Het zijn de mensen zoals wij

Mijn grootmoeder zal nog gelijk hebben: “Het moest terug oorlog zijn, dan zouden de mensen wel weer wat contenter worden.”

En inderdaad tijdens zo’n “oorlog” zoals we die nu beleven heb ik de indruk dat het goede en het lieve in de mens terug naar boven komt. Als ik zie wat er op die paar weken allemaal op poten is gezet, kan ik niet anders dan mijn grootmoeder gelijk geven.

Of is het misschien omdat we wat meer tijd hebben, minder opgejaagd zijn? Of minder afgeleid zijn en enkel met het essentiële  bezig zijn: onze gezondheid en ons welzijn, in plaats met onze welvaart en steeds meer en beter willen hebben.

Genoeg eten en drinken in huis, veilig thuis zitten, minder hard werken en presteren, en oplossingen zoeken voor de nieuwe en hopelijk tijdelijke toestand. In elk geval ik vind dat we het met zijn allen niet slecht doen. Zelfs onze politici lijken creatief en behulpzaam.

We beseffen nu ook welke mensen we eigenlijk het meest nodig hebben in onze maatschappij, en dat het niet enkel de bollebozen en allesweters zijn die deze wereld recht houden, maar dat het vooral zij zijn die de handen uit de kunnen mouwen steken om voor ons te zorgen, zelfs in een crisissituatie.

Het zijn de gewone mensen, waartussen we dag in dag uit leven, “het zijn de mensen zoals wij, zoals hij zoals ik, zoals jij”  zoals het in het liedje van Zjef Vanuytsel gaat.

Wie zijn ze

als ze jong zijn dan dromen ze van liefde in’t goud
van een wereld die mooi is die nooit werd gebouwd
ze hebben nog hopen idealen en illusies
want ze lezen nog geen krant en ze kennen nog geen ruzies
ze voelen nog geen pijn want de dood is nog ver
hun liefde is nog rein als de zon of een ster
de meisjes dromen van een mooie frisse knaap
zonder kromme benen en poëtische praat
de jongen zijn nog braafjes en ze kunnen nog behagen
want z’hebben nog geen haat en geen wapen leren dragen

wie zijn ze, wie zijn ze
je zult ze wel kennen
wie zijn ze, wie zijn ze
het zijn de mensen zoals wij, zoals hij
zoals ik, zoals jij

maar ze worden dan wat ouder en ze staren zich blind
op hun vrouw, hun atuo, hun enig kind
of z’hebben hun grootste idealen laten varen
want ze gaan nu kapitaal en prestige vergaren
ze voelen nog geen pijn want de drank is besteld
hun liefde is wel koud maar ja die koop je met geld
de vrouwen dromen van een ouder exemplaar
met een testamentje en mooie grijze haar
de mannetjes zijn kalmer maar ze kunnen nog behagen
want z’hebben nu hun centjes, hun naam of hun wagen

wie zijn ze, wie zijn ze
je zult ze wel kennen
wie zijn ze, wie zijn ze
het zijn de mensen zoals wij, zoals hij
zoals ik, zoals jij

en dan zijn ze oud en hun huid is versleten
want er waren zoveel dingen die ze toen zijn vergeten
er zijn nu middelen om hun pijn te verjagen
want z’hebben al veel te veel vrienden begraven
ze voelen zich nu rot want de dood is dichtbij
hun liefde is wel koud maar ja de pret is toch voorbij
de vrouwtjes zijn nu stil en bidden elke dag
en denken aan’t pensioentje en de steen op hun graf
de mannetjes zijn kalmer en denken aan die dagen
en aan hun oude liefjes en hun oude heldendaden

wie zijn ze, wie zijn ze
je zult ze wel kennen
wie zijn ze, wie zijn ze
het zijn de mensen zoals wij, zoals hij
zoals ik, zoals jij

 

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *