Lentevreugde

Vandaag begint de lente écht, en alles staat er met zijn goesting bij in de tuin. De hommels zijn ook content en uit het nestkastje piept een eerste pimpelmeesje, dat blijkbaar al op huizenjacht is.

Het lentepunt is op een geocentrische hemelbol een van de twee snijpunten van de baan van de zon met de hemelevenaar. Het is de oorsprong van zowel het equatoriale coördinatenstelsel als het ecliptische coördinatenstelsel. Tijdens de maartequinox, die valt rond 21 maart, gaat de Zon door het lentepunt. Wikipedia

Vanmorgen een tuin inspectie gehouden en alle fruitbomen en bessenstruiken staan in knop. Gelukkig hangt aan sommige nog een etiket, want ik weet op den duur niet meer wat ik al allemaal geplant heb. Zo is er de Lonicera, ook honingbes genoemd, die ik herontdekt heb.

LONICERA CAERULEA ‘KAMTSCHATICA’
BLAUWE HONINGBES , HONINGBES, MEIBES, JUNIBES, SIBERISCHE BOSBES

Lonicera caerulea ”kamtschatica”, in het nederlands vaak blauwe honingbes of meibes genoemd, is een kleine tot middelgrote bladverliezende struik met ovale tot lancetvormige grijsgroene bladeren . De lonicera caerulea ”kamtschatica” bloeit reeds zeer vroeg (maart, april) met onopvallende kleine, witte tot geelwitte, lichtgeurende bloempjes, later in mei gevolgd door blauwzwarte ovale eetbare vruchten die rijk aan vitamine b en c zijn. Deze struik houdt van een standplaats in de halfschaduw of volle zon en een goed doorlaatbare, licht vochtige bodem. Hij is gezien zijn siberische afkomst zeer winterhard al kan late lentevorst (> 10°c ) de vroege bloesems schade berokkenen. Honingbes is verder niet echt droogtetolerant, heeft nood aan een goede kruisbestuiver in zijn buurt, verdraagt redelijk zeewind en luchtvervuiling.

Eigenlijk is de struik familie van de kamperfoelie, een meestal klimmende sierstruik, die vooral ’s avonds heerlijk geurt.

Het tuinplezier kan van start gaan, en elke dag zal er wel weer iets nieuws te ontdekken vallen. Voor wie goed kijkt, is de natuur voortdurend in “beweging”, en ook al zorgt het weer af en toe voor spelbreker, er zal wel altijd iets zijn dat onze lentevreugde vergroot.

Dag van de zorg

“Evenmin als men de ogen zonder het hoofd of het hoofd zonder het lichaam moet proberen te genezen, net zo min moet men het lichaam willen genezen zonder de ziel.” Socrates (469-399)

Wreed wijs van Socrates, ons hoofd staat tenslotte op ons lichaam, en bovendien wordt van daaruit al onze handel en wandel gestuurd.

Dit jaar tijdens de “Dag van de zorg” was er extra aandacht voor ons brein en onze geestelijke gezondheid. Onderstaand artikel illustreert dat er nog veel misvattingen en fabels bestaan over psychische aandoeningen en o.a. depressie.

Een depressie is de ziel die ziek is. Wanneer iemand zegt dat hij een periode van verschillende weken en/of maanden nergens nog zin in heeft en dat de treurige gevoelens en het gevoel van leegheid blijven duren, dan lijdt deze persoon waarschijnlijk aan een depressie. Niets interesseert hem nog. Hij denkt in die periode alleen nog maar aan negatieve zaken. Zijn hele bestaan lijkt beheerst te worden door die somberheid. Een depressie is dus een langdurige aandoening.

Maar liefst 20 procent van de vrouwen en 10 procent van de mannen krijgen ooit in hun leven met een vorm van depressie te maken.

Voedingssupplementen beschermen niet tegen depressie
EOS – Wetenschap – Psyche & Brein

Het dagelijks slikken van voedingssupplementen vermindert de kans op het ontwikkelen van een depressie niet.

Voedingssupplementen beschermen niet tegen het ontwikkelen van een depressie bij mensen met een verhoogd risico. Ook helpt het niet om in een therapie te gaan die zich focust op gezond eten. Dat blijkt uit onderzoek van onder meer wetenschappers van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Het onderzoeksteam wilde weten hoe je het risico op een depressie kunt verminderen. Daarvoor onderzochten ze twee strategieën: het slikken van voedingssupplementen en een therapie die zich richt op een gezond voedingspatroon. Ze onderzochten ook of een combinatie van die twee een effect had. Naar de relatie tussen voeding en depressie wordt veel onderzoek gedaan. Uit eerdere onderzoeken bleek bijvoorbeeld dat gezond eten de psychische gezondheid bevordert.

Ruim 1000 vrijwilligers uit Nederland, Spanje, het Verenigd Koningrijk en Duitsland namen deel aan het onderzoek. Alle deelnemers hadden overgewicht en eerder al eens een depressie gehad. Wie al eens last had van een depressie, heeft een grotere kans er opnieuw een te krijgen.

De deelnemers werden willekeurig in vier groepen ingedeeld. Een eerste groep kreeg zowel de voedingssupplementen als de therapie. Een tweede groep kreeg de supplementen maar geen therapie. De derde groep kreeg in plaatst van supplementen placebo’s, en therapie. En de laatste groep kreeg placebo’s en geen therapie. De vrijwilligers namen de supplementen of placebo’s dagelijks gedurende één jaar. In de supplementen zaten omega-3-verzuren, selenium, foliumzuur, vitamine D3 en calcium. De therapie werd ook voor een jaar gevolgd en bestond uit 21 sessies. Na twaalf maanden werden de deelnemers opnieuw getest op depressieve symptomen.

Na twaalf maanden bleek tien procent van de deelnemers die placebo’s slikten en geen therapie kregen een depressie te hebben ontwikkeld. Ook tien procent van de deelnemers die wel in therapie waren en placebo’s kregen, kreeg opnieuw te kampen met een depressie. In de groep met de voedingssupplementen en zonder therapie, kreeg twaalf procent een depressie en van de deelnemers die zowel de supplementen als de therapie kregen, ontwikkelde negen procent een depressie.

De wetenschappers concluderen hieruit dat beide interventies de kans op nog een depressie niet verminderen. In ieder geval niet als je ze voor twaalf maanden toepast.

Een depressie is de ziel die ziek is. Wanneer iemand zegt dat hij een periode van verschillende weken en/of maanden nergens nog zin in heeft en dat de treurige gevoelens en het gevoel van leegheid blijven duren, dan lijdt deze persoon waarschijnlijk aan een depressie. Niets interesseert hem nog. Hij denkt in die periode alleen nog maar aan negatieve zaken. Zijn hele bestaan lijkt beheerst te worden door die somberheid. Een depressie is dus een langdurige aandoening.

Maar liefst 20 procent van de vrouwen en 10 procent van de mannen krijgen ooit in hun leven met een vorm van depressie te maken.

Taboe or not taboe?

“Hou je bek en bef me!”: feminisme of verruwing?

François Levrau – Opiniestuk – Liberales

De Nederlandse zangeres en actrice Merol heeft een nieuw lied, ‘Hou je bek en bef me’. In een interview laat ze weten dat ze zich bewust is van het feit dat de tekst wat expliciet is, maar ze ziet er geen graten in, wel integendeel.

Ze geeft aan van directe teksten te houden, niet te begrijpen waarom seksualiteit zo in de taboesfeer moet zitten en wil (mede door dit liedje) bijdragen aan de emancipatie van de vrouw. Dat ze door haar tekst is terecht gekomen in ‘Dag Allemaal’ ziet ze als een droom die uitkomt. De zangeres deelt ook mee dat een tekst als ‘Hou je bek en pijp me’ even niet kan. Er is immers volgens haar ook qua lyrics ‘positieve discriminatie’ nodig. In het korte interview rakelt Merol veel zaken op die het verdienen wat te worden genuanceerd.

Taboe

Laat me eerst iets zeggen over het taboe. Voor de primitieve mens was het taboe een elementaire manier om een zekere orde en structuur op te leggen aan die voor hem onbegrijpelijke, onherbergzame en onvoorspelbare wereld. Bepaalde zaken waren taboe, andere niet en dat meestal in functie van wat de eigen overleving en die van de eigen groep in gevaar kon brengen. Wie toch in aanraking kwam met het ‘getaboeëerde object/persoon’ of wie toch een ‘getaboeëerde handeling’ had gesteld, was bezoedeld en moest daarom gereinigd worden. Die reiniging gebeurde aan de hand van magie – gewoonlijk een aantal rituele handelingen of bezwerende formules. Wie vaak contact had met het taboe maar desondanks bleef leven werd beschouwd als iemand die over bijzondere krachten beschikte. Tovenaars en heksen waren personen die het taboe overstegen – het is geen toeval dat er in toverboeken en heksenboeken veel objecten aanwezig zijn waarop een taboe rust, zoals ongedierte, bloed, haar/nagels van lijken. Zo beschouwd ging het taboe samen met een tremendum (men was er bang voor en men zocht het contact niet moedwillig op) en een fascinans (aantrekking of bewondering voor wie het oversteeg). Ook nu zijn er nog steeds taboes en tovenaars aanwezig. Denk aan Philippe Geubels die een tijdje terug tijdens zijn tv programma ‘Taboe’ datgene deed wat eigenlijk niemand doet of durft, namelijk openlijk de spot drijven met kwetsbare groepen, zoals mensen die terminaal zijn, mensen die in armoede leven, mensen met een handicap. Dat hij dat deed in het bijzijn van die mensen en daarmee ook weg kwam, fascineerde Vlaanderen (het programma was een groot succes). Geubels had als een soort tovenaar het taboe overstegen. Hetzelfde kan gedacht worden over Merol, zij doet immers wat de meeste mensen niet doen/durven, namelijk een taboe doorbreken, in dit geval als vrouw seksueel getinte taal gebruiken. In die zin valt het succes en de commotie rond Merols lied goed te begrijpen – het is een tovenares, of, voor wie het negatiever ziet: een heks.

Merol geeft aan versteld te staan van de vele ‘preutse reacties’ die ze heeft gekregen. Ze lijkt het te betreuren dat seksualiteit in de taboesfeer zit. Er is nochtans niks fout met het behoud van het taboe – sterker nog, in het taboe ligt net een groot stuk van de aantrekking (lees: de fascinans) van de erotiek. Als alles werkelijk open en bloot mag gezegd en getoond worden, dan verwordt de seksualiteit tot wat het volgens Merol blijkbaar in essentie is, namelijk een basisbehoefte die zo af en toe moet bevredigd worden (‘Ik heb zin, kom, bef me nu maar gewoon eventjes.’). Natuurlijk doen mensen aan seks, maar mensen gaan ook naar het toilet, zweten en laten boeren. Misschien moeten we dan ook maar het taboe dat daarmee samenhangt laten varen, want het is toch allemaal ‘des mensen’? Waarom ons fatsoeneren en ons verontschuldigen voor een oprisping – iedereen heeft er toch wel eens last van, toch? Waarover maken we ons druk?

Hoewel taboes tijdruimtelijk zijn bepaald en dus kunnen veranderen zijn ze wel nodig omdat ze meebepalend zijn voor de orde en de beschaving van een samenleving. Die beschaving kan veranderen of zelfs verdwijnen in de mate dat bepaalde taboes worden geassumeerd. De vraag is dus of het wenselijk is dat we op de radio voortdurend liedjes zouden te horen krijgen met daarin expliciete teksten. Natuurlijk is dat al bezig – veel Engelstalige liederen zouden wellicht niet gespeeld worden indien ze zouden vertaald worden naar het Nederlands. Maar opnieuw, is dat wenselijk en moet het een strijdpunt van feministen zijn?

Positieve discriminatie?!

Ik ben de laatste om te ontkennen dat vrouwen op heel wat fronten worden achtergesteld en dat er gendergelijkheid moet worden nagestreefd, maar Merol lijkt me op een verkeerd element te focussen. Ze geeft aan dat vrouwen blijkbaar minder bedreven zijn in het schrijven van expliciete teksten en meent dat er een soort inhaalbeweging nodig is – het ‘Kom hier en pijp me!’ moet volgens haar even on hold gezet worden daar het vanaf nu tijd is voor het ‘Kom hier en bef me!’. Positieve discriminatie, zo noemt ze het. Niet alles moet echter uit naam van gendergelijkheid geëgaliseerd worden. De vraag waarover het moet gaan is of het een goede zaak is dat seksualiteit volledig uit de taboesfeer komt en dat het dan via allerhande radioliedjes op een expliciete wijze aan de man/vrouw wordt gebracht. Ik meen van niet. Vrouwen moeten zich wat dat betreft niet benadeeld voelen, maar kunnen misschien een voorbeeldfunctie aannemen – kijk, muziek kan blijkbaar ook nog steeds zonder expliciete teksten en pikante videoclips. Natuurlijk pleit ik niet zomaar voor censuur en natuurlijk moet er dus niet op de tekstuele/visuele rem worden gestaan, maar de idee van een ‘inhaalbeweging’ inzake de productie van expliciete teksten en clips door vrouwen lijkt me vreemd. Ik meen dat er wereldwijd wat vrouwenemancipatie en -gelijkheid betreft ander en belangrijker werk te verrichten valt. De aanmoediging tot meer expliciteit lijkt me om minstens tweeërlei redenen funest.

Kama sutra?

Ten eerste leidt het tot seksuele verschraling. De expliciete taal zal wellicht goedgepraat worden middels een verwijzing naar assertiviteit en seksuele bevrijding – kinderen moeten volgens Merol leren wat beffen is – maar volgens mij wordt de seksualiteit daardoor niet bevrijd, eerder wordt ze erdoor beperkt. Net zoals de pottenbakker zijn vaas creëert rond een leegte, zo ook ontleent de seksualiteit haar uniek karakter aan de fantasie, het geheim waarrond zich dan een (persoonlijke) cultuur kan ontwikkelen. Wanneer alles (te) open en bloot is, is de fantasie weg en valt er niet veel meer te boetseren, cultiveren en te ontdekken. Want ja, als kinderen moeten leren wat beffen is, dan moet hen misschien ook de Kama Sutra aangeboden worden, want zo weten ze meteen ook hoe de cunnilingus het best wordt gedaan. Zoals gesteld, wat overblijft is de loutere behoefte – ‘Hou je bek en bef me!’ – aangevuld met een zekere ‘know how’. De gebiedende toon van Merol lijkt bovendien een nieuwe seksuele imperatief te indiceren: van het ‘Gij niet!’ naar het ‘Geniet!’ Het genot is geen verbod, maar lijkt eerder een gebod.

Fatsoen

Ten tweede gaat het niet enkel om het ‘Bef me!’, maar ook om het ‘Hou je bek!’. De traversering van het seksuele taboe gaat blijkbaar samen met een traversering van collectieve richtsnoeren van talig fatsoen. Het seksuele bevrijdingsdiscours lijkt hand in hand te gaan met de idee dat men overal en altijd vooral zichzelf moet kunnen zijn en dus moet kunnen opkomen voor zichzelf. Hoe zelfbewuster men is, hoe meer men zijn ongezouten mening kan geven, hoe beter en hoe meer ontzag iemand verkrijgt. Deze mondigheid, dit op je strepen kunnen staan, lijkt een moderne deugd. Onder het mom van assertiviteit lijkt te worden gesteld dan men zichzelf tot het centrum van de wereld hoort te maken. Dat geldt ook voor de vrouw die, wil ze erbij horen, toch maar best een beetje een ‘bitch’ moet zijn die dan op een ‘zelfbewuste’ wijze haar seksualiteit opeist. De onomwonden geseksualiseerde taal en de verruwing (die het wellicht ook in de hand werkt), heeft volgens mij niet zoveel met feminisme te maken. Het lijkt eerder een levensstijl te zijn die het vandaag goed doet.

Het lijkt me bovendien ook zo te zijn dat vrouwen vandaag veel meer mogelijkheden hebben tot seksualiteit en het is wellicht deze mogelijkheid/macht die in de lyrics van Merol wordt weerspiegeld. Vrouwen zijn niet passief, maar net zo actief als mannen. Daar is vanzelfsprekend niks mis mee; ik betreur alleen dat die seksuele bevrijding samengaat met een cultuur van zelfexpressie waarbij de directheid hoger wordt ingeschat dan de zin voor decorum waarop beleefdheid en respect stoelen. Het doet me denken aan diegene die met zijn voeten/schoenen op de bank in de bus ligt en wie hem daarover aanspreekt antwoordt: ‘Hou je bek; ik ben tenminste mezelf en niet schijnheilig en leg dus gewoon mijn vermoeide benen op de bank.’ Wanneer het ‘ik’ centraal staat, dan zijn ‘mondigheid’, ‘assertiviteit’ en ‘het opkomen voor jezelf’ kwaliteiten die inderdaad handig zijn. ‘Hou je bek, het gaat om mij… ik wil dat je me pijpt of beft!’, zoiets dus… Wie echter voortdurend opkomt voor zichzelf en meent sociale conventies (taboes dus) met de voeten te moeten treden uit naam van authenticiteit, die etaleert daarmee zijn weerstand tegen ‘zelfverbetering’ – denk aan de persoon die zou beslissen dat hij zich niet moet fatsoeneren omdat uiteindelijk iedereen zweet en wel eens een boer laat. Willen we echter zelfrespect en respect voor anderen hoog houden, dan is het belangrijk net niet altijd toe te geven aan de menselijk-al-te-menselijke behoeften.

François Levrau is Doctor Sociale Wetenschappen en als Doctor-Assistent verbonden aan het Centrum Pieter Gillis.

Kinderopvang

Opa en oma zijn er voor de fun, niet om door opgevoed te worden, en het mag zeker geen verplichting zijn, want dat is geen gezonde relatie voor geen van allen.

Oma Els stopte met vaste oppasdag: 'We wilden meer tijd voor onszelf hebben'

Oppassen is voor sommige opa's en oma's bijna een fulltimebaan. Een op de negen zou er liever mee stoppen.

Geplaatst door RTL Nieuws op Donderdag 3 januari 2019

Ideaal zou zijn dat afwisselend één van de ouders zou kunnen stoppen met werken tot het kind schoolgaand is.

Financieel is dat meestal echter niet haalbaar, maar een mens mag dromen en wensen! Ik ben dus destijds wel voltijds huismoeder geworden, maar wij hebben ons inderdaad financieel moeten aanpassen, en dat was niet altijd evident, om nog maar te zwijgen van de commentaar die ik te horen kreeg.

Maar mijn zoon zegt nu toch dat hij minder luxe had als andere kinderen, maar hij wel heel blij is dat hij thuis altijd met zijn vriendjes heeft kunnen spelen en zijn goesting heeft kunnen doen.

Noch mijn ouders, noch mijn schoonouders hebben ooit voor kinderopvang moeten zorgen, en ik vond dat vanzelfsprekend.

Ik merk toch ook, als ik met vooral vrouwen van mijn leeftijd spreek, dat kleinkinderen opvangen niet altijd een vrije keuze is. Die vrouwen hebben al hun leven lang voor anderen gezorgd, en dat zou wel eens mogen stoppen, zodat ook zij eens aan zichzelf toekomen, net zoals iedereen.

Men zegt wel eens, dat kinderen vlugger zelfstandig en weerbaarder zijn, als ze o.a. naar een kinderkribbe gaan en elke dag vriendjes hebben om mee te spelen.

Maar is dat inderdaad zo? Zal wel licht van kind tot kind afhangen en eerder aan het karakter liggen dan aan de kribbe, denk ik. Er is immers geen één kind hetzelfde. En soms wil een kind ook wel eens alleen spelen, zonder steeds andere mensen om hem heen.

Bovendien is kunnen alleen spelen ook een pluspunt, kinderen moeten niet altijd worden bezig gehouden, want dan vervelen ze zich veel vlugger. Fantasie en creativiteit aanscherpen doe je meestal als kind zelf, zonder dat iets aangeleerd en opgedrongen wordt.

Onze maatschappij is trouwens niet gezinsvriendelijk genoeg, want eerst de economie en dan pas eventueel de rest. Voor mij komt altijd in de eerste plaats het kind, de mens, en diens individuele vrijheid. Je vooral niets laten opdringen en vrije keuzes durven maken, zelfs al rij je tegen de wind in.

Happy cartoon family with two children walking outdoors, vector illustration

Gehaakte kinderwantjes

Patroon gehaakte baby/peuter wantjes zonder duim

De gehaakte wantjes zijn niet voor een kleine baby, missschien zelfs meer voor een peuter.

Gehaakt met haaknaald nr. 5, en een vrij dik garen.

Patroon baby/peuter wantjes:

Begin met een magische cirkel, haak hierin vijf vasten.
Toer 2: Haak in iedere vaste 2 vasten (10 steken)
Toer 3:* Haak een vaste, twee vasten in de volgende vaste* helemaal rond.(15 steken)
Toer 4: *Haak twee vasten, twee vasten in de volgende vaste*herhalen (20 steken)
Toer 5, 6 en 7: 20 vasten haken
Toer 8:*Haak 3 vasten, twee vasten in de volgende vaste*herhalen (25 steken)
Toer 9, 10 en 11: 25 vasten haken
Toer 12: * haak 3 vasten, twee vasten samen haken* herhalen (20 steken)
Toer 13, 14, 15, 16: 20 vasten haken
Toer 17: * haak 2 vasten, twee vasten samen haken* Herhalen (15 steken)
Toer 18: 15 vasten haken

Hierna volgen nog 3 toeren met Reliëfhalfstokjes, voor en achter. Dit doe je door de naald niet in het v’tje bovenop te steken, maar om de steek van de vorige toer. Je kunt dit ook zien op :http://youtu.be/epIP0OCm-iI

Toer 19, 20 en 21: * haak 1 reliefhalfstokje aan de voorkant, en 1 aan de achterkant* haak zo rond.

Afwerken, en klaar. Haak nog een ketting van lossen zodat ze niet kwijt kunnen raken.

1949

Ik heb vandaag een uitnodiging in de bus gekregen om samen met andere Hoeilanders geboren in 1949, onze zeventigste verjaardag te vieren in het cultuurcentrum.

https://nl.wikipedia.org/wiki/Lijst_van_personen_geboren_in_1949

Om de vijf of tien jaar krijgen we zo een uitnodiging toegestuurd, en de eerste keer, toen ik vijftig werd, ben ik er op ingegaan, maar dat was dan meteen ook de laatste keer. Ik heb mij doodverveeld!De Vrienden van 49 noemen ze zich, maar eigenlijk dekt de naam de lading niet, want een vriend of vriendin heb ik er alvast niet tussen zitten, laat staan dat ik mij met de groep verbonden voel, en vermits die ene keer een “misstap” was, ben ik niet geneigd om het mijn favoriete gezelschap te noemen. Het enige wat ik er mee gemeen heb is mijn geboortejaar.

Bovendien ben ik niet geboren in Hoeilaart, er niet naar school geweest, en er enkel komen wonen na mijn huwelijk. En vermits het de bedoeling is om bij zo’n gelegenheden met elkaar vooral over vroeger te praten, en voornamelijk over het dorp en de mensen waartussen je opgroeide en leefde – wat trouwens zeer plezant kan zijn – blijf ik liever thuis.

‘Een reis gaat niet van A naar B, Een reis gaat van A naar A…’ Ofwel, het maakt niet uit waar je naar toe gaat, de reis eindigt altijd waar je begon. In het geval van vakantie zou dat weer thuis zijn. In het geval van het leven, zou dat het niets zijn. Je ontstaat uit het niets, en je gaat naar het niets; de dood.” David van Berlo

Ik heb trouwens onlangs ook vanuit mijn familie een uitnodiging gekregen om de zeventigste verjaardag van een nicht mee te vieren. Dat ga ik ook niet doen, omdat ik mij een vreemde tussen bekenden zal voelen en er eerder nare dan mooie herinneringen zullen naar boven komen.

Ben ik nu een “lastige”? Voorzeker wel, maar dat mag als je zeventig bent!

De enige foto’s die ik van mezelf gevonden hebben als baby. Wellicht genomen tijdens mijn eerste levensjaar en op de arm van mijn moeder, in 1949 dus.

Babysokjes haken

GEHAAKTE BABYSOKJES

BENODIGDHEDEN:
– Haaknaald maat 4,0 mm – 3-draads sokkengaren

MAAT: 3-6 maanden (voetlengte ongeveer 10 cm)
Stekenproef: 6 vasten = 2,5 cm – 7 rijen = 2,5 cm

AANPASSINGEN:
Voor prematuren/pasgeborenen: gebruik een haaknaald maat 3,00mm. In het voetgedeelte sla je de toeren 8 tot 14 over. Je kan ook fijne babywol gebruiken met naald 3,00mm en verder het gewone patroon volgen.

Voor 6-12 maanden: gebruik een haaknaald maat 5,00mm en volg verder het patroon. Voor 3-4 jaar: gebruik een dikker garen (worsted weight) en een grotere haaknaald.

PATROON:

BOVENRAND VAN DE SOK:
Haak 15 lossen.
RIJ 1: 1 vaste in de 2de losse vanaf de naald. 1v in elke losse tot het einde. (14v)
Alle steken in de volgende toeren haak je in de achterste lussen!
RIJ 2 – 28: Haak 1 losse. Keer het werk. 1v in elke vaste. (14v)
RIJ 29 (sluit het werk): Haak RIJ 1 en RIJ 29 met halve vasten aan elkaar.
Keer het werk nu binnenstebuiten.
Met de goede kant naar je toe. Haak 1 losse, haak 29 vasten rondom de schacht die je net hebt gemaakt. Sluit met een halve vaste.

HIEL:
Alle steken zijn weer door beide lussen!
RIJ 1 – 6: Haak 1 losse. Keer het werk. 1v in de volgende 14v. (14v)
RIJ 7: Haak 1 losse. Keer het werk. 1v in de volgende 5v, 2x 2v samenhaken, 1v in de volgende 5v. (12v)
RIJ 8: Haak 1 losse. Keer het werk. 1v in elke v. (12v)
RIJ 9: Haak 1 losse. Keer het werk. 1v in de volgende 4v, 2x 2v samenhaken. Vouw de hiel in twee met de verkeerde kant naar je toe. Haak 1hv in de volgende steek en in de 4de v van deze rij. Doe hetzelfde voor de volgende 3 steken.
Keer de hiel weer terug naar de goede kant.

REST VAN DE SOK:
TOER 1: Met de verkeerde kant naar je toe. Verdeel 9 vasten over de rand van de rijen van de hiel, haak 14v, verdeel 9v over de rand van de rijen van de hiel aan de andere kant. Sluit met een hv. (32v)
TOER 2: Haak 1l, keer het werk. 1v in de volgende 7v, 2x 2v samenhaken, 1v in de volgende 10v, 2x 2v samenhaken, 1v in de volgende 7v. Sluit met een hv. (28v)
TOER 3: Haak 1l, keer het werk. 1v in de volgende 6v, 2x 2v samenhaken, 1v in de volgende 8v, 2x 2v samenhaken, 1v in de volgende 6v. Sluit met een hv. (24v)
TOER 4 – 14: Haak 1l, keer het werk. 1v in elke v. Sluit met een hv. (24v)
TOER 15: Haak 1l, keer het werk. *1v in de volgende 4v, 2v samenhaken*, herhaal van * tot * tot het einde van de toer. Sluit met een hv. (20v)
TOER 16: Haak 1l, keer het werk.1v in elke v. Sluit met een hv. (20v)
TOER 17: Haak 1l, keer het werk. *1v in de volgende 3v, 2v samenhaken*, herhaal van * tot * tot het einde van de toer. Sluit met een hv. (16v)
TOER 18: Haak 1l, keer het werk. * 1v in de volgende 2v, 2v samenhaken*, herhaal van * tot * tot het einde van de toer. Sluit met een hv. (12v)
TOER 19: Haak 1l, keer het werk. *1v in de volgende v, 2v samenhaken*, herhaal van * tot * tot het einde van de toer. Sluit met een hv. (8v)
TOER 20: Haak 1l, keer het werk. 4x 2v samenhaken.

Hecht af en stop de draadjes weg.

Bron: Pinterest

Babysokjes breien

Babysokjes breien met 2 breinaalden en 2 steken

Het patroon

Zet 44 steken op.

Brei 14 toeren gewoon rechts.

Toer 15: brei 17 steken rechts, brei vervolgens nog 11 steken rechts en haal dan steek 10 over steek 11. Op je rechterbreinaald heb je dus nu 27 steken, op je linker breinaald 16.

Draai je breiwerk nu om en brei 9 steken averechts terug, brei steek 10 en 11 samen averechts (dus als 1 steek).

Draai je breiwerk terug om, brei opnieuw 11 steken rechts en haal steek 10 over steek 11.

Draai je breiwerk opnieuw om, brei 9 steken averechts terug, brei steek 10 en 11 samen averechts.

Blijf dit herhalen tot je aan beide kanten nog 10 steken overhoudt: je hebt dan normaal gezien net een rij averechts gebreid en hebt dan op je rechternaald 20 steken staan en op je linker naald 10 steken. Brei nu je naald verder, rechts, uit. Je houdt 30 steken over.Brei nu een volledige naald rechts, een volledige naald averechts, een volledige naald rechts , een volledige naald averechts, naald rechts en tenslotte volledige naald averechts (6 naalden in totaal).

Nu ga je gaatjes breien: brei twee steken samen rechts (dus als 1 steek) en sla dan gewoon de draad rond de naald, brei twee steken samen rechts, draad rond naald slaan, twee steken samen rechts, … tot je aan het eind van je naald komt, dan eindig je gewoon met twee steken samen rechts breien (draad niet meer rond naald slaan). Je hebt nu 29 steken op je naald staan.

Brei nu een volledige naald averechts, een naald rechts, naald averechts, naald rechts (4 naalden in totaal).Nu komt de afwerking: de volgende 6 naalden moet je in boordsteek breien: 2 steken rechts, 2 steken averechts, 2 steken rechts, 2 steken averechts, … tot het einde van je naald. Door het oneven aantal steken op je naald eindig je uiteraard met 1 steek.
De volgende naald moet je juist omgekeerde breien als je vorige naald: als je dus geëindigd bent met b.v. 1 steek rechts dan begin je nu met 1 steek averechts, 2 steken rechts, … tot het einde van je naald (die moet normaal eindigen met 2 steken averechts).

Begin je volgende naald terug met 2 steken rechts, … doe dit tot je in totaal 6 naalden boordsteek gebreid hebt (als je de boordsteek te moeilijk vindt, dan kan je ook gewoon 6 naalden rechts breien).

Tot slot moet je enkel nog je sokje afkanten. Vouw je sokje vervolgens dubbel (goeie kant naar binnen) en naai zijkant en onderkant van je sokje dicht. Draai je sokje binnenstebuiten en doe er nog een lintje door.

Bron: Pinterest

Nog een gemakkelijke voor beginnende breisters.

Waar ik woon

Waar ik woon, in de Vosdellestraat in de wijk Terdelle te Hoeilaart en dus in de druivenstreek, en waar de teloorgang dan de druiventeelt en de uitbreiding van de spoorweg een spoor van verandering hebben nagelaten.

Merkwaardig, in een tijd van klimaatspijbelaars, dat destijds in Hoeilaart en omstreken al alle bomen gekapt werden ten voordele van de industrie en economie. Zo zie je maar, dat elk voordeel zijn nadeel heeft, en elke medaille twee kanten, en het milieu een moeilijk kind is om te verzorgen.

De serres zijn weg, de spoorwegwerken nog niet, en de treinen rijden ook nog altijd niet op vier sporen. Wat begon in 2011, zal pas klaar zijn in 2027, en misschien beleef ik het niet eens…

Ik mag mij dan wel nog altijd meer Overijsenaar dan Hoeilander voelen, maar een Vosdeller ben ik zeker, en zolang de vos hier nog af en toe rondwaard, is het de gezelligste straat van de druivenstreek.

De vos

Ik heb vannacht
de vos gehoord,
en ik wist,
er is hier
nog iets aanwezig
wat niet stuk
te krijgen is,
en dat gaf mij
een veilig gevoel.

Micheline Baetens – 31 maart 2014

Terdelle Brug – het tunneltje: Foto’s Gaston Vanderdood (1920-2001) (Hoeilaart, 1999)


Café ’t Einde of het Fakkeltje: Foto’s Roger Dewit (Hoeilaart, 1999)Terdelle Café ’t Schuurke: Foto’s Gaston Vanderdood (1920-2001) (Hoeilaart, 1981)


Terdelle met serres: Vosdellestraat (Hoeilaart, 1908)

Zicht op de Vosdelle genomen vanop de treinsporen. Alle woningen hier aanwezig bestaan nog weliswaar verbouwd. Geen spoor van een struik toen laat staan een boom. De industrialisatie van de druif en dan meer bepaald die in de vorm van een serre heeft er in die tijd voor gezorgd dat het grootste bewoon en – ontginbare deel van Hoeilaart bijna letterlijk vrijgemaakt werd van bomen. Inderdaad de zon zou en moest vrij spel krijgen op het glazen dorp en de percelen die vrij bleven om te bewerken en te voorzien in groenten voor de dagdagelijkse kost moesten vrij gemaakt worden van schaduw. Het is daarom ook prachtig om het verschil te bekijken tussen “weleer” en “nu”. De woning vooraan hier in de put behoorde toe aan de familie Vanlier en de meest linkse woning werd verhuurd aan één van hun arbeiders Alfons Vanderdood (Fons van Sjappes) die bij brouwerij Vanlier werkzaam was. Hij huwde met Hortensia Van Hole (1887-1963) op 18 februari 1909 en hun kinderen Germaine (1909-1991) en Gaston Vanderdood (1920-2001) werden hier eveneens geboren.

Station Hoeilaart: (Hoeilaart, 1914)

Terdelle brug – Het tunneltje: Foto’s Gaston Vanderdood (1920-2001) (Hoeilaart, 1984)


Terdelle: zicht vanop de brug en station van Hoeilaart (Hoeilaart, 1910)



Station Hoeilaart: Foto’s Gaston Vanderdood (1920-2001) (Hoeilaart, 1984)


Station Hoeilaart: Duitse officieren aan het station (Hoeilaart, 1915)


Bron: hoeilaart.weleer.be