikte man wou trouwen. Ze weten dat ik de klok niet kan terugdraaien, maar ze willen af van de storende emoties die hun verleden bij hen oproept. De zaak is al half gewonnen als mensen beseffen dat ze moeten komen praten over wat hen dwarszit. Veel ouderen herkennen hun gevoelens van spijt of schuld niet. Die gevoelens kunnen dan leiden tot vage angsten, die mensen proberen remediëren met kalmeermiddelen of alcohol. Dan creëren ze een nieuw probleem.’

Welke negatieve emoties zitten mensen het meest in de weg?

‘Bij de ene overheerst spijt, dat is een negatief gevoel over dingen die iemand overkomen zijn. Spijt kan er zijn om gemiste kansen bijvoorbeeld. Bij anderen speelt dan weer vooral schuldgevoel, dan gaat het over wat je zelf hebt aangericht.’
Hoe kunt u gevoelens van spijt om een gemiste kans nog rechttrekken, als mensen niet meer de leeftijd hebben om nog andere kansen te grijpen?

‘Spijt mag niet ontaarden in agressieve beschuldiging, dan word je bitter. Je hebt mensen die gemakkelijk klagen en zagen, en altijd maar de anderen met de vinger wijzen. Zolang mensen blijven hangen in “waarom doet hij/zij me dit aan?”, raken ze geen stap vooruit. Ik probeer mensen te laten nadenken over hun eigen aandeel en attitude. Dat ze zich afvragen waarom ze het bijvoorbeeld toegelaten hebben, waarom ze er zo erg onder lijden, waarom ze niet anders omgaan met wat hen overkomt.
Mensen moeten het jammeren overstijgen. Aan de anderen kun je niets veranderen, aan jezelf wel.’

De generatie mensen die bij u aanklopt, is opgegroeid in een tijdperk waarin de eigen noden en verlangens nog erg ondergeschikt gemaakt werden aan sociale verplichtingen. Is het dan niet logisch dat sommige mensen enigszins bitter op hun leven terugkijken?

‘Het is niet omdat mensen hun leven voor een groot stuk ten dienste van anderen gesteld hebben, dat ze per se bitter zijn. Er zijn voor de anderen is voor veel mensen een belangrijke waarde, die hen vervult. Als het een opoffering wordt, is het natuurlijk iets anders. Veel vrouwen van de naoorlogse generatie, die hun leven ten dienste hebben gesteld van man en kinderen, ervaren spijt, omdat ze verwachten iets terug te zullen krijgen voor hun opofferingen. Zo werkt het natuurlijk niet. Volwassen kinderen hebben hun agenda, moeten hun leven uitbouwen. Geen enkel kind heeft erom gevraagd geboren te worden. Jij hebt kinderen gewild, en je moet voor hen zorgen. En het is leuk als ze nadien iets teruggeven, maar je moet dat niet willen of eisen. Het is zoals het is. Relaties zijn zoals ze zijn.’

Kunt u zo’n vrouw helpen om het gevoel te krijgen dat het niet allemaal voor niets is geweest, dat haar opoffering tot tevredenheid leidt?

‘Met die cliënten ga ik op zoek naar de positieve dingen, in het verleden en in het nu. En we zoeken uit welke waarden nog altijd voor hen gelden. Ook al ben je tachtig, je hebt dingen waarvoor je wilt gaan, en die je nog altijd kunt bereiken. Een rol spelen in het leven van kleinkinderen en achterkleinkinderen kan zoiets zijn. Dat kan ook zijn: met vrienden en vriendinnen dingen doen en elkaar ondersteunen. Mensen die niet meer zien hoe ze het leven kunnen leiden dat ze willen, geef ik geregeld opdrachten. Dat zijn vaak heel concrete dingen – gaan fietsen met vrienden, opnieuw naar het voetbal gaan kijken, vrijwilligerswerk doen. Je moet mensen uit hun comfortzone duwen, maar niet zo ver dat ze faalangst krijgen, en zich schuldig gaan voelen over het eigen gebrek aan daadkracht. Zodra mensen voelen dat niet alles negatief is, dat ze best in staat zijn om dingen te ondernemen, is de eerste stap gezet.’

‘Het leven van iemand die in de jaren 50 is opgegroeid, moet je ook niet bekijken met de bril van 2019. Tegen een vrouw die spijt heeft omdat ze niet gestudeerd heeft, hoewel ze even slim was als haar broer, moet je niet zeggen dat ze maar op haar strepen had moeten staan. Een vrouw die niet rouwt om haar overleden man, en bedenkt dat ze beter 40 jaar eerder gescheiden was, moet je helpen om haar verhaal in de bredere context te zien. In die zin moet ik die vrouw ontschuldigen: zeggen dat het niet simpel was om weg te gaan, haar erop wijzen dat ze vier kinderen hadden, en dat het haar ook siert dat ze die in een intact gezin heeft opgevoed. Vaak help ik mensen om zichzelf te begrijpen, en zo het zelfverwijt op te heffen.’

Kunt u ook mensen die schade aangericht hebben en zich schuldig voelen, helpen op een andere manier naar hun eigen verhaal te kijken?

‘Ja, ook hen kan ik helpen ontschuldigen door te kijken naar de context en naar de positieve dingen in hun leven. Soms hebben mensen anderen, zoals hun kinderen, echt kwaad gedaan, of hebben ze zo hard vastgehouden aan hun eigen grote gelijk dat ze al 50 jaar in onmin leven met anderen. Dan heb je de anderen ook nodig om in schoonheid af te ronden, finishing well noem ik dat.’

‘Vaak doe ik familiegesprekken – die zul je in het tv-programma Therapie helaas niet te zien krijgen, omdat het te ingewikkeld is om een bureau vol mensen op te nemen. Daarin zoek ik naar een combinatie van erkenning van het lijden van iedereen, en het zoeken naar het positieve. Oude kwetsuren kunnen maar verwerkt worden als ze erkend worden. Als ik me dan in zo’n therapie geconfronteerd zie met een man die zegt: “Het is toch niet aan den ouwe om zijn hand uit te steken?”, dan denk ik: “Gij, sukkelaar”. Als je aan het eind van je leven de verzoening nog altijd niet centraal kunt stellen, omdat je nog liever begraven wordt in je eigen grote gelijk, dan doe je iedereen kwaad, ook jezelf. Let wel: verzoening is niet hetzelfde als vergiffenis. Wie zegt: “Ik vergeef u”, wrijft de andere nog eens in dat hij een fout gemaakt heeft. Waar het om gaat, is opnieuw on speaking terms te ­komen, voorbij de clichés, dat je opnieuw met elkaar kunt omgaan op een persoonlijke manier.’

Zijn er persoonlijkheidskenmerken die maken dat mensen een grotere kans hebben om tevreden te zijn over hun eigen leven?

‘Ja, natuurlijk. Als je flexibel bent, is het makkelijker om met het leven om te gaan dan wanneer je rigide bent. Ook wie van nature angstig is, heeft het moeilijk, omdat je door die angst kansen mist. Iedereen kent daarnaast mensen voor wie het glas altijd halfleeg is. Dat zijn allemaal basiskwaliteiten die in het leven vrij vroeg vastliggen, door je genetische aanleg en de eerste jaren van je leven. De breedte van de plank die je in je levensloop kunt bewandelen, ligt min of meer vast.’

Betekent het dat u fundamenteel weinig voor mensen kan veranderen?

‘Toch wel, want een therapeut wordt geconfronteerd met mensen die niet de volledige breedte van hun plank gebruiken. We moeten eruit halen wat erin zit. Iedereen heeft meer kwaliteiten dan hij of zij, zeker in depressieve of angstige toestand, zelf in de gaten heeft.’

Zijn er parallellen te vinden in de levens van mensen die tevreden terugblikken?

(aarzelt) ‘Goh. Ik kan vaststellen dat ze bestaan, de mensen die tevreden zijn over hun leven. Wat ze dan juist gedaan hebben? Als er één gemene deler is, dan is het dat het mensen zijn die hun intieme relaties – niet alleen met hun partner, maar ook met kinderen, familie, vrienden – positief evalueren.’

‘Wat ook helpt, is dat mensen een vertrouwenspersoon hebben. Met een vertrouwenspersoon bedoel ik: iemand tegen wie je alles kunt vertellen, ook de dingen waarover je je schaamt. Een klankbord dat je nooit verwerpt, maar je wel durft tegen te spreken. Als je in je leven één iemand hebt met wie je in veiligheid kunt praten, sta je sterker tegenover de moeilijkheden van het leven, en relativeer je meer. Je wordt wijzer als je een intimus hebt die je tegenspreekt.’

Luc Van de Ven is een van de therapeuten die een inkijk in hun praktijk geven in het Canvas-programma ‘Therapie’ (woensdag, 21.20 uur).

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.