Haasje over?

De haas is het haasje

De populatie van de hazen slinkt: er zijn ongrijpbare stropersbendes actief. ‘Maar maaimachines doen hen nog veel meer kwaad.’

Een haas levert per exemplaar zowat 10 euro op.

BRUSSEL – We zitten volop in het wildseizoen. Op de kaart verschijnt al eens een bereiding van haas (Lepus europaeus). Of daar veel inlandse exemplaren tussen zitten, is twijfelachtig. Het bestand van de snelvoetige langoor daalt in Vlaanderen, maar ook in de rest van Europa. Op de Rode Lijst krijgt hij de classificatie ‘bijna in gevaar’. Dat het hazen­bestand slinkt, weten we niet uit tellingen, wel uit de aantallen die door jagers geschoten worden. In 2007 werden er nog 54.392 geregistreerd, terwijl dat in 2016 teruggelopen was naar 39.432.

Stefan Vandevenne zag als conservator van het Hellebos-Rotbos in Kampenhout de hazenpopulatie decimeren. ‘Vroeger zag ik op een wandeling nabij het Hellebos makkelijk tien exemplaren. Nu bijna geen meer.’

Makkelijke prooi

Recente meldingen van nachtelijke stroperij – schoten, lichtstralen – in de buurt, doen hem besluiten dat de illegale jacht mee verantwoordelijk is voor de slachting onder de hazen. Het gaat om goed georganiseerde bendes met terreinwagens, nachtkijkers, geluidsdempers. ‘Ze zijn haast niet op heterdaad te betrappen. Als de politie ter plaatse komt, zijn ze ’m al gesmeerd. Je kunt toch moeilijk je bed in het veld opmaken?’

Dat de haas geliefd is bij stropers, is geen toeval. Hij is relatief eenvoudig te schieten. Steek een grote lamp aan ’s nachts en de beesten steken hun kop omhoog, waardoor ze een makkelijke prooi vormen. Per exemplaar kunnen ze er zowat 10 euro voor vragen.

In 2017 werden de polders opgeschrikt door Britten die er neerstreken om er met windhonden op hazen te jagen. De jacht wordt gefilmd en live op het internet uit­gezonden, zodat Britten erop kunnen gokken. Dat is een illegale praktijk in het Verenigd Koninkrijk, vandaar de uitwijking naar Vlaanderen. Een in Sint-Laureins betrapte groep werd veroordeeld en sindsdien is het stil geworden rond het fenomeen.

Jeroen Vits kan ervan meespreken. Zijn Wild­beheereenheid (WBE) tussen Voer en IJse (Vlaams-Brabant) was betrokken bij een studie naar hazen op drie plaatsen in Vlaanderen. Ze stelden vast dat in het voorjaar gemerkte hazen in het najaar nergens meer te bespeuren waren. De populatie was ook oud. ‘Allemaal tekenen dat er gestroopt werd’, zegt Vits. Eén bende werd met de hulp van infraroodcamera’s gevat. ‘Zware jongens, kregen we van de politie te horen.’

Onkruidhoekjes

Toch schrijven onderzoekers de achteruitgang van de haas niet zozeer aan de stroperij toe. ‘Stropers kunnen in één dag lokaal een populatie een serieuze klap toebrengen, maar op Vlaamse schaal is hun impact beperkt’, zegt Thomas Scheppers van het Instituut voor Natuur en Bosonderzoek (Inbo). Voor de redenen van de terugval moeten we veeleer naar de intensieve landbouw kijken.’ De haas houdt van akkers en velden, maar de moderne landbouw­methodes zijn niet lief voor de viervoeter. De haas is kwetsbaar voor maaimachines, vooral omdat hij geen hol graaft zoals het konijn, maar een ondiep leger. De kleine landschapselementen en de onkruidhoekjes waarin hij zich goed voelt, zijn verdwenen. Kortom: zijn leefgebied en zijn voedselbronnen zijn gekrompen.

De keerzijde daarvan is dat investeren in een ‘oud’ landschap loont. Dat stelden Vits en de WBE vast. Ze legden in samenwerking met enkele landbouwers hagen, houtkanten en bosjes aan. Gevolg: het aantal hazen gaat daar opnieuw de hoogte in. ‘We doen nog meer. Bijvoederen in de winter en hondeneigenaars erop attent maken dat ze hun huisdier aan de leiband moeten houden.’

Stropers hebben het alvast moeilijker om hun waar te gelde te maken, met dank aan de verstrengde regels inzake voedsel­veiligheid. Vóór wild in de handel komt, moet het naar een erkend bewerkingsbedrijf voor een gezondheidsonderzoek door een dierenarts.

Een jager of stroper kan zijn vangst niet zomaar aan een restaurant of winkel kwijt. Dat is nog een reden waarom je de Vlaamse haas wellicht niet snel op je bord zult aantreffen. ‘Er zijn nog amper opkopers’, zegt Vits. ‘Onze jagersgroep verkoopt geen hazen meer die voor restaurants bedoeld zijn.’

De Standaard – 17.11.2019 – Tom Ysebaert

En toch heb ik mijn bedenkingen bij dit artikel. Er is veel minder landbouw en dus zou ik het niet op de maaimachines en de landbouw steken, maar eerder op het betonneren van de natuur en het feit dat elk plekje open ruimte, en dus ook elk terreintje waar de haas zich zou kunnen nestelen, steeds schaarser en schaarser wordt. Ook voor andere dieren is dat trouwens zo.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *